Buitenland

Rechtsstaat

Ursula von der Leyen (L) in gesprek met Mark Rutte in Brussel, 20 juli 2020 © Chine Nouvelle / Sipa

‘De Nederlander’ was volgens de Hongaarse premier Viktor Orbán verantwoordelijk voor het dreigende vastlopen van de EU-top over de meerjarenbegroting en het coronaherstelfonds. Het zeer zat zo diep dat Orbán in plaats van Rutte bij naam te noemen liever een greep deed naar een nationaal stereotype dat past in het rijtje van de heetgebakerde Italiaan en de vrolijke Belg. Wat het zegt over de staat van Europa dat regeringsleiders zich bedienen van Asterix en Obelix-achtige clichés is een vraag die maar beantwoord moet worden als het stof van het Brusselse gesteggel is neergedaald.

Maar aan welk imago appelleerde Orbán eigenlijk? Rutte is natuurlijk de kopman van ‘de zuinige vier’. Orbáns kritiek sloeg echter op de eis van Rutte en andere regeringsleiders dat Europees steungeld gekoppeld moet zijn aan criteria over democratie en rechtsstaat. Hongarije, het land dat net als Polen Brusselse strafprocedures tegen zich heeft lopen vanwege het ondergraven van Europese liberaal-democratische waarden, is daar mordicus tegen. De zuinige calvinist mag dan harteloos zijn richting broeders die begrotingssteun nodig hebben, hij kan tegelijkertijd de verdediger van democratie in Europa zijn.

De Hongaren speelden het slim. De Hongaarse parlementsvoorzitter schreef een brief aan Rutte waarin hij de twee premiers gelijkschakelde: beiden gebonden aan een mandaat van hun parlement. Rutte mocht niet thuiskomen zonder ‘noodrem’ voor EU-gelden. Orbán mocht niet tekenen voor een kader van rechtsstatelijke voorwaarden voor Europese financiële steun. ‘Laten we een dialoog starten tussen onze beider parlementen.’ Dat zagen de Hongaren natuurlijk zitten. Een een-tweetje met ‘de Nederlander’ geeft Orbán een strategische positie. Het zwaartepunt van de zuinige vier verplaatst zich dan naar de koppige twee.

Rutte is harteloos en zuinig maar verdedigt ook de democratie

Rutte’s slimheid zat in het dubbele schaakspel dat hij speelde. Zodra het om randvoorwaarden gaat, is er ruimte om de aard van de Europese Unie te vormen. Rutte’s uitgangspunten zijn begrotingsdiscipline en een robuuste rechtsstaat. De acute noodzaak van het eerste is omstreden – en vormt een kloof tussen noord en zuid. Het tweede zou onomstreden moeten zijn maar vormt in toenemende mate een kloof tussen oost en west. Het veto dat Rutte nastreefde was daarmee een dubbelzijdig zwaard. Het kan geheven worden tegen landen die hun financiën op een beloop laten en tegen landen die hun rechtsstaat versjacheren.

De vraag is alleen in hoeverre onze premier het verband ziet tussen die twee doeleinden. Het rechtspopulisme dat vreet aan Europese rechtsstaten voedt zich voor een belangrijk deel met de onvrede over de harde bezuinigingen van het afgelopen decennium. De anti-immigratiepolitiek waar de rechtspopulisten gebruik van maken, werkt omdat grote delen van de Europese bevolking in precaire omstandigheden zitten en nieuwkomers zien als een economische dreiging. Zou Rutte beseffen dat Orbán in 2010 aan de macht kon komen mede omdat hij zich afzette tegen de soberheidspolitiek die Europa na de financiële crisis van lidstaten verlangde?

De echte inzet bij de EU-top was dan ook niet de miljarden meer of minder, maar de fundamentele kwestie of Europa inziet dat onderlinge financiële solidariteit en een gezonde democratie hand in hand gaan. De beste manier om Europeanen te winnen voor hun Unie is laten zien dat die Unie ook daadwerkelijk iets voor ze kan betekenen in tijden van nood.

Rutte was de afgelopen dagen de bekritiseerde ‘meneer nee, nee, nee’. De mate waarin Nederland profiteert van andere Europese landen – onder meer als belastingparadijs – had veel meer inschikkelijkheid gerechtvaardigd. Maar als het op de rechtsstaat aankomt is een harde opstelling maar al te gewenst – en het is een verlies dat slechts een sterk verwaterde rechtsstaatclausule in de uiteindelijke deal werd opgenomen. Natuurlijk wil Orbán niet dat één land de geldtoevoer kan dichtdraaien, als straf voor rechtsstatelijke ondermijning. Op die manier kan Hongarije doorgaan met wat het eerder deed: EU-gelden doorsluizen naar begunstigden van Orbán – een van de redenen dat Hongarije nu in het beklaagdenbankje zit.

En stel je voor dat het overeind houden van Europa’s liberale waarden neerkomt op een enkel land dat de poot stijf houdt? Het Europa dat Rutte met al zijn zuinigheid nastreefde is ook een Europa waar landen elkaar kunnen aanspreken op democratische gebreken en het stutten van de rechtsstaat kunnen eisen in ruil voor EU-geld. In tijden van oprukkende autocratie is dat een wenselijk uitgangspunt.