Rebatet, de aarsengel van hitler (14)

Op 3 oktober 1942 sloeg Lucien Rebatet steil achterover van het enorme effect dat zijn boek Les decombres veroorzaakte. Men kwam en masse naar de pro- Duitse boekhandel aan de Place de la Sorbonne in Parijs waar hij signeerde. Wat had deze man geschreven dat heel Parijs er voor uitliep, dat alle kranten erover schreven, dat er in de cabarets onophoudelijk uit werd geciteerd? Misschien is het mooiste antwoord dat van Rebatet zelf. ‘Waar gaat het boek over?’ ‘Nergens over, monsieur, het gaat tegen alles.’

Het boek is een requisitoir tegen het vooroorlogse Frankrijk dat zich in decadentie had ondergedompeld, zodat het in 1940 geen partij kon zijn voor de frisse, fascistische staten die het tijdperk van de etterende democratieen voorgoed afsloten. Rebatet richt zich niet enkel tegen de gesneuvelde Franse democratie, zijn vloekzang is evenzeer gericht tegen de Action francaise van Charles Maurras en tegen Maurras persoonlijk. In hem heeft hij geloofd. Maurras wilde de rooms-katholieke kerk een dominante positie geven in een autoritair, monarchistisch Frankrijk waarin strenge statuten voor vreemdelingen zouden gelden en waaruit joden, vrijmetselaars en protestanten dienden verwijderd.
Maurras stond voor de standenstaat en de uitdrijving van het socialisme. Had Maurras het antisemitisme niet voor het eerst tot een politieke ideologie van grote bruikbaarheid gemaakt om de rancuneuze massa te mobiliseren tijdens de Dreyfus- affaire? Maar juist deze Maurras en zijn aanhang verscholen zich in het attentisme van Petains Vichy- Frankrijk. Met dit afwachten verzaakten zij de werkelijke nationale revolutie die Frankrijk in alliantie moest brengen met nazi-Duitsland, want Hitler was de enige echte revolutionair van de nieuwe tijd en Rebatet was zijn aartsengel. Petain en Maurras waren niets anders dan stiekeme meelopers van De Gaulle, voor wiens verbond van jodendom en bolsjevisme zij de loper uitlegden in plaats van zich uit te leveren aan de enige waarborg van een nieuw Europa, de pax germanica. Hoe verjoodst zelfs Petain was, kon je wel zien aan de sjerp op het gebroken geweertje van Petain, dat sprekend leek op die eeuwig smerige zakdoek van de bordeelsluiper Blum.
In dergelijke schandaleuze termen en tal van nieuw bedachte scheldwoorden is het boek gesteld. Zelfs uit de gekuiste heruitgave uit 1976 valt na te voelen dat het boek toen als een tonicum werd ondergaan. Nazi- Duitsland lijkt de Russen voorgoed te verslaan en staat op het punt de geallieerden te verdrijven uit Noord-Afrika om daarna door te stoten naar het Midden-Oosten en de hand te reiken aan Japan. Een nieuwe wereldorde stond voor de deur; ging Frankrijk deze historische boot missen?
Als polemist overtrof Rebatet - door zijn veel sterkere coherentie en door de historische lijn in zijn verhaal - ruimschoots de goed verkopende pamfletten van Celine. Het leek alsof de Franse lezers via Les decombres een masochistisch bad namen.
Zijn vehemente anti- democratische gevoelens had Rebatet niet van een vreemde: zijn bigotte moeder waarschuwde hem als kind al tegen de vervuiling door de democratie. Op het ultra-katholieke internaat was Rebatet gewikkeld in een verbeten strijd tussen zijn verlangens naar de wereld en naar het geestelijke, en bijna koos hij voor het priesterschap. Eenmaal in Parijs werd hij een belijdend aanhanger van de Action francaise en Maurras’ anti- germanisme. Hij was in de jaren twintig zelf fel anti-Duits. Zijn groeiende journalistieke reputatie berustte vooral op zijn publikaties over film onder het pseudoniem Francois Vinneuil. Ook schreef hij zowel in Action francaise als in Je suis partout over muziek.
De grote omslag naar het nazisme en antisemitisme kwam bij Rebatet pas in 1933. In november 1933 was hij aanwezig bij een muziekuitvoering door Duitse joden, toen plotseling een bekende Franse musicus in de zaal opstond en hard ‘Heil Hitler’ riep. Het was een soort 'Saulus wordt Paulus’-effect. Ineens ontdekte Rebatet dat inderdaad ontzettend veel muziek, kunst, literatuur, cultuur werd gedomineerd door joden. Hij merkte ineens dat er ook talloze van die onbetrouwbare joden, aan wier uiterlijk je zo kon zien dat ze niet deugden, Frankrijk binnenstroomden omdat Hitler aan hun praktijken in Duitsland een einde had gemaakt. Hij ging Celine lezen.
Tot overmaat van ramp liep Rebatet ook nog verwondingen op tijdens de februari- schermutselingen tegen de republiek in 1934, en trouwde hij met de antisemitische Roemeense Veronique, die ijverig meewerkte aan de speciale antisemitische specials die Rebatet toen voor Je suis partout mocht maken. Reizen door Italie en Duitsland overtuigden hem ervan dat Hitler de redding was van Europa.
Het succes van Les decombres lijkt Rebatet, die ook lid is van Darnards pro-Duitse Milice of landwacht, een kans te geven om politiek een rol te gaan spelen. Maar hij mikt op het verkeerde paard, op Deat namelijk en diens RNP, een partij die door Doriot van de PPF als een partij van vrijmetselaars wordt beschouwd. Ook Je suis partout is meer PPF- geneigd. Met zijn voornaamste vriend uit Je suis partout, Robert Brasillach, heeft Rebatet ruzie gekregen. Brasillach blijft 'marechaliste’ en verwerpt Rebatets aanval op Maurras. Ten slotte gelooft Brasillach in de loop van 1943 niet meer in een overwinning van de As. Hij wil van Je suis partout een louter literair blad maken.
Rebatet werkt hele dagen aan het uitdijende manuscript van zijn roman Les deux etendards, waarin hij zijn hoop vestigt op een uiteindelijk hierarchisch herstel van de Europese wereld onder de kerk van Rome. In augustus 1944 vlucht Rebatet met de andere collabo’s naar Sigmaringen, waar zijn vrouw, die niets dan weelde gewend is, een klagende moeder van smarten wordt.
Na de Duitse nederlaag wordt Rebatet snel opgebracht. Zijn proces, eind 1946, loopt uit op een aanval van Rebatet op zijn rechters, die ook in Vichy- Frankrijk - vooral tegen het verzet - hebben gevonnist. Rebatet, die veel ergere pro- Duitse ophitsing en antisemitische krachttermen - tot en met verheerlijken van concentratiekampen en pogroms toe - op zijn naam had staan dan Brasillach, treft het dat Brasillach al in februari 1945 is terechtgesteld. Hij heeft mede geboet voor de bijltjesdagsfeer die toen in Parijs hing. Een jaar na de bevrijding beginnen er tegenstemmen te komen tegen de zuivering. Paulhan, zelf uit het verzet afkomstig, schrijft zijn felle Lettre aux directeurs de la Resistance en Bernanos vraagt zich af of Frankrijk de oorlog soms voortzet in de vorm van oorlog tegen het papier, doelend op de processen tegen uitgevers, schrijvers en journalisten die vaker worden gevoerd en meer aandacht trekken dan die tegen de Franse economie, die 687 miljard bijdroeg aan de Duitse oorlogvoering.
Rebatet wordt ter dood veroordeeld maar begenadigd. Terwijl hij nog vastzit, verschijnt als feuilleton zijn Les deux etendards. Terwijl critici opmerken dat de oude antidemocratische en antisemitische geluiden in deze roman niet ontbreken, wordt Rebatet in 1952 vervroegd vrijgelaten. Binnen enkele jaren schrijft Rebatet weer voor extreem-rechtse bladen. Onder zijn oude schuilnaam Vinneuil publiceert hij ook een door kenners lovend ontvangen geschiedenis van de muziek, naar aanleiding waarvan de Franse radio hem in 1970 de kans op een comeback wil geven via een interview. De oude polemist heeft niets van zijn vehementie verloren, hij gaat geweldig tekeer en voorspelt dat het nieuwe fascisme uit de derde- wereldlanden zal komen.
Op 26 augustus wordt hij in Moras-en-Valloire begraven. Er was geen enkele Parijse vriend overgekomen. Ook zijn vrouw Veronique ontbrak.