Rammendan

BIJNA-RAMPEN veroorzaakt door een Marokkaanse stadsguerrilla, bosjes gewonden aan de kant van de politie bij veldslagen met Marokkanen, zware criminelen die opzettelijk gevoelens van onvrede bij de Marokkaanse gemeenschap aanwakkeren om hun eigen activiteiten te verdoezelen, jongerenwerkers die de jeugd ophitsen tot relschoppen. De afgelopen weken bereikte de hysterie rond Marokkaanse amokmakers een climax. De Amsterdamse hoofdofficier van justitie Vrakking ging zelfs zo ver om bij de media beelden te vorderen van Marokkaanse relschoppers bij het Amerikaanse consulaat. Voorlopig heeft minister Korthals Altes daar een stokje voor gestoken. Krijgt Vrakking via de rechter toch zijn zin, dan is de kans groot dat de bivakmuts straks niet langer het privilege is van de autonomen.

De overspannen reacties van politie en politiek op de conflicten met Marokkaanse jongeren verbloemen intussen het feit dat er sinds april zo goed als niets is gebeurd om het tij in de broeierigste stadsdelen te keren. Het Crisis Onderzoeks Team (COT) oordeelde al in juni 1998 dat ‘het beleid van politie en gemeente bijsturing behoeft en de verhoudingen tussen politie en Marokkaanse jongeren sterk moet verbeteren, wil de kans op nieuwe rellen uitblijven’. Eerste reactie van commissaris Van Riessen op het COT-rapport: 'Het bevat gezonde leerpunten voor de politieorganisatie.’ Gezien de escalaties zijn die lessen echter niet goed aangekomen. Bovendien werd de Amsterdamse politiek al jaren geleden gewaarschuwd voor botsingen met groepen jongeren in achterstandswijken. Inmiddels is het zover dat de roep om de 'lange lat’ steeds harder klinkt. Het COT vond in juni bovendien dat 'zowel de politieleiding als het stadsbestuur niet te snel met een oordeel over de feiten klaar mogen staan’. De uitlatingen van de 'driehoek’ - hoofdcommissaris Kuiper, hoofdofficier Vrakking en burgemeester Patijn - in december in Het Parool zullen allerminst bijdragen tot een ontspannen dialoog. Zo zouden tachtig Amsterdamse agenten vorig jaar gewond zijn geraakt door agressie van met name Marokkaanse jongeren. Waarop woordvoerders van de Marokkaanse gemeenschap onmiddellijk eisten dat daar bewijzen van op tafel moeten komen. Gebeurt dit niet, dan wordt een klacht ingediend. Ook beloofde korpschef Kuiper harder optreden van agenten. 'Agenten zullen minder risico’s gaan nemen. Dat er dan klappen zullen vallen is te begrijpen.’ Gebruik van vuurwapens bij relletjes wordt eveneens als rampenscenario geopperd. EEN REACTIE die illustreert hoe diep de vrees voor andere culturen er bij sommige politieagenten in zit, kwam van een agente die tijdens de demonstratie bij het Amerikaanse consulaat (waar Marokkaanse pubers hun kans schoon zagen al mattend de verveling van de kerstvakantie te verdrijven) van haar paard viel. Zij vertelde later 'angst te hebben gehad om gestenigd te worden’, een gewelddaad die hooguit nog in een enkele fundamentalistische heilstaat voorkomt. Overigens zoekt commissaris Van Riessen de aanstichters van de rellen bij een groep die 'de nieuwe Amsterdamse jeugd’ is gedoopt. Die groep werkt 'over de scheidslijn van de etniciteit heen’. Het gaat - gelukkig maar weer voor de zwaar gestigmatiseerde Marokkaanse gemeenschap - ook om Turkse, Surinaamse, Antilliaanse en, zelfs, autochtone jongeren. Kortom, theorieën te over. DE EERSTE politieke aanval op de uitlatingen van de driehoek justitie-politie-gemeente kwam van Jaap van der Aa, wethouder Jeugdzaken. De PvdA'er noemde de uitspraken 'paniekerig’. Er zou sprake zijn van een 'angstige benadering’ en 'gespierde taal om de beelden te vereenvoudigen’, zo liet hij in een interview met de NRC weten. Een 'overkill’ aan politieoptreden is volgens de PvdA'er zinloos. Van der Aa schaart zich achter de adviezen van de commissie-Lankhorst. Die pleitte vorige zomer na een uitgebreid onderzoek naar de rellen in Amsterdam-West voor meer voorzieningen in buurten waar het spaak loopt, betere toeleiding naar onderwijs en werk, en het aanwijzen van mentoren die de jeugd moeten begeleiden. Maar alle goede bedoelingen van de wethouder ten spijt: vooralsnog is het gebleven bij het aanbieden van wat meer sportactiviteiten en het aantrekken van een extra jongerenwerker voor Overtoomse Veld. Wat de Amsterdamse politietop met zijn uitspraken van eind vorig jaar in elk geval wel heeft bereikt, is dat een aantal fracties in de Tweede Kamer, de VVD voorop, onmiddellijk om harde maatregelen riep 'tegen de stadsterreur van vooral Marokkaanse jongeren’. Snelrecht, harder politie-optreden, extra cellen, registratie van jongeren, beveiliging van politiebureaus, luidt de aloude retoriek. VVD en CDA zijn zelfs bereid meer geld vrij te maken om 'de stadsterreur’ te bestrijden. En dat is precies waar politie en justitie op uit zijn, meent Saïd Rabhi van het landelijk Komitee Marokkaanse Arbeiders Nederland: 'Dat verhaal over criminelen die de relletjes regisseren, is flauwekul. Ik werk al negen jaar heel intensief met Marokkaanse jongeren. Ik zou daar zeker van op de hoogte zijn. De hele zaak wordt opgeklopt omdat de politie meer geld wil uit Den Haag. Dat geldt ook voor de welzijnswereld. Ik geloof wel dat vanuit die hoek jongeren soms worden opgehitst. Hoe groter de problemen, hoe meer subsidie er immers wordt gegeven en hoe meer rapporten er geschreven kunnen worden. Maar intussen gebeurt er niets fundamenteels om het isolement van de jongeren te doorbeken.’ RABHI VINDT het onbegrijpelijk dat in al die jaren dat bekend is dat een deel van de Marokkanen maatschappelijk afglijdt, er nooit iets is gebeurd om hun positie te verbeteren. 'Alle ad hoc-maatregeltjes ten spijt, verergert de situatie van de jongeren alleen maar. Ze worden stelselmatig overal van beschuldigd en waarom zou je je daar dan niet naar gedragen? Het stikt van de Marokkaanse organisaties die precies weten wat er speelt, maar die worden niet serieus genomen. Waarom gaat Patijn na de rellen in de Indische buurt op eigen houtje naar de moskee in de Celebesstraat? Geen wonder dat hij daar wordt weggehoond. Er is een Stedelijke Marokkaanse Raad die de gemeente adviseert. Waarom wordt die niet geraadpleegd in zo'n geval? Marokkanen worden behandeld als wezens van een andere planeet, maar we zijn donders goed in staat onze eigen boontjes te doppen of op z'n minst mee te praten over een oplossing voor de problemen.’ 'De relletjes ontstaan vanuit een combinatie van frustratie, ramadan en machogedrag’, stelde A. Abaida van die Stedelijke Marokkaanse Raad eind december in de Volkskrant. Ook Abaida is ervan overtuigd dat er geen crimineel netwerk achter de relletjes zit. Hij denkt eerder dat zowel Nederlandse als Marokkaanse (oud-)welzijnswerkers uit frustratie over bezuinigingen gevoelens van onvrede aanwakkeren. Abaida wil een SOS-lijn in het leven roepen waar jongeren advies kunnen vragen wanneer zich een incident voordoet. 'Ze kunnen beter ons raadplegen dan elkaar optrommelen via hun mobiele telefoons.’ BIJ DE POLITIEKORPSEN in Rotterdam, Den Haag en Utrecht kijken ze intussen wat verbaasd naar de strijd tussen hun Amsterdamse collega’s en Marokkaanse jongeren. In Utrecht, waar verhoudingsgewijs de meeste Marokkanen wonen, is het vooralsnog bij een paar incidenten gebleven. Echt uit de klauw liep het nooit, weet Hans Papeveld, ex-politiechef van het Utrechtse wijkteam Marco Polo. Sinds juni leidt hij het Expertisecentrum Politie en Allochtonen, waarbij de districten Holland-Midden, Utrecht en Amsterdam zijn aangesloten. Dit 'kenniscentrum’ wil een betere verstandhouding kweken tussen politie en etnische groeperingen. Amsterdam heeft echter na de recente schermutselingen nog niet bij het centrum in Utrecht aangeklopt. Wel start in april, precies een jaar na de rellen, een project van het expertisecentrum in stadsdeel Slotervaart/Overtoomse Veld. Papeveld is van mening dat in Amsterdam 'een klein groepje dat heel dominant aanwezig is, veel te veel aandacht krijgt’. De pers werkt daarbij als katalysator. 'Er is inmiddels sprake van een bar verstoorde verhouding tussen de Amsterdamse politie en dat relatief kleine groepje jongeren. Het duurt wel even voor die verhouding is hersteld. Ik weet in elk geval uit talloze contacten met de Marokkaanse gemeenschap dat de Marokkanen als eersten willen dat de situatie ten goede keert. En er zal altijd een deel van de jeugd zijn dat je nooit bereikt, maar dat is niks nieuws en geldt net zo goed voor autochtone jongeren.’ Volgens Papeveld moet de Amsterdamse politie 'zich zo langzamerhand toch eens achter de oren krabben’: 'Er moet veel meer geïnvesteerd worden in het “kennen en gekend worden”. Dat klinkt simpel, maar het werkt nog steeds het beste wanneer je in iedere wijk buurtregisseurs hebt die vertrouwen hebben en krijgen. Het is jammer dat daar nog niet op grote schaal mee wordt gewerkt in Amsterdam. Utrecht mag dan misschien kleiner zijn dan Amsterdam, de ervaring heeft ons geleerd dat je met die methode de boel prima in de hand houdt.’ IN DEN HAAG is het aantal incidenten tussen politie en Marokkaanse jongeren ook te verwaarlozen. Een politiewoordvoeder: 'Natuurlijk zijn er wel eens incidenten, maar zo'n heel GSM-circuit zoals in Amsterdam kennen we hier niet. Wat wel specifiek is voor Den Haag, is dat bij willekeurig wat voor demonstratie rond het Binnenhof altijd bepaalde groepen jongeren, waaronder ook Marokkaanse, significant aanwezig zijn. Maar dat heeft tot op dit moment nooit geleid tot speciale problemen.’ In Rotterdam zijn er volgens een politiewoordvoerder vooral problemen met jonge Marokkaanse drugsrunners. De politie wordt echter nooit een strobreed in de weg gelegd tijdens arrestaties. 'Maar ook in Rotterdam krijgt iedere week wel een agent een klap voor zijn kanis. Die klappen worden zeker niet per se uitgedeeld door Marokkanen. In het algemeen neemt geweld tegen de politie toe en wordt er steeds vaker verzet gepleegd tijdens arrestaties. Het is echter nooit gebeurd dat groepen Marokkaanse jongeren zich massaal tegen de politie keerden. Misschien komt dat wel door onze mentaliteit van “niet lullen, maar poetsen”. In Rotterdam is de politie in elk geval nog steeds de baas.’