Relatietherapeut

De achterkamertjespolitiek die informateur Herman Tjeenk Willink moet doorbreken, is niet slechts van de periode-Rutte en betreft óók het parlement.

Hopelijk kan hij erom lachen, en eerlijk gezegd denk ik dat wel, maar ik noem informateur Herman Tjeenk Willink sinds vorige week de relatietherapeut van het Binnenhof. Na de geïmplodeerde eerste verkenningsfase in de week na de verkiezingen is hij de man die het wantrouwen tussen politieke partijen moet proberen om te buigen in samenwerking tussen een aantal van hen. Zodat er een kabinet kan worden gevormd.

Wat doen relatietherapeuten? Onderzoeken of het goed kan komen en of partijen samen verder willen gaan. Dat is vrij vertaald naar wat ik op een website van psychotherapeuten vind als doel van de therapie. Een therapeut helpt ‘om de oorzaak van de problemen te vinden, ingesleten patronen te herkennen en toe te werken naar oplossingen’. Het is precies wat ook Tjeenk Willink aan het doen is.

Over de oorzaak van de problemen zijn partners het echter vaak al niet eens. Ook op het Binnenhof niet. Volgens menige politieke fractie is Mark Rutte, ruim tien jaar minister-president, het probleem. Rutte weg, probleem weg! Was het maar zo makkelijk. Al in de aanloop naar de verkiezingen schreef ik dat je door hem alle schuld toe te dichten, al is het dan in het negatieve, Rutte ook koning speelt. En hem meer macht en invloed toedicht dan hij feitelijk heeft. Wat niet wil zeggen dat een ander persoon op de stoel van de minister-president niet zou kunnen bijdragen aan de gewenste veranderingen.

Maar die veranderingen moeten gaan over de ingesleten patronen. En die patronen zitten dieper en zijn langer ingesleten dan alleen in de afgelopen tien jaar. Of zoals Tjeenk Willink vorige week zei: dat is iets van de afgelopen veertig jaar. Het is, kort samengevat, het proces waarin de overheid zichzelf meer en meer is gaan zien als een bedrijf en zich ook zo ging organiseren, en waarin de burger meer en meer als een consument werd gezien en zich ook zo ging gedragen.

De Groningers hebben de gevolgen van dat proces met letterlijke schokken ervaren: de gaswinning was belangrijker dan hun welzijn, waardoor de aarde nog wel even door mocht beven. En de ouders die de dupe zijn van de kinder-opvangtoeslagenaffaire hebben dat ervaren doordat bij de Belastingdienst het digitale proces en de fraudebestrijding belangrijker waren dan het lot van individuele burgers.

Onder leiding van de therapeut moet in alle openheid over ingesleten patronen gepraat worden

Op het Binnenhof is in diezelfde jaren ook een aantal patronen ingesleten: regeerakkoorden werden knellender, het kabinet en ministeries werden minder toeschietelijk met het – tijdig – leveren van informatie en de Tweede Kamer lette niet op de uitvoerbaarheid van voorstellen en had meer oog voor de waan van de dag.

Het is aan politicologen te duiden wat oorzaak en gevolg is van al deze ontwikkelingen. Maar inmiddels is er een meer versnipperd parlement dan ooit tevoren, een wantrouwen – op het Binnenhof en daarbuiten – dat gigantisch is en een Tweede Kamer die zegt macht terug te willen pakken op het kabinet. Dat laatste kwam vooral aan de orde bij het urenlange debat dat vorige week vooraf ging aan de verkiezing van de nieuwe Kamervoorzitter. Macht en tegenmacht. Maar tijdens dat debat bleek al hoe verschillend ook daarover gedacht kan worden. Wie is dan de macht en wie de tegenmacht?

Volgens SP-Kamerlid Renske Leijten is de Tweede Kamer de macht. Maar zou het niet zo zijn dat Kamer en kabinet elkaars tegenmacht zijn? Dat de Kamer wetten die het kabinet indient, hoort te beoordelen, aanvullen of zelfs tegen te houden, maar dat het kabinet andersom de taak heeft om niet uitvoerbare of krakkemikkige voorstellen van de kant van de Kamer van stevige repliek te dienen? Dat is wat dualisme is. En ja, daar hoort bij dat regeerakkoorden niet zijn dichtgetimmerd. Maar hoelang wordt daar al niet over geklaagd? En het zijn toch echt de politieke partijen zelf die – zie hier alweer een ingesleten patroon – de regeerakkoorden zo hermetisch maken. Uit angst voor de tegenmacht van de Kamer, en dus ook van de eigen fractie of individuele Kamerleden daarin.

Het verwijt van achterkamertjespolitiek heeft mede daardoor kunnen groeien. En is inmiddels een verdienmodel geworden. En dus óók een ingesleten patroon. Althans bij sommige partners. Zo voedde pvv-leider Geert Wilders direct nadat D66-Kamerlid Vera Bergkamp tot Kamervoorzitter was gekozen het wantrouwen weer door te beweren dat dit allemaal doorgestoken kaart was van, in dit geval, D66 en vvd. En stookte JA21-fractievoorzitter Joost Eerdmans het vuurtje dat wantrouwen heet op door het Tjeenk Willink kwalijk te nemen fractievoorzitters de gelegenheid te bieden in vertrouwen bij hem hun hart te luchten.

Terwijl dat juist is wat relatietherapeuten moeten doen: zorgen dat iedereen kan zeggen wat haar of hem dwars zit. Wat onverlet laat dat er daarna onder leiding van die therapeut in alle openheid over de problemen en ingesleten patronen gepraat moet worden. En dat deze relatietherapeut daar dan verslag van doet aan de Kamer. Maar nu is dus alweer duidelijk dat een deel van de partijen hun wantrouwen jegens anderen niet laat varen. En omgekeerd.

Omdat het in het parlement uiteindelijk gaat om meerderheden kan Tjeenk Willink met de grotere partijen, en enkele kleinere, doen wat hij het beste acht: praten over de inhoud en over hoe dat alles vastgelegd moet worden in een niet verstikkend regeerakkoord. Zodat ze straks elkaar vrij laten in hun relatie. Precies dat waar ook veel ‘echte’ relatietherapeuten op aansturen.