TONEEL

Que sera sera

Bejaarden & Begeerte

Bestaat er zoiets als onvergankelijkheid in het toneel? Het kan bijna niet, toneel is wat betreft de onvergetelijkheid-met-eeuwigheidswaarde-factor zo ongeveer de rokerigste, smoezeligste en rommeligste van alle kunstvormen. Maar toch!? De vraag schoot door me heen tijdens een toneelavond over bejaarden & verliefdheid van de Stichting Nieuwe Helden & Het Zuidelijk Toneel, onder de titel Bejaarden & Begeerte, uitgevoerd door toneelmaker Lucas De Man (1982) en schrijver Oscar Kocken (1983), samen met een bejaarde zangeres. De onvergetelijkste scène over de erotiserende krachten die worden wakkergekust in een relatie van pensionado’s zat er in ieder geval niet in. Ze komt uit Avondrood, de legendarische voorstelling van het Werkteater uit 1978 en werd indertijd gespeeld door Marja Kok en Joop Admiraal. De twee oudjes zoeken in de tuin van het bejaardentehuis een beschut plekje om samen te poepen (speciaal voor de Vlaamse lezers, dat is Nederlands voor wat in uw taal ‘schijten’ heet). De teksten ('laat maar komme’ en 'efkens tegenhouden’) uit de scène bevatten weliswaar onmiskenbare referenties aan wat de Vlamingen daadwerkelijk 'poepen’ noemen, maar de intimiteit van het samen creëren van een grote boodschap oversteeg hier de banaliteit van de anekdote. Zoals alles in Avondrood over iets pertinent ánders ging dan wat de handeling suggereerde. In het toneel noemen wij dat 'meerwaarde’, ook wel 'metafoor’. Precies dat is wat in Bejaarden & Begeerte ontbreekt.
Het is een lieve voorstelling, daar niet van. Maar wel erg één-op-één en dus erg van rode-tulpen-rood-schilderen. De twee jongens hadden naar eigen zeggen opa’s die op hoge leeftijd verliefd werden en dat was voor hen aanleiding om in het onderwerp te duiken. Ze hebben wat cijferwerk bij elkaar gegoogeld, ze dragen voor uit een boekje waarin de RK Kerk in de jaren vijftig de ideologische kanten van de huwelijkse voorlichting bij de beminde gelovigen naar binnen masseerde. Ze babbelen wat met de zaal (minimaal vijftig procent 65-plussers anders gaat de zaak niet door) over flirten, stijldansen en vozen in vroeger jaren, ze lezen een brief voor over een eerste huwelijksnacht, er wordt een rap afgebroken partijtje bingo gespeeld, en de amateurzangeres-van-de-avond verleidt de zaal om Que sera sera van Doris Day mee te zingen. Enorm retro en schon dagewesen allemaal. En dan komen ze bij het hot item van de avond, seks tussen de bejaardenlakens, en nog schiet het allemaal niet erg op in die een tikje schelmerige jongensverhalen over vochtige vulva’s en de ochtenderectie van de eenzame weduwnaar.
Documentair theater van pak ’m beet dertig of veertig jaar terug, veel meer is het eigenlijk niet. Een makkelijke scène waarin een bejaarde dame zich voor de spiegel tot haar ondergoed uitkleedt op een Jacques Brel-nummer, tja. Twee door elkaar heen gemonteerde dagboeken van ongelukkig verliefde oudjes wier levens rakelings langs elkaar heen schieten. Maar ja: dan weer voorgelezen door die twee ideale kleinzoons en net als het raakt aan iets van diepgang gaat er toch weer die pikkebroekerige bravoure overheen. ’t Is ook allemaal enorm hetero wat de pot schaft (geen flikker of pot op leeftijd te bekennen). En die geschiedenislesjes zijn ook niet helemaal zuiver op de graat: bisschop Bekkers van Den Bosch opvoeren als jaren-zestigpionier van de voorbehoedmiddelen, ik geef toe, het is deel van de mythe, maar het wordt langzamerhand wel oppassen met dat type zuurstok-retrospectie - de man blijkt nu immers ook de speciale opbergkasten voor kapelaansdossiers over kleine-jongetjes-misbruik te hebben geïnstalleerd. Raar programma, dat Bejaarden & Begeerte. Nog ruimschoots te zien. Vooral bezuiden de grote rivieren trouwens.

Bejaarden & Begeerte is nog t/m eind januari te zien, inlichtingen en speellijsten www.stichtingnieuwehelden.nl en www.hetzuidelijktoneel.nl