Generatie Alles: Designerdrugs

Psychonauten en extase-jagers

Moleculenjagers worden ze genoemd: jongeren die letterlijk en figuurlijk op zoek zijn naar de ‘nieuwste snufjes’ op drugsgebied. De markt voor zogenaamde designerdrugs groeit enorm. Legaal maar onzichtbaar experimenteren groepjes jongeren er op los.

‘Wie niet weg is, is aan drugs’, roept een meisje gekscherend. In een huisje aan het spoor in Haarlem liggen vijf jongeren op een vliering bekleed met dik, hoogpolig tapijt. Ze aaien elkaar een beetje, hun blik op oneindig. Het meisje komt overeind. Ze duikelt van het trappetje naar de verdieping eronder en doet een dansje, wegzwevend op de diepe beats die van alle kanten de kamer worden ingepompt. Een jongen met een zwart paardenstaartje zit op de bank in de hoek en klapt een kleine bruine koffer open. Potjes vol poedertjes, pillen en vloeistoffen komen op het netvlies. Zelfs een injectiespuit ontbreekt niet. ‘Die is alleen voor de dosering’, legt de jongen uit.

Een groter wordende groep jongeren experimenteert met research chemicals of designerdrugs. Het zijn middelen die niet onder de Opiumwet vallen maar wel een vergelijkbare verdovende, opwekkende of trippende werking hebben als ‘klassieke’ middelen zoals ecstasy, cocaïne, speed of lsd. De producten zijn in webshops op internet te bestellen. Op fora gonst het van de discussies en ervaringen van jongeren die hun grenzen willen verleggen. Sommige pagina’s hebben bijna twintigduizend bezoekers.

Terugkerende klanten zijn vrienden die thuis met elkaar experimenteren of op zoek zijn naar de ultieme trip voor een feestje. Ze zijn hoogopgeleid, tussen de twintig en dertig jaar oud en vieren zo het leven. ‘Ik vind het interessant om te kijken welke deurtjes er allemaal in je hoofd open kunnen’, verklaart een jongen die niet met zijn naam in dit artikel wil (‘mijn ouders lezen altijd De Groene Amsterdammer’).

‘Ik zie rennende wolven en vloeiende stromen kleur. Ik voel me een prinses, dansend met een wit kroontje op mijn hoofd’, zegt het meisje tijdens het feestje in de Haarlemse woonkamer. Haar gezelschapje daar wordt gevormd door studenten, een enkele ondernemer en een handjevol starters op de arbeidsmarkt. Ze hebben die avond 4-fluor-amfetamine (4-fmp) en een variant van 2C-B ingenomen: 2-Ci. Er heerst een ontspannen, giechelige sfeer, een ondeugende ‘genietmodus’ met een spatje zenuwen om wat nog komen gaat.

Ze experimenteren vaker samen. Meestal spontaan tijdens een feest of festival, maar soms ook gepland als een van hen nieuwe middelen heeft ontdekt. Het testen is niet zonder risico. Omdat de meeste nieuwe drugs nog onbekend zijn, is er vrijwel geen onderzoek gedaan naar de (bij)werkingen op lange termijn. De jongeren zijn dus proefkonijnen van zichzelf maar dat hebben ze ervoor over, dat maakt het juist interessant.

De mensen die experimenteren vallen in drie groepen uiteen. Allereerst heb je de zogenaamde ‘psychonauten’. De klassieke groep van zielereizigers die met de boeken van Alexander Shulgin onder de arm inzichten in het leven proberen te vergaren door hun onbewuste te exploreren. In de boeken van Shulgin zijn de scheikundige formules en bereidingsprocessen te vinden. Psychonauten bestellen grondstoffen via internet, bouwen een thuislab en gaan zelf aan de slag. Om nieuwe drugs te vinden en om de wet te omzeilen. Zo zijn bijvoorbeeld de varianten van 2-CB, 2-CT-7, 2-Ci, 2-CE ontdekt.

De tweede groep ‘extase-jagers’ zijn jongeren zoals die in Haarlem, die op zoek zijn naar nieuwe middelen om mee te partyen. Afgaand op het aantal feestgangers dat informatie over nieuwe stofjes zoekt bij drugsvoorlichtingsinstanties als Unity zou deze categorie uit ongeveer 23.000 gebruikers kunnen bestaan. Het precieze aantal is echter moeilijk te schatten.

Op internetfora tieren de discussies in elk geval welig. Nieuwe middelen worden besproken en er wordt afgesproken om samen te proberen. Een discussiepagina over ‘Explosion en Methylone’ is 18.920 keer bekeken. Op een ander drugsforum heeft Reseach Chemicals 337 sub-fora. Gebruikers geven elkaar tips en vragen om reacties. De bezoekers van de websites lijken erg goed geïnformeerd. Haarfijn leggen ze elkaar de scheikundige verschillen tussen de ene en de andere drug uit. Een forumlid onder de naam DaVinci komt met een uitgebreide uitleg hoe 4-FA (variant van 4-fluor) minder serotonine (de stof waar je je prettig door voelt) verbruikt dan mdma. Anderen vragen door over de tijd die stofjes in de hersenen nodig hebben om zich te vernieuwen. Allemaal alsof het gaat over het knippen van nagels. Trots prijkt onder hun naam welke drugs ze allemaal genomen hebben en welke ze nog willen proberen. Zoals bij ‘Lucifer in the Sky’:

Did: Weed, Hash, Nicotine, Alcohol, Amfetamine, Dextro Amfetamine, Paddo’s, Truffels, Lsd, Xtc, Aanstekergas, Mcpp, Spacecake, MDMA kristallen, Cocaïne, Ghb, 4Fluor. To Do: Mescaline, Peyote, San Pedro, Ayahuasca, Salvia-extracten, N2O-Lachgas, Morfine. De bezoekers houden de nieuwe middelen bij en koketteren met hun ervaringen.

De derde groep die zich inlaat met designerdrugs zijn (meestal) jongens die op kleine schaal geld willen verdienen met de handel in nieuwe middelen. Ze houden in de gaten over welke drugs er gepraat wordt. Vervolgens bestellen ze deze stofjes en verkopen ze door aan mensen in hun omgeving of via eigen websites. Karel, student politicologie, gestoken in hippe kleding en met een vrolijk bruinverbrand hoofd, maakt deel uit van zo’n circuitje. ‘Wanneer een vriend van mij nieuwe middelen bestelt, krijg ik dikwijls wat van hem mee. Dan vragen mensen: “Wat gebruik jij nou?” en vaak willen ze het zelf ook proberen. Zo heb ik een tijdlang met een groep vrienden alleen maar methedrone, meow meow, gebruikt. Dat was in het begin van 2008 toen de ecstasy van slechte kwaliteit was. Steeds meer vrienden gingen meedoen en dan heeft de inkoper een klein handeltje.’ De ‘handelaartjes’ geven bewust nieuwe middelen mee aan jongeren die normaal en betrouwbaar zijn maar wel houden van een feestje. Karel: ‘Je spullen aan freaks meegeven is natuurlijk niet de beste marketing.’

Wie doorlopend op zoek is naar nieuw ‘spul’ wordt op zijn wenken bediend. De emcdda, de drugsmonitor van de EU, signaleerde dat er in 2012 maar liefst 73 nieuwe psychoactieve substanties (nps) aan het aanbod werden toegevoegd. Een sterke stijging ten aanzien van voorgaande jaren. Een jaar eerder ging het nog om 49 ‘primeurs’, tegen 41 in 2010 en 24 in 2009.

Grote partijen designerdrugs komen meestal uit China en India en worden hier via een keten van webwinkels of tussenhandelaars verkocht. Het aantal internetshops voor deze ‘legal highs’ die emcdda telde, groeide naar 693. Een methylone-kristal wordt voor minder dan vijftien euro per post toegestuurd, en dealers kunnen nog goedkoper hun slag slaan: wie honderd tot 250 stuks ineens afneemt, betaalt nog maar 5,77 euro voor zo’n pil.

De makers zijn geen briljante ‘witte jassen’ maar producenten met enige scheikundige kennis. Door steeds de samenstelling van de nps-stoffen te veranderen, schakelen ze veel sneller dan wetgevers en opsporingsambtenaren. Designerdrugs die na intensief, officieel onderzoek op de lijst van verboden middelen worden geplaatst kunnen door het weglaten of toevoegen van één enkel molecuul ineens weer volstrekt legaal zijn.

Het al genoemde methylone is daar een goed voorbeeld van. In chemisch opzicht lijkt het sterk op de bekende drug mdma (ecstasy). Het enige verschil is dat er aan de alkylgroep (de staart van het molecuul) één extra zuurstofatoom is toegevoegd, ten koste van twee waterstofatomen. Hierdoor schuift het molecuul van de familie van amfetaminen naar die van de cathinonen. De cathinonen komen nog niet voor op de Opiumlijst, reden waarom methylone dus legaal kan worden besteld. Zodra dat verboden wordt, zijn er al weer nieuwe stoffen in de maak. Zo blijft de overheid achter de feiten aan lopen en blijft de weg vrij voor de partycrashers die hun grenzen weer wat verder willen verleggen.

Ook slechte ervaringen worden op de fora gedeeld. De leden waarschuwen elkaar voor het mixen van bepaalde drugs. Zo vertelt een meisje over het mengen van alcohol met methoxydine. Een dissociatieve synthetische drug die een dromerige roes veroorzaakt waarbij het lijkt dat lichaam en geest zich scheiden: ‘Het lopen ging moeizaam, alsof je over de maan loopt. Niks was meer zoals het was, als ik naar mezelf keek was ik opeens ziekelijk dun en ook als ik mezelf aanraakte. Een vriend van me zei dat het leek alsof ik 2D was in een 3D-wereld. Eén keer maar nooit weer.’

Maar de nieuwsgierigheid overheerst. De Britse ketamine-chemicus Menno meldt op een gebruikerssite dat hij twee varianten van pcp (ook wel Angel Dust genoemd) heeft gefabriceerd. Vanwege de seksuele energie én de lachbuien die hij eraan overhield ‘waarschijnlijk de geweldigste drug die ik ooit heb ingenomen’.

Door criminoloog Ton Nabben van het Bonger Instituut aan de Universiteit van Amsterdam worden gebruikers van designerdrugs ‘moleculenjagers’ genoemd. Hun groeiende activiteiten markeren volgens hem een ‘bescheiden synthetische revolutie’ in ons land en daarbuiten. ‘De snelheid waarmee nieuwe middelen op de markt verschijnen ligt hoog. En de producenten blijven de overheid voor. De meeste dynamiek zit in de cathinonengroep. Die komen in hun scheikundige structuur overeen met amfetaminen en sorteren een stimulerend effect. Van dit middel worden allerlei amfetamine-achtige drugs gemaakt zoals ephedrone, E-cath, flephedrone, mephedrone en metafepramone.’

Toch denkt Nabben niet dat huidige en opkomende generaties drugsgebruikers ectasy zullen gaan verruilen voor nieuwere designerdrugs. ‘Zo groot wordt het niet. Het grote publiek is huiverig bij het proberen van nieuwe creaties. Daarbij helpen de meeste namen van designerdrugs niet echt mee. Een snuifje 4-bk-mbdb klinkt gewoon niet echt lekker. Bij het succes van een nieuwe drug komen veel factoren kijken. De tijdsduur moet goed zijn, ze moeten niet te duur zijn, je moet ze makkelijk kunnen kopen of maken, het moeten sociale drugs zijn, een niet te grote kater opleveren, en het moet lekker voelen. Ecstasy is uniek. De naam is goed, het gevoel is goed, je wordt er niet te raar van, je gaat elkaar lief vinden. mdma blijft de koning.’

Jacob, student Engels en ‘moleculenjager’, is het er helemaal mee eens. Hij heeft net met zijn vrienden een variant van butylone (bk-mbdb) getest in Amsterdam-Noord en nu zitten ze een beetje hun roes uit op een terras aan de Nieuwmarkt. Hij trekt zijn T-shirt omhoog, een grote tattoo prijkt net boven zijn linkerheup. Het is het scheikundige teken voor mdma. ‘Dit blijft de held’, zegt hij, ‘pure happiness.’ Op de vraag of dat werkelijk kan: geluk vinden met een pilletje, moet hij alleen maar grinniken: ‘Chemisch geluk is óók geluk.’