Radio

Reiss-microfoon

Radio Radio 4

Radio 4 had 31 mei tot Dag van de liefde geproclameerd. ‘Wij houden van Radio 4’, kopte de vpro-gids die dag geestig boven haar dagelijkse Radiotip, de lezer voor de programmering overigens doorverwijzend naar website en teletekst. Maar houden wij van Radio 4? Ach, je kunt niet met en je kunt niet zonder en dat laatste wint. Maar het is wel het soort geërgerde haat/liefde van alledag waar componisten zelden een meesterwerk over zullen schrijven. Toegegeven, makkelijk hebben ze het daar nooit gehad. Ze worden geacht de liefhebber van Tritsch-Tratsch-polka en die van Stockhausen te bedienen en dat met de geparfumeerde adem van Classic FM in de nek. De een wil gedegen musicologische toelichting, de ander de anekdotentrommel, de derde wil helemaal geen gelul – hooguit componist, opusnummer, toonsoort en uitvoerenden. De een wil hooguit een prettig anonieme radiostem (en heeft ook daarin voorkeuren die anderen niet delen), de ander kan niet wachten tot koningin Maartje (van Weegen) of ondeugende tante Nelleke (van der Krogt) haar of hem bij de hand neemt. Radio 4 telt trouwens toch veel vrouwenstemmen die regelrecht uit Beatrix’ hofhouding lijken te komen, wat enerzijds een adequate weerspiegeling is van de wereld die Klassieke Muziek heet, anderzijds het repertoire wel erg bindt aan de sfeer van medisch specialisten die in hun vrije uren Haydn-kwartetten spelen (hieruit spreekt enige jaloezie). En veel luisteraars maken van gans Radio 4 een karikatuur door alleen die onderdelen te benadrukken die niet bevallen: de piep-knormuziek van de woensdagavond (alleen de benaming al dom-generaliserend), of het ouwehoeruurtje van de inderdaad onverdraaglijke Ernst-Daniël Smid.

Enfin, generaliserend dédain voor Radio 4 is gebruikelijk, maar alleen al een schitterend instituut als de Zaterdagmatinee (Avro, nps en Tros, die daarmee Ernst-Daniël compenseert) maakt dat volstrekt onterecht. Die Matinee kreeg trouwens uitgerekend op die Dag van de liefde de Zilveren Reiss-microfoon – wat gerechtigheid is en tegelijk een schande want de Matinee (ooit Vara) bestaat al sinds 1961, die microfoon sinds 1966 en als iemand ooit die prijs had moeten winnen, dan Jan Zekveld, die inmiddels vertrokken is. Ik steek de hand in eigen boezem, want hoewel ik te weinig radio hoor om mee te jureren zat ik er menig jaar bij als de Matinee weer werd overgeslagen. Ook overgeslagen, denk ik, omdat de meeste omroepjournalisten niet in die klassieke niche geïnteresseerd zijn en omdat de jury er vaak beducht voor lijkt als elitair over te komen (zie ook de vele Nipkowschijven voor populaire programmacategorieën).

Weken tevoren kondigde Radio 4 haar liefdesdag trouwens aan met een spotje waarin dat gruwelijk mooie slotduet uit Monteverdi’s l’Incoronazione di Poppaea. Mij ontlokte dat spotje een malicieuze grijns, want dit half-orgastisch hoogtepunt uit de muziekgeschiedenis is mooi wel de climax tussen de dubieuze intrigante Poppaea en de krankzinnige Nero die zijn hartendiefje wat jaren later zwanger en wel doodschopte. Maar zelfs zonder die gruwel: het liefdesduet uit een van de eerste opera’s met een historisch en dus niet een mythologisch onderwerp bezingt smeltend mooi de overwinning van het Absolute Kwaad. Schoonheid en Goedheid gaan meestal niet hand in hand. Kijk, dat vertellen ze er niet bij op Radio 4.