De ‘ontdemocratisering’ van Bulgarije

‘Pure maffia is het’

Voormalige onderwereldfiguren in Bulgarije spelen elkaar binnen een politiek-economisch netwerk vergunningen, overheidssubsidies en andere voordelen toe, zonder dat iemand ze pakt. Slachtoffer is vooral de bevolking. Europa kan weinig doen.

Medium 295 040210021241varna south bay from sea

De familie van de dode heeft een formidabele plek uitgezocht: vanaf het grasveld in het pittoreske dorpje Arbanassi heb je een majestueus zicht op het dal waar de stad Veliko Tarnovo zich uitspreidt. De dode heeft boeiende buren. Aan de linkerkant ligt de voormalige residentie van communistisch dictator Todor Zjivkov, nu een hotel met de patserige naam Arbanassi Palace. Rechts een schattig klooster. In de tuin van het klooster wiedt een tuinman onkruid. Gevraagd naar de ingang van de graftombe schudt hij zijn hoofd. ‘Er is een klein poortje, maar de sleutel daarvan heeft zijn vrouw. En die zit in Amerika.’ De man grinnikt. ‘Hij ligt er eenzaam en verlaten.’

Hij, dat is Ilija Pavlov, een van de rijkste mannen in de postcommunistische geschiedenis van Bulgarije en volgens velen de eerste echte maffiabaas met een geschat vermogen van minimaal 1,5 miljard euro. Pavlov was oprichter en eigenaar van Multigroup, een kluwen van bedrijven in zowat alle sectoren van de Bulgaarse economie: van metallurgie tot vastgoed. In hoogtijdagen werkten er twaalfduizend mensen voor het conglomeraat. Pavlov vergaarde zijn kapitaal voornamelijk volgens zogenaamde spinconstructies. Via holding firma’s van Multigroup verliep zowel de aankoop van grondstoffen als de verkoop van het eindproduct van onder meer staatsfabrieken. Hij zou zich daarnaast begeven in de onderwereld. Maar waarmee hij zich bezighield is nooit opgehelderd.

Toen Pavlov op de avond van 7 maart 2003 op straat stond te telefoneren schoot een scherpschutter een kogel door zijn hart. De ‘koning van Bulgarije’ was immens populair, zo bleek tijdens de herdenkingsdienst in een orthodoxe kerk in hartje Sofia. Onder de duizenden aanwezigen bevonden zich prominente zakenlieden en politici, waaronder Achmed Dogan, de leider van de dps (Beweging voor Rechten en Vrijheid), die de Turkse minderheid in Bulgarije vertegenwoordigt en Roemen Petkov, de latere minister van Binnenlandse Zaken. Voor de lijkkist liep de Bulgaarse patriarch, de leider van de Bulgaarse orthodoxe kerk. En er treurden opvallend veel bodybuilders in zwarte kostuums, met zwarte zonnebril, een gouden kruisje om de hals.

Het curriculum vitae van Pavlov is een blauwdruk voor veel maffiabazen in de geschiedenis van de Bulgaarse georganiseerde misdaad. Pavlov begon zijn carrière in de jaren zeventig als professioneel worstelaar. Dat leverde hem extraatjes op als een eigen auto plus appartement, maar vooral gunstige vrazki (contacten). In 1982 trouwde Pavlov met de dochter van een van de hoogste chefs binnen de Bulgaarse staatsveiligheidsdienst, de Darzjavna Sigurnost (DS). Hierdoor kreeg hij toegang tot de netwerken waarop hij later zijn imperium bouwde.

‘De DS is de kiem van de huidige georganiseerde misdaad’, zegt Christo Christov, een Bulgaarse onderzoeksjournalist die veelvuldig is gelauwerd vanwege zijn graafwerk in het communistisch verleden. Christov – lichtbruin haar in een strakke boblijn, energiek gesticulerend – vertelt op een terras in Sofia een verhaal dat Bulgaarse politici volgens hem nogal eens ‘vergeten’.

In de jaren zestig had de Communistische Partij harde valuta nodig voor de leeglopende staatskas. Toenmalig dictator Todor Zjivkov besloot daarom dat hoge partijbonzen ‘private’ ondernemingen mochten oprichten, die zaken konden doen met onder meer het Westen. Deze nieuwe firma’s hielden zich bezig met allerlei soorten handel: wapens, maar ook antiek, kunst en soft- en hardware. Op papier waren deze ondernemingen legaal, off the record ging het om pure smokkel. In het Westen stonden de firma’s in onder meer Liechtenstein geregistreerd met een postadres. Zodra de goederen op Bulgaars grondgebied waren, kregen ze dekking van een speciale afdeling binnen de staatsveiligheidsdienst met de naam ‘geheime doorvoer’. Die zorgde voor een gemakkelijk passeren van de Bulgaarse grenzen, vooral die met Navo-lidstaat Turkije.

In die tijd begon Bulgarije tevens met de productie van captagon, een synthetische drug die aanvankelijk legaal was, maar later door de Wereldgezondheidsorganisatie verboden werd. Bulgarije bleef ook na het verbod produceren. ‘De Bulgaarse staat verdiende daar jaarlijks circa twaalf miljoen dollar aan’, zegt Christov. De drug vond vooral afnemers in het Midden-Oosten. Heroïne uit die contreien belandde via Bulgarije op de West-Europese markt. Via dezelfde kanalen ging ook andere smokkelwaar.

In november 1989 moest Todor Zjivkov het veld ruimen. Een ‘revolutie’ was dat geenszins. Terwijl er in buurland Roemenië koppen rolden, ging er in Bulgarije een andere communist achter het stuur zitten. In het wetteloze rauwe kapitalisme dat volgde ‘privatiseerden’ diverse groeperingen met connecties in de veiligheidsdienst de oude smokkelkanalen. Na 1989 zaten bovendien duizenden politieagenten en worstelaars zonder werk. Ze werden ingezet als bodyguards van meer ervaren gangsters of als instrumentarium om onwillige zakenlieden af te persen. Slimmere vratove (dikke nekken) startten hun eigen business, daarbij geholpen door corrupte ambtenaren en politici.

Beveiliging – een chique naam voor afpersing – bleek een lucratieve business. Er ontstonden tal van schimmige verzekeringsmaatschappijen met namen als vis en sik, waarvan de leden de eerste stappen zetten in de onderwereld van drugssmokkel, vrouwenhandel, valsemunterij en witwassen.

Begin 2006, een jaar voor de toetreding van Bulgarije tot de Europese Unie, publiceerden Bulgaarse kranten een lijst met de maffiadoden van de tien jaren ervoor: meer dan 150. Vooral in de drugswereld legden gangsters met poëtische bijnamen als De Dokter, De Haakneus en De Pony elkaar om, dikwijls op klaarlichte dag, in een ijssalon of voor het oog van schoolgaande kinderen. Diverse ex-criminelen waagden zich aan een nieuw bellettristisch genre, dat van de misdaadromans met halve feiten. Twee van hen werden neergeschoten. Misdaadverslaggeefster Anna Zarkova kreeg in 1998 zoutzuur in haar gezicht terwijl ze op een bus wachtte. Slechts een handvol moordenaars verdween achter de tralies.

Hetzelfde jaar kwam Klaus Jansen, een Duitse toponderzoeker op het gebied van de georganiseerde misdaad, met een alarmerende conclusie: Bulgarije was niet klaar om in 2007 toe te treden tot de EU. In opdracht van de Europese Commissie had Jansen de Bulgaarse strijd tegen de georganiseerde misdaad in kaart gebracht. Het land ontbeerde, zo meende hij, moderne methoden om met name drugssmokkel en witwassen aan te pakken. De politie gaf geen blijk van de wil om boeven op te pakken. De nieuwe antimisdaadwetten bestonden vooral op papier.

De toenmalige minister van Binnenlandse Zaken Roemen Petkov vond dat de Duitse onderzoeker overdreef. De Europese Commissie zat vast aan al eerder gemaakte afspraken en aan de ‘tandem’ die Bulgarije vormde met het overigens ook niet maffiavrije Roemenië: ze moesten samen de EU in fietsen. Er werd een compromis gevonden: naast meer technische hulp voor onder meer betere grenscontroles legde de Commissie Bulgarije en Roemenië een speciaal Mechanisme voor Coöperatie en Verificatie (mcv) op, waarbij de landen gemonitord zouden worden op corruptie en georganiseerde misdaad.

De toetreding heeft de strijd tegen de georganiseerde misdaad zeker bevorderd, zegt Tichomir Bezlov, senior analist georganiseerde misdaad bij het Centrum voor Democratisch Onderzoek in Sofia. Er ontstonden een betere samenwerking tussen de politiediensten en betere controle aan de Turkse en Servische grens, de buitengrenzen van de EU. ‘De contrabande van drugs, sigaretten en mensenhandel verminderde aanzienlijk. In 2005-2006 was Bulgarije bijvoorbeeld nummer één als het gaat om mensenhandel. Dat is niet meer zo’, zegt hij.

Sinds de toetreding hoor je inderdaad minder kogels fluiten, al heeft dat meer te maken met het ‘zelfreinigend vermogen’ van de Bulgaarse penoze dan met de EU-toetreding, meent Jovo Nikolov, misdaadverslaggever bij kwaliteitskrant Kapital. ‘Een aantal van de drugsbazen ging op in internationale misdaadgroeperingen. In eigen land zijn de kaarten verdeeld.’

Het betekent geenszins dat de maffia aan het verdwijnen is. Integendeel, de gangsters van toen verdienen nu geld met witwaspraktijken, witteboordencriminaliteit en fraude, waaronder fraude met EU-subsidies. Volgens een in 2012 uitgebracht rapport van het Centrum voor Democratisch Onderzoek bedroeg de omzet op de drugsmarkt bijvoorbeeld in 2010 en 2011 naar schatting 350 miljoen leva (175 miljoen euro). De euro’s binnengehaald met witteboordencriminaliteit en witwassen bedroegen minstens twee keer zoveel. ‘De meeste Bulgaarse criminele netwerken wassen nu hun geld wit via legale firma’s’, aldus de auteurs van het rapport. ‘Als resultaat daarvan is de penetratie van georganiseerde misdaad in de legale economie in Bulgarije aanzienlijk groter dan in West-Europese landen.’ Kortom: gangsters zijn directeuren en managers geworden. De misdaad in Bulgarije heeft er een nieuw gezicht bij gekregen.

Dat gezicht kom je tegen aan de Bulgaarse Zwarte-Zeekust. Daar, aan de geelgrijze stranden van de havenstad Varna, rijgen zich talloze restaurants, casino’s en bars aaneen. Op deze zachte zomeravond hangt de geur van Las Vegas in de lucht. Onder plastic palmbomen nipt een schaars gekleed meisje met onnatuurlijk grote borsten wellustig aan een cocktailglas. Een steenworp verderop spelen gespierde mannen in ontbloot bovenlijf volleybal.

Hier heerst tim, een acroniem van Tichomir, Ivo en Marin, drie miljonairs die volgens de Bulgaarse site miljonerite.com goed zijn voor vijfhonderd miljoen euro. De drie startten hun carrière in de jaren negentig als autodieven en klommen de bovenwereld in met de overname van tientallen ondernemingen aan met name de Zwarte-Zeekust. De lijst firma’s die tim zelf of via holdings bestiert, beslaat inmiddels circa vier pagina’s: havens, banken, graanfabrieken, mijnen, voetbalclubs, lokale tv- en radiostations en kranten alsmede de nationale luchtvaartmaatschappij Bulgaria Air.

‘Alles is hier direct of indirect in handen van tim’, zegt Kalina Miteva. De jonge dertiger – lange paardenstaart, baseballpet en korte spijkerbroek – is actief lid van De Groenen. De werkwijze van tim is eenvoudig, weet ze. Bij de aankoop van private bedrijven moeten de kopers ‘op audiëntie’ komen bij tim. Wie niet wil verkopen, krijgt een waarschuwing. ‘Deze formule geldt voor alle bedrijven, ook de buitenlandse.’ De gemeenteambtenaren van Varna en vooral de burgemeester delen in de winst, in de vorm van geld of vriendendiensten.

Het meest stinkende voorbeeld hiervan is ‘Laan 1’, een project waarbij het conglomeraat een stukje onbedorven kust wil volplempen met kitscherige horeca. De grond is een aantal jaren geleden door de gemeente Varna verkocht aan Holding Varna AD, een van de bedrijven van tim, hoewel deze gemeentegrond in principe niet verkocht mocht worden. Corrupte ambtenaren hadden de kadastertekeningen zo ‘aangepast’, aldus Miteva, dat de verkoop ineens wel mogelijk was.

En zo zijn er meer ‘vreemde’ zaken. Als een Kleinduimpje strijdt Miteva al jaren tegen de reus. Haar meest effectieve wapen is de wet op de toegang tot informatie. Het duurt soms jaren, maar ze krijgt er documenten mee boven water die bewust zijn achtergehouden. In het geval van Laan 1 bundelt ze haar krachten met diverse ngo’s. Gezamenlijk klopten ze aan bij het Openbaar Ministerie. ‘We meldden dat het kadaster gemanipuleerd werd.’ Het haalde niets uit. ‘Een aantal medewerkers van het kadaster werd verhoord. Die vertelden dat alles in orde was en dat was het.’ In 2009 volgde een brief naar de regering in Sofia en de hoofdofficier van justitie met het verzoek om de verkoop van de kuststrook te onderzoeken. Miteva kreeg geen antwoord. Het verbaast haar niets. ‘tim wordt al twee kabinetten lang ondersteund door politici.’

Het is niet ongevaarlijk wat ze doet. Ze vertelt: ‘Mijn zwager huurt een firma. Een tijd geleden dwong tim zijn huurbaas om het huurcontract op te zeggen. Toen mijn zwager weigerde, moest hij op bezoek komen bij een advocaat van een van de tim-holdings. Die liet hem dossiers zien over mij en mijn gezin, met de mededeling: “Zeg tegen Kalina dat ze ophoudt, we willen niet dat jij problemen krijgt.”’ Ze zwijgt even. ‘Pure maffia is het.’

De mening van Kalina Miteva wordt lang niet overal gedeeld. Op internetfora prijzen diverse bewoners van Varna de tim-groep ‘die eindelijk wat doet voor Bulgarije’ en ‘die duizenden mensen werk geeft in deze tijden van crisis’. Ook diverse Bulgaarse ‘maffiadeskundigen’ definiëren de tim-groep niet als een criminele groepering, laat staan maffia. tim zou volgens hen geen bewezen banden hebben met drugssmokkaars of vrouwenhandelaren en zou nooit gelieerd zijn aan huurmoorden. De tim-holdings betalen gewoon belasting en veel gerenommeerde buitenlandse bedrijven doen zaken met ze. Er is geen hard bewijs dat tim de wet overtreedt.

tim is extreem voorzichtig. De medewerkers zullen niet snel de oude instrumenten van afpersing of zelfs huurmoord gebruiken om hun doel te bereiken’, meent senior analist Bezlov. ‘Ze doen zaken met buitenlandse partners en die doen onderzoek voordat ze een deal sluiten.’ Maar hoe zit het dan met die bedreigingen waar Miteva het over heeft? ‘tim gebruikt zijn reputatie. Dat is genoeg’, zegt hij.

Het is precies wat de Duitse onderzoeksjournalist Jürgen Roth bedoelt als hij het heeft over ‘de nieuwe machtsstructuren in Europa’. De 68-jarige Roth schreef meer dan tien boeken over de Duitse, Russische en Oost-Europese maffia. Voor zijn boek De nieuwe demonen over de Bulgaarse maffia, dat in 2008 verscheen, sprak hij anoniem met tientallen Bulgaarse ex-gangsters, politieagenten, rechters en hoge ambtenaren in diverse ministeries. ‘Deze nieuwe machtsstructuren zijn zowel onder- als bovengronds totaal oncontroleerbaar’, schrijft hij in De nieuwe demomen. ‘Geweld is overbodig. Ze bereiken hun doelen door de geluidloze effectiviteit van corruptie en afpersing. En dit geldt zeker voor Bulgarije.’

tim is bij uitstek zo’n nieuwe maffiastructuur, schrijft hij later in een persoonlijke mail. ‘Het is op dit moment de machtigste criminele organisatie in Bulgarije. De groep wast geld wit via banken, verzekeringsmaatschappijen, havenbedrijven en vastgoedfirma’s. Anderen spreken dat misschien tegen, maar mijn bronnen bij het ministerie van Binnenlandse Zaken liegen daar niet over.’

Kun je Bulgarije vergelijken met Italië als het gaat om de georganiseerde misdaad? Nee, zegt Roth. Je voelt in Bulgarije de bries van de Siciliaanse maffiacultuur, maar verder zijn de verschillen groot. ‘De Italiaanse maffia is internationaal veel actiever en heeft in Europa veel meer invloed. Bovendien beheerst ze in Italië hele landsdelen en dat is in Bulgarije – afgezien van de Zwarte-Zeekust – niet het geval.’ Maar Bulgarije ‘overtreft’ Italië op andere gebieden. ‘De contacten met politici zijn in Bulgarije veel intensiever. En in tegenstelling tot Italië ondernemen het justitiële apparaat en de politie in Bulgarije bijzonder weinig tegen criminele structuren.’

Roth heeft ontegenzeggelijk gelijk. Wie de moderne geschiedenis van de Bulgaarse georganiseerde misdaad induikt, komt terecht in een stinkende poel van dwarsverbanden, netwerken en contacten tussen de georganiseerde misdaad, economische groeperingen en Bulgaarse politici. Met als hoogtepunten de contacten van twee ministers uit het kabinet van Simeon Sakskoboergotski (2001-2005) met drugsbaas Ivan Todorov, De Dokter. Ze werden door Bulgaarse fotojournalisten gekiekt op het luxueuze jacht van De Dokter in Monaco. Dan zijn er nog de riekende praktijken van ex-minister van Binnenlandse Zaken Roemen Petkov (2005-2009), die volgens diverse bronnen van Jürgen Roth vrazki zou hebben gehad met high-profile maffiosi, waardoor hij verstrikt raakte in de handel met amfetaminen. En er is Achmed Dogan, geheim agent Sava in communistische tijden, de leider van de dps, de partij van de Turkse minderheid, die coalitiepartner was in zowat alle kabinetten en die volgens diverse mediabronnen steekpenningen aannam van economische groeperingen in de energiesector.

Het Bulgaars justitieel systeem functioneert in praktijk als een marionet van deze politieke en economische bazen. Het komt veelvuldig voor dat mensen, ook politici, worden opgepakt of aangeklaagd maar direct of in hoger beroep worden vrijgesproken. ‘Het Openbaar Ministerie vervolgt alleen die mensen die een risico vormen voor de aan de macht zijnde politici’, zegt Roth. Een deel van de rechters en advocaten wil de eigen zakken vullen en draait mee in het criminele circuit; tekenen daarvan waren de moorden op een aantal van hen. Anderen zijn bang voor ontslag of represailles. Illustratief voor die angst was de amfetamine-affaire rondom ex-minister Roemen Petkov. ‘Daar waren getuigenissen van. Toch zit hij nog in de politiek’, aldus Roth.

Vanuit de politiek komt er – natuurlijk – tegenspraak. Geschermd wordt met de arrestatie van de Naglite (de Onbeschoften), een bende die meer dan 25 mensen op een bijzonder wrede manier ontvoerde. Met de eis van het losgeld – dat soms opliep tot vijfhonderd miljoen euro – werd een afgesneden pink of oor in een envelopje meegestuurd naar de familie. In 2009 belandde het gros van de bende achter de tralies. De actie was de trots van Bojko Borissov, die van 2001 tot 2005 als hoogste ambtenaar binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken verantwoordelijk was voor de strijd tegen corruptie en georganiseerde misdaad. Borissov was vanaf 2009 tot begin dit jaar premier.

Zijn aanhangers menen dat Borissov de georganiseerde misdaad flink heeft aanpakt. ‘Er was de laatste jaren intensieve samenwerking tussen Interpol en Olaf, de fraudebestrijdingsdienst van de Europese Commissie’, zegt onder anderen Andrej Kovatsjev, lid van Borissovs partij gerb (Burgers voor een Europese Ontwikkeling van Bulgarije) en europarlementariër. In 2008 schreef de Europese Commissie een vilein rapport over het gesjoemel met EU-subsidies. Als sanctie blokkeerde de commissie meer dan vijfhonderd miljoen euro aan fondsgelden. Borissov zorgde ervoor dat de onderhandelingen over nieuwe subsidies weer gestart zijn. ‘Hij heeft meer gedaan dan de meeste premiers voor hem.’

Maar critici wijzen erop dat er de laatste tien jaar slechts een handvol maffiamoorden is opgelost. Hardnekkige geruchten, zoals dat Multigroup-baas Ilija Pavlov geen voet aan wal kreeg in Varna, de thuishaven van tim, zijn nooit serieus onderzocht. En zeker op politiek niveau is er alleen plankton gevangen. Niet zo vreemd: ‘moraalridder’ Borissov komt immers uit dezelfde klei als diverse maffiabazen. Hij was karatekampioen tijdens het communisme, richtte begin jaren negentig een verzekeringsmaatschappij op en was daarna onder meer bodyguard van voormalig dictator Todor Zjivkov, wat hem de nodige contacten bezorgde.

West-Europese landen als Nederland maken zich zorgen over Bulgarije. Burgers vragen zich af waar hun belastinggeld naartoe gaat en of Bulgaarse criminelen meekomen als per 1 januari 2014 de grenzen voor Bulgaarse arbeiders opengaan. Zeker sinds de ‘Bulgarenfraude’, waarbij Roma uit Bulgarije fraudeerden met zorgtoeslagen, zit de angst er goed in. Misdaadverslaggever Nikolov wuift die angsten weg. De Bulgarenfraude heeft niets van doen met de georganiseerde misdaad. ‘Dat ging om een groepje Roma uit een specifiek dorp dat wat mensen in Nederland kende.’ De echte Bulgaarse criminele groeperingen zijn al lang in Nederland en relatief ongevaarlijk. ‘Jullie kunnen je beter zorgen maken over de Chinese en Albanese maffia’, meent ook Jürgen Roth.

Slachtoffer van de maffia is vooral de Bulgaarse bevolking. Volgens het Centrum voor Democratisch Onderzoek verliest Bulgarije minstens 1,7 miljard euro door de activiteiten van criminelen: 4,7 procent van het bbp. Door de malversaties met EU-gelden en de daaropvolgende sancties liepen de Bulgaren miljoenen aan fondsgelden mis. Het zijn harde klappen voor het armste land van de EU, waar het gemiddelde maandloon nog geen vierhonderd euro bedraagt en één op de vier burgers onder de armoedegrens leeft.

Maar misschien is nog het meest ingrijpende wat Kalina Miteva de ‘ontdemocratisering’ van Bulgarije noemt. ‘De democratie is op dit moment zeer zwak. Er is geen transparantie en veel desinformatie.’ Wat ze bedoelt is dat bijna alle Bulgaarse media, ook kwaliteitsmedia, in handen zijn van economische groeperingen met politieke connecties. Uit angst passen journalisten zelfcensuur toe of schrijven regelrecht in het straatje van diverse politieke partijen. ‘We schrijven van blauw naar rood en weer terug’, zegt een journalist van een middelgrote krant. ‘Blauw’ is een Bulgaarse aanduiding voor centrumrechtse partijen, ‘rood’ voor de socialisten. Dat is precies wat de machthebbers willen, meent senior analist Bezlov: ‘Via de media proberen oligarchen de publieke opinie te beïnvloeden. Via de publieke opinie sturen ze de politiek, en via die politiek de economie.’

Journalisten die proberen de waarheid boven water te krijgen worden hard aangepakt. Onderzoeksjournalist Christo Christov maakt op een onafhankelijke website die draait op individuele giften elke politicus of zakenman met een carrière binnen de communistische staatsveiligheidsdienst bekend. In de loop van de jaren zijn diverse dossiers opengegaan. Maar andere, zoals die van grote spelers in de energiesector, blijven potdicht. Christov wil ze graag openen. Hij zit dicht bij het vuur. Al diverse jaren krijgt hij dreigbrieven. Onlangs werden ook zijn vrouw en kinderen bedreigd. Door wie en wat, daarover wil hij geen uitspraken doen. ‘De politie doet nog onderzoek. Die wil ik niet in de wielen rijden.’

Het Bulgaarse politieke model, zo meent analist Tichomir Bezlov, wordt steeds meer een cronygarchie. Ex-onderwereldfiguren spelen elkaar binnen een politiek-economisch oligarchisch netwerk van ‘cronies’ – kameraden – vergunningen, overheidssubsidies of andere voordelen toe, zonder dat iemand ze pakt. ‘Dit model is een reële bedreiging voor de democratie.’

Duizenden Bulgaren gingen in februari de straat op, aanvankelijk om te demonstreren tegen de hoge energieprijzen, daarna tegen de oligarchen en de corruptie. In Varna protesteerden honderden burgers tegen de macht van tim. Een 36-jarige man stak zichzelf voor het gemeentehuis in brand uit protest tegen deze ‘maffiagroepering’ en de gecorrumpeerde burgemeester van Varna. Hij stierf in het ziekenhuis.

Na een hoop politieke turbulentie trad premier Borissov af en kwamen er in mei vervroegde verkiezingen. Borissov won, maar omdat niemand met hem wilde regeren, kon de tweede grootste partij, de Bulgaarse Socialistische Partij, samen met de dps regeren. Nog in diezelfde maand benoemde premier Plamen Oresjarski een schimmige zakenman tot het hoofd van Dans, de huidige Bulgaarse veiligheidsdienst. Deljan Peevski, lid van de dps, de ‘Turkse partij’ van Achmed Dogan, was in een eerder kabinet ontslagen op verdenking van ‘misbruik van functie voor eigen gewin’, maar later bij gebrek aan bewijs weer vrijgesproken. Peevski bezit diverse kranten en een tv-zender. Verontwaardiging sidderde door het land. ‘Dit is het einde van de democratie’, schreef weekkrant Kapital.

De regering trok de benoeming in, maar het hek was van de dam. Al meer dan twee maanden protesteren burgers in Sofia tegen de nieuwe regering en de maffia. Tijdens de protesten wordt de Europese Unie aangeroepen als een laatste strohalm. De Franse, Duitse, Nederlandse en Belgische ambassadeurs in Bulgarije verkondigden in juli achter de strijd tegen het ‘oligarchisch model’ te staan. Eurocommissaris Viviane Reding wees de Bulgaarse regering op de noodzaak van democratische hervormingen.

Maar het gaat hier ‘slechts’ om woorden. ‘Een directe interventie is niet mogelijk vanwege het subsidiariteitsprincipe’, zegt het Bulgaarse Europarlementslid Andrej Kovatsjev. ‘De commissie kan wel het delicate instrument van de Europese fondsen gebruiken’, vervolgt hij optimistisch. Maar in het verleden heeft het blokkeren van fondsgelden weinig geholpen. Waarom zou het dat in de toekomst wel doen?

Het kabinet-Oresjarski komt binnenkort terug van reces. Dan zullen de protesten naar verwachting opnieuw aanzwellen. Het is een goed teken, meent analist Bezlov. Tot dit jaar was de Bulgaarse civil society ‘zeer apathisch’ en ‘vervreemd’ van de politiek. Maar door het gebruik van sociale media is er, net als bij de protesten in Turkije, nu een hoop activiteit. Hij hoopt dat de Bulgaarse demonstranten massaal druk blijven uitoefenen op de Bulgaarse politici. ‘Want in een democratie is er geen andere weg dan via de politiek.’