Rechts op oorlogspad

New York – Op 4 maart 1933 werd president Franklin D. Roosevelt geïnaugureerd. De natie was uitzichtloos in de economische crisis verstrikt geraakt. In zijn eerste honderd dagen had de president vijftien redevoeringen voor het Congres gehouden, tien keer het volk toegesproken en waren er vijftien wetten afgekondigd. Op 16 juni was de New Deal een feit. De oppositie schold de president uit voor socialist. Zijn beleid was niet in alle opzichten een succes, maar historisch gezien had hij het volk zijn élan teruggegeven.
President Obama heeft nog een paar weken te gaan voor hij aan zijn honderd dagen is. Maar in zijn eerste maanden doet hij sterk aan Roosevelt denken. Ook hij heeft een puinhoop geërfd: de crisis, een werkloosheid van tegen de zes miljoen mensen, twee oorlogen, een versleten, desintegrerend bondgenootschap, een sterk gegroeid mondiaal anti-Amerikanisme en een gedemoraliseerde publieke opinie. Met een bewonderenswaardige energie is hij aan de nationale reconstructie begonnen. Maar Keulen en Aken zijn niet op één dag herbouwd. Door zijn Europese reis is er bij de bondgenoten weer een begin van vertrouwen. Hij heeft verzekerd dat Amerika geen oorlog tegen de islam voert, maar dat had Bush ook al herhaaldelijk gedaan. Zijn plannen tot economisch herstel wekken scepsis. Uit zijn bereidheid met Iran te praten en de blokkade van Cuba te verzachten blijkt dat hij ernst maakt met het herstel van de diplomatie. Change, ja, die is er onmiskenbaar. Maar honderd dagen zijn niet genoeg om te herstellen wat in acht jaar is afgebroken.
Na de eclatante overwinning van 4 november was het relatief stil geworden in het kamp van de rechtse oppositie. Voor die datum hadden de partizanen daar zich alle denkbare verdachtmakingen veroorloofd. Een van Obama’s beste vrienden was een terrorist, in het geheim was hij een moslim, hij wilde de vrije burgers hun recht op het bezit van een vuurwapen afnemen, het was zijn diepste wens Amerika tot een socialistische maatschappij om te turnen. Dergelijke absurditeiten. Iedere democratie heeft een lunatic fringe, een franje van politici en kiezers die het verschil tussen droom en daad niet kennen. In Amerika gedraagt een deel van dit gezelschap zich radicaler dan in Europa (hoewel we in Nederland althans verbaal die achterstand aardig inhalen). Intussen heeft rechts Amerika zich volledig geremobiliseerd.
Om je op de hoogte te stellen van wat er in dit kamp wordt gedacht, doe je er het beste aan iedere dag naar Fox News te kijken en de New York Post te lezen; beide media van NewsCorp, het concern van Rupert Murdoch. Daarin wordt de visie gepropageerd dat Obama een on-Amerikaanse slapjanus is, er op uit om door diplomatieke praatjes een München met de vijand voor te bereiden. Er is volgens deze kringen maar één politiek die werkt: radicaal erop slaan, zoals de vorige president dat deed. Minder evenwichtige geesten zijn geneigd deze mening als een persoonlijk advies op te vatten. Al tijdens Obama’s verkiezingscampagne is de lunatic fringe begonnen met het hamsteren van vuurwapens. Als straks de socialistische revolutie werd afgekondigd, zou je je in ieder geval nog behoorlijk kunnen verzetten.
Nu moet rechts een kleine tegenvaller verwerken. Dat komt door de Somalische piraten. De kapitein van de Maersk Alabama, Richard Philips, die ze hadden gegijzeld, is bevrijd. Scherpschutters van de marine hebben in de beste traditie van hun vak drie piraten doodgeschoten, en Philips is ongedeerd op weg naar huis. Met dit nieuws werd de natie verrast op eerste paasdag. De president zelf had de actie van tevoren goedgekeurd. Zaterdag had de New York Post in een hoofdartikel nog geadviseerd ‘het melodrama tot een onmiddellijk einde te brengen, ongeacht de gevolgen voor de gegijzelde’. ‘Sink ’Em’ staat boven dit stukje. CNN heeft gepaste bewondering maar wijst erop dat deze bevrijding ook krachtig in het voordeel van Obama werkt en vergelijkt het met het effect dat indertijd de invasie van Grenada voor Ronald Reagan heeft gehad.
De politieke burgeroorlog met uiterst rechts duurt voort. Maandag schoot in Pittsburgh ene Richard Poplawski drie agenten neer. Hij probeerde er nog negen te doden. Volgens vrienden was hij ervan overtuigd dat binnen de regering een samenzwering bestond om de Amerikaanse vrijheden op te heffen en in plaats daarvan onder leiding van Obama een linkse dictatuur te vestigen. Europeanen zullen het misschien als een aanwijzing zien dat men hier de kluts is kwijtgeraakt. Dan vergissen ze zich. Amerikanen zijn consequenter en soms extremer. Daardoor is de kans groter dat ergens een krankzinnige rondloopt die zich door een verbaal extreme omgeving gerechtvaardigd voelt tot daden over te gaan. Dat is het gevaar.