Economie

Rancune

Het is een politieke prestatie van formaat. Van ‘himmelhoch jauchzend’ naar ‘zum Tode betrübt’ in nog geen 48 uur. Terwijl het land vorige week maandag bijkans uit zijn voegen barstte van trots, blijdschap en opluchting over zoveel doortastendheid en daadkracht – een ‘nieuwe generatie’ van pragmatische veertigers was opgestaan, die radicaal brak met het klassieke wantrouwen van donneriaanse christen-democraten en dat meteen verzilverde met een nieuw wereldrecord formeren – was twee dagen later datzelfde land te klein toen het tot de goegemeente doordrong dat de klappen die de bovenste helft van het Nederlandse loongebouw opliep wel erg fors waren.

Twintig tot dertig procent koopkrachtverlies. En het meest verbijsterend was nog dat de coalitiepartners geen weerwoord hadden. En zo kon het gebeuren dat waar een gemiddeld kabinet twee jaar over doet, en waar de Kunduz-coalitie twee maanden voor nodig had, Samsom en Rutte in luttele dagen lukte: van euforie naar deceptie, van elkaar wat gunnen naar verzuurde relaties en van riante meerderheid naar armoedige minderheid.

Als de geschiedenis zich herhaalt is het als farce. En het zou verduiveld komisch zijn als de schade niet zo groot was. Maandenlang zijn we bestookt met de bezwering dat als daadkracht en duidelijkheid maar eenmaal voor meer ‘vertrouwen’ zouden zorgen de woningmarkt weer zou aantrekken en alles goed zou komen. Onzin natuurlijk, maar als het maar vaak genoeg wordt herhaald, gaan burgers het vanzelf geloven en zich ernaar gedragen. De electorale opluchting over verkiezingsuitslag en snelle formatie, culminerend in het geflikflooi tussen Rutte en Samsom in #pauwenwitteman van vorige week, was dan ook tastbaar. Mijn time line droop van de amoureuze aanvechtingen, niet alleen van PvdA’ers en VVD’ers maar ook van D66’ers en GroenLinksers, en zelfs van een enkele weerspannige SP’er. Zouden we eindelijk een streep kunnen zetten onder tien jaar politiek geklungel? Kunnen afrekenen met de populistische kramp? Een normaal land worden?

Nee. Dankzij het hemelschreiende amateurisme van Rutte en Samsom is het vertrouwen van de burger in politiek en staat na de eerste euforie weggezakt naar middeleeuws peil. Als zelfs het CPB de cascade van over elkaar heen buitelende bezuinigingen, pardon: lasten­verzwaringen, niet kan bijbenen, hoe zouden journalisten en burgers dat dan wél kunnen? Dus weet geen hond wat hem volgend jaar te wachten staat. Je hoeft geen helderziende te zijn om te snappen dat dit een verwoestend effect heeft op de binnenlandse bestedingen. Nederlandse huishoudens waren al als idioten aan het sparen en zullen dat na dit politieke debacle alleen nog maar fanatieker doen.

Ik heb mijn oordeel over bezuinigen in ontschuldingstijd nooit onder stoelen of banken gestoken – stupide, achterlijk, het stomste wat je maar kunt doen. Maar murw gebeukt door Brussel, Kunduz, Knot, De Jager en alle andere flagellanten van de monetaristische dwaalleer was het electoraat daar met een zekere, aan masochisme grenzende wellust de laatste maanden geleidelijk anders over gaan denken. Oké, we hebben boven onze stand geleefd en misschien zijn zeven magere jaren nog zo’n gekke straf niet voor vijftien jaar mammonverering, zo vernam ik steeds vaker in kroeg en restaurant, op feesten en partijen. Krimp moet, krimp doet ons goed. Zeker onder de ecologische zeloten van GroenLinks, die verpaupering met duurzaamheid verwarren, was het een geliefde mantra.

Oftewel, een groeiend electoraal draagvlak voor schuld- en tekort­reductie en een toenemende bereidheid om daar een stap voor terug te doen. En wat doet de PvdA? Die trekt aan het begin van de onderhandelingen de nivelleringskaart – alsof hoge inkomensongelijkheid een urgent probleem is – en hoopt dat kiezers niet in de smiezen hebben dat offers in de vorm van een ver(drie)dubbeling van de zorgpremie niets maar dan ook niets bijdragen aan de zo vurig gewenste tekortreductie. Naijverig nivelleren om te nivelleren, meer is het niet. En met fikse omgevingsschade: dalende bestedingen, stijgende werkloosheid, afnemende concurrentie en afkalvende solidariteit.

Op de vleesgeworden arbeiders­parodie Spekman na geloof ik niet dat de top van de PvdA gelukkig is met dit onderhandelingsresultaat. Ik heb sterk het vermoeden dat de onderhandelaars het slachtoffer zijn van hun eigen onsterfelijkheidswens. In een fascinerende reconstructie van de coalitiebesprekingen in NRC Handelsblad laten Tom-Jan Meeus en Derk Stokmans zien hoe Wouter Bos met consultancytrucjes de vaart erin hield. Verleid door de droom van daadkracht maak je dan makkelijk foutjes. Geeft niets. Kan gebeuren.

Het is voor Nederland te hopen dat Samsom zich niet door de proletarische rancune die het akkoord bij een deel van zijn achterban heeft aangewakkerd op zijn Spekmans laat verleiden tot totalitaire nivelleringsdrift. Dan zijn de rapen echt gaar.