#21: PVV & KNIL

PVV en Molukse KNIL-veteranen vinden elkaar

De PVV organiseerde deze week een tentoonstelling in het hart van de instantie die de partij zo verfoeit: het Europarlement. De foto-expositie gaat over oud-KNIL-soldaten van Molukse komaf die sinds hun komst nauwelijks gekend zijn door de Nederlandse overheid.

Ze zitten op een rij. Vijf oud-strijders van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL), allen hoogbejaard. Een enkeling leunt in een rolstoel en een ander heeft een wandelstok naast zich. Aan de muren hangen foto’s van hen en kameraden. In de jaren veertig vochten deze mannen van Ambonese komaf voor de Nederlandse krijgsmacht in Indonesië, wat toen nog Nederlands-Indië was. De heren die hier vandaag zijn, zijn de sterksten. Zij leven nog. Ze zijn naar Straatsburg gekomen om de opening van deze fototentoonstelling bij te wonen. Ze luisteren aandachtig en zitten er ontroerd bij. Voor mij is het een herkenbaar gezicht, want mijn grootvader was tussen het einde van de jaren dertig en 1945 ook in de Oost voor het KNIL. Terug in Nederland was er weinig waardering, want het land was volop bezig met de wederopbouw. Praten over je leed of trauma’s, dat deed je niet. Mijn opa – een autochtone Nederlander – sprak dus ook nauwelijks over zijn tijd in de tropen.

Een mooie gelegenheid in het Europarlement om deze veteranen te eren, zo concludeer ik. Opmerkelijk is wel dat deze expositie uitgerekend door de PVV is georganiseerd, een eurosceptische partij van wie je geen tentoonstelling in dit huis verwacht. In zijn speech vraagt initiatiefnemer en PVV-voorman Marcel de Graaff aandacht voor het lot van deze Molukkers, die na een lange boottocht in Nederlandse kampementen werden gestopt. ‘Deze mensen, die bereid waren hun leven te geven voor koningin en vaderland, kregen een beschamende en harteloze ontvangst’, aldus De Graaff, een Rotterdammer die sinds 2014 voor de PVV in het Europarlement zit. Volgens hem wordt het tijd dat de Nederlandse regering hen financieel tegemoet komt. In het publiek staan europarlementariërs van het Vlaams Belang en andere Nederlandse partijen, onder wie Bas Belder (SGP) en Wim van de Camp (CDA). ‘We bekommeren ons over de hele wereld’, zegt De Graaff, ‘maar in Nederland zijn ook nog mensen die hun recht willen krijgen.’ Een bescheiden applausje volgt.

Euroscepticus De Graaff spreekt het gezelschap toe met de Nederlandse én de blauwe Europese vlag achter zich. Het is een opmerkelijk gezicht voor een vertegenwoordiger van een partij die juist niets van Brussel moet hebben en de EU ziet als ‘de nieuwe Sovjet-Unie’. Achteraf confronteer ik de PVV’er hiermee. ‘Ja, dat is zo, maar omdat we in het Europarlement zijn moet ik die vlag wel accepteren. Het parlement heeft ook een klein budget beschikbaar gesteld voor deze tentoonstelling, dus in dat geval mag die vlag hier wel staan’, aldus De Graaff. Het lot van veteranen gaat de rechts-nationalistische PVV aan het hart. ‘Deze Ambonese en Indische KNIL-militairen zijn altijd een onderdeel geweest van onze Nederlandse identiteit. Wij zijn vierhonderd jaar lang verbonden geweest met Indonesië, maar mensen die voor ons vochten en op dienstbevel hier naartoe moesten, werden hier in de kou gezet.’

Ik vraag me af of het wel een match is: de PVV en deze Molukse groep. Veel mensen zouden toch denken dat deze partij hen zou discrimineren of wegzetten omdat ze tot een minderheid behoren. De Graaff: ‘Ambonese mensen hebben een andere huidskleur, maar alsof wij van de PVV daar iets tegen zouden hebben? Ik herken mij daarin absoluut niet. Ik heb ook medewerkers met een kleur en zie dat niet eens. Dat mensen onze partij in het hokje zetten van racist vind ik verschrikkelijk onterecht.’
Maar hebben uitspraken van partijleider Geert Wilders, zoals ‘minder, minder Marokkanen’, daar niet voor gezorgd? Speelt dat deze tentoonstelling over de Molukkers nu geen parten? ‘Molukkers onderschrijven de democratie en hebben die in hun hart en nieren zitten. Voor de PVV zit het probleem in andere mensen die we naar Nederland toe hebben gehaald, maar wier cultuur wezensvreemd is aan onze westerse, liberale democratie.’ De Graaff doelt op moslimmigranten. Zij kunnen niet integreren, zo meent hij. ‘Hoe kun je als Nederland die mensen welkom heten en alles geven, terwijl je Ambonese veteranen van het KNIL in de steek laat? Dat is voor mij volkomen onrechtvaardig.’ Het emotioneert hem enigszins.

Ik wil weten of er ook Indische moslims tot deze veteranen behoren. Botert dat wel met de PVV? ‘Er zaten nauwelijks moslims in het KNIL. De meesten, ook Indische Nederlanders, waren protestants of katholiek en weigerden moslim te worden. De moslims in Nederlands-Indië streefden een kalifaat na en daar hadden we voortdurend oorlog mee, kijk naar de Atjeh-oorlog’, legt De Graaff uit, wiens partij deel uitmaakt van de Europese parlementaire groep Europa van Vrijheid en Naties (ENF). In deze groep zitten onder meer het Franse Front National, de Italiaanse Lega Nord en de Oostenrijkse FPÖ. Waarom heeft De Graaff deze tentoonstelling niet samen met andere Nederlandse partijen opgezet? Zij weigeren samen te werken, aldus de PVV’er. ‘In het Europarlement zijn de tegenstellingen veel scherper en staan groepen harder tegenover elkaar. Wij worden hier, nog erger dan in Nederland, weggezet als extremisten, racisten en extreem-rechts. Dat toont een gebrek aan argumenten aan.’

Verderop staat voorzitter Leo Reawaruw van Maluku4Maluku, een belangenorganisatie die opkomt voor deze Molukkers en hun nazaten. Het zit de Ambonees, die als blauwhelm diende in Libanon, hoog dat zijn voorouders met een fooi werden afgescheept. ‘Ze kwamen hier, werden ontslagen, maar kregen niet het wachtgeld waar ze recht op hadden. Ze ontvingen drie gulden per week en werden verboden te werken, terwijl hun maandsalaris op 150 gulden lag. Er is in 1967 een rechtszaak geweest waar de rechter heeft besloten dat een oud-KNIL-Ambonees alsnog een pensioen van zeshonderd gulden per maand zou krijgen, maar de anderen hebben dat niet gehad.’ Reawaruw wil dat deze groep nog in leven zijnde Molukse KNIL-veteranen of de nabestaanden van overledenen alsnog hun financiële deel krijgen. Het totale nagerekende bedrag komt meer op tientallen miljoenen euro’s.

Reawaruw gaat naar de rechter en heeft de PVV aan zijn zijde. Is hij zich wel bewust van het omstreden imago van de partij? ‘Al komt de Partij voor de Dieren naar ons om steun te geven voor een partij-overschrijdend thema als dit, dan nog zouden we die ook met open armen ontvangen’, zegt Reawaruw, die vindt dat het niet gaat over ‘links of rechts’. Worden de Molukkers straks niet over één kam geschoren met de PVV van Wilders? ‘Wij zitten toch al in het verdomhoekje en worden vergeten. Niemand kijkt naar ons om, maar Marcel de Graaff wel. Hem kan ik niet betrappen op dezelfde uitspraken als die van zijn leider.’ Reawaruw benadrukt dat de aanwezige CDA’er zojuist heeft gezegd dat dit ‘een partij-overschrijdend onderwerp’ is.

Het CDA kan dit nu plots wel zeggen, maar in het Europarlement ontstaat toch het beeld dat deze KNIL-veteranen zich vastklampen aan de PVV, juist omdat andere partijen hun noden eerder links hebben laten liggen. Hoe ziet PVV-voorman De Graaff dit? ‘Deze veteranen en de jongere Indische generaties met voorouders die KNIL-veteranen waren, zijn blij met de erkenning die zij van de PVV krijgen. Ik weet zeker dat ook andere partijen in Nederland zich het lot van deze mensen aantrekken. Dit gaat in mijn optiek breder dan de PVV alleen’, zegt De Graaff. Zal het feit dat de PVV deze groep omarmt niet averechts werken? ‘Zolang men in de Nederlandse partijpolitiek niet bereid is om de problemen met de multiculturele samenleving in te zien, zullen andere partijen proberen om ons via schelden en framing in het verdomhoekje te zetten. Langzamerhand kan men echter niet meer ontkennen dat er problemen zijn die onze oplossingen vragen. Als dat lukt, hebben wij van de PVV een belangrijk deel van onze doelstelling bereikt.’


Deze blogreeks wordt mede mogelijk gemaakt door Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.