Gouden objecten die door zowel Oekraïne als Rusland worden opgeëist in De schatten van de Krim © IDFA

De schatten van de Krim heet de nieuwe film van Oeke Hoogendijk en het is, na Het nieuwe Rijksmuseum, weer een minutieus verslag van worstelingen rond de wereld van de kunsten. Belangrijker: het is weer raak waar het de edele kunst van het documentaire maken betreft. Tachtig minuten verblijven we in musea, bij een opgraving op de Krim, maar vaker nog in Amsterdamse advocatenkantoren en rechtszalen. Lijkt saai, blijft fascinerend. Juridisch en politiek, maar vooral spannend door betrokken partijen die in de drukpers nooit zo letterlijk een gezicht kregen als bij Hoogendijk, dankzij de camera’s van Sander Snoep en Gregor Meerman.

Het Allard Pierson is de boosdoener voor Oekraïne, maar vooral voor Rusland. Dat instituut, vertegenwoordigd door directeur Wim Hupperetz, zit klem: hun prestigieuze expositie waar elk oudheidkundig museum wereldwijd razend jaloers op zou zijn, werd tot handgranaat. Dat zou ze ook zijn wanneer het Pierson was leeggeroofd of afgebrand, maar dan lag de verantwoordelijkheid duidelijk. Nu is er schuldeloze schuld. En geen koning Salomon om te verordenen het kind dan maar in tweeën te hakken.

Wanneer tijdens de tentoonstelling ‘groene mannetjes’ de Krim bezetten (tot 1954 Russisch maar door Chroesjtsjov aan sovjetrepubliek Oekraïne geschonken) en deze annexatie middels een referendum onder de Krim-bevolking is ‘gelegitimeerd’, zou niet teruggeven door de uitlenende musea als pure roof worden ervaren. Terwijl Oekraïne, staatsrechtelijk terecht in lekenogen, de hele Krim als geroofd beschouwt, waarvan een klein maar cultureel waardevol deel zich gelukkig niet ‘in huis’ bevond. ‘Teruggeven’ van wat Oekraïens was aan Poetin en paladijnen – het stuit tegen de borst.

Maar dan leren we op de Krim, in Kiev en tijdens Nederlandse rechtszittingen direct betrokkenen kennen. Allereerst de meest tragische van allen: Valentina Mordvintseva, tentoonstellingscurator van de Krim-musea en archeoloog. Zij was het die ‘haar’ directeuren ((v), want ook in Oost-Europa blijkt de museumwereld feminien) overreedde hun kostbaarheden uit te lenen. En hoewel dat niet moeilijk bleek omdat ze het eervol vonden hun schoonheden in West-Europa te tonen (‘ach Valentina, neem dit ook mee, en dit’) voelt zij zich diep ongelukkig en schuldig aan de nu (en voor altijd?) lege vitrines met schrijnende bordjes ‘tijdelijk in Amsterdam’. En aan de soms gekozen noodoplossing om dan maar een foto op ware grootte van het pronkstuk te tonen – armzalig.

Valentina blijkt bovendien een vrouw om in het hart te sluiten. Terwijl haar opponent, Ludmila Strokova, directeur van Historisch Museum Kiev, prototype van een Oost-Europese autoriteit lijkt. Als dan aan de Krim-kant menige directeur het onverdunde Poetin-nationalisme uitdraagt worden de gevoelens nog weer gemengder. Maar hun professionele tragiek (ze zijn echt het eigen erfgoed, hun ‘kinderen’, kwijt) wordt daar niet minder om. Meesterlijk is het shakespeareaanse commentaar van een paarden- en schapenherder bij de Krim-opgraving. Waar Valentina treurend aan het werk is.

Vorige week wees het gerechtshof in Amsterdam na jaren gesteggel de collectie toe aan Oekraïne. Met mogelijk rampzalig gevolg voor de Amsterdamse Hermitage. Maar wordt vervolgd. Hoogendijks film ook? Jammer dat de leek niet kan onderscheiden wie Oekraïens en wie Russisch praat. Ook dat moet veelzeggend zijn.

De schatten van de Krim draait tussen 17 en 28 november op het IDFA. Voor kaarten en informatie idfa.nl