Referendum

In Den Haag wordt op dit moment overlegd over de invoering van het correctief referendum. Een democratisch instrument om de bevolking van Nederland over belangrijke beslissingen mee te laten stemmen.

Wat bepaalt de uitslag? Ten eerste het opkomstpercentage. Bij onvoldoende opkomst is de uitslag niet geldig en wordt de beslissing niet gecorrigeerd, ook al stemt de meerderheid van de opgekomen burgers tegen.
Hoe bepaal je het opkomstpercentage? Je kunt bijvoorbeeld bepalen dat de opkomst zestig procent moet zijn van de opkomst bij de laatste kamerverkiezingen, maar het bepalen van dat percentage blijft een willekeurige zaak, tenzij je zegt: de meerderheid van de bevolking, dus boven de vijftig procent.
De uitslag wordt ook bepaald door het onderwerp. Een milieukwestie, zoals de Betuwelijn, zal sneller tot een hogere opkomst leiden dan een abstracte wetswijziging.
Dan speelt mee het vertrouwen dat de burger in de politiek heeft. Zowel bij het opkomstpercentage als bij het voor of tegen stemmen. Een negatieve indruk van politici (zakkenvullers) maakt dat mensen sneller tegen zullen stemmen. De kloof tussen burgers en politiek speelt mee.
Ten slotte is de voorlichting van groot belang. De overheid is daar slechter in dan actievoerders, dat staat vast. Als de eerste zin die naar buitenkomt fout is, kan de overheid die nooit meer goedmaken. Tegenstanders van een voorstel maken daar terecht gebruik van.
De emoties spelen zeker ook een rol, op een andere manier dan bij verkiezingen, het zegt dus niks over politieke winst of verlies.