Submissiongetoond in Afghanistan

Religie of traditie?

Een paar weken geleden liet Joeri Boom in Afghanistan een filmmaker en twee vrouwen kijken naar Submission, de film van Ayaan Hirsi Ali en Theo van Gogh. «Die politica van jullie schiet haar doel voorbij.»

KABOEL – Salimi blijft zeker twintig seconden bewegingloos zitten na het wegsterven van de laatste beelden van Submission en het geluid van zweepslagen waarmee de film eindigt. Zijn hoofd in zijn handen. Dan haalt hij diep adem, snuivend, door zijn neus, en gaat achterover zitten op de ongemakkelijke hotelbank. «Ik hoop dat je deze film niet aan anderen hebt laten zien. Als je deze film publiekelijk vertoont hier in Afghanistan kan er van alles gebeuren. Je kunt worden gestenigd, het land uitgegooid, een fatwa over je uitgesproken krijgen of gearresteerd worden. De kans dat je het overleeft is niet groot. Er zitten hier fundamentalisten tot in de hoogste kringen.»

Salimi – de rest van zijn naam is «te ingewikkeld», zegt hij – is een onafhankelijke cineast uit Kaboel. Hij vluchtte naar Pakistan toen de Taliban het land veroverden en hun middeleeuwse religieuze regime instelden. Hij woonde in Kaboel toen de verschillende moedjahidien-facties met elkaar slaags raakten en daarbij de stad verwoestten. Vergis je niet, zegt hij, ook onder hen had je religieuze fanaten. En de oude commandanten hebben nog altijd macht in Afghanistan.

Salimi wéét waartoe ze in staat zijn. Hij werd zelf twee keer gevangen genomen bij een van de vele controleposten. Eén keer door een Hazara-commandant, later door een commandant van de grootste etnische groep in Afghanistan, waar ook de Taliban uit voortkwamen, de Pasjtoen. Hij zag hoe anderen gemarteld werden, hij werd gedwongen te kijken naar executies. Zelf kwam hij er genadig van af. Maar zijn verhalen, die hij rustig en droogjes vertelt, zijn gruwelijk. Over een man die gedwongen werd een afgesneden teen op te eten en vervolgens schuimbekkend gek werd. Over zijn zus die een zak vlees kreeg aangeboden van opeens heel aardige Hazara- militieleden, die toch bekend stonden om hun wreedheid. Voor haar hongerige kinderen, zeiden ze nog. Om er thuis achter te komen dat de lillende lappen afgesneden borsten waren. «In dit land is de islam een van de weinige zeker heden die de mensen hebben. Ze zijn bereid hun geloof te verdedigen tot de dood erop volgt. Bovendien zijn we zo lang ondergedompeld geweest in wreedheid dat we soms wreedheid niet meer herkennen. Neem van mij aan: in zo’n land kun je maar beter geen enkel risico nemen. Berg die dvd goed op.»

Vierenhalve week voor de moord op Theo van Gogh vroeg de redactie van Wordt vervolgd, het maandelijkse tijdschrift van Amnesty International Nederland, ons Submission te laten zien aan vrouwen in Afghanistan en hun reacties op te tekenen. Dat verzoek ging eveneens uit naar journalisten die andere moslimlanden bereisden. In het december nummer van Wordt vervolgd besteedt Amnesty uitvoerig aandacht aan de reacties op de controversiële film.

Submission duurt twaalf minuten. VVD-politica en afvallig moslima Ayaan Hirsi Ali schreef het scenario, wijlen Theo van Gogh regisseerde de film. De islamfanaat die Van Gogh afslachtte, deed dat wegens diens samenwerking met Hirsi Ali bij het maken van de film. In Submission vertelt een jonge vrouw hoe zij werd uitgehuwelijkt terwijl ze verliefd was op een ander. Ze houdt niet van haar man en heeft tegen haar wil seks met hem. Bovendien slaat hij haar. Ook wordt ze regelmatig verkracht door een oom. De vertelster draagt een niets verhullende doorschijnende nikaab. Het geluid van zweepslagen gaat vergezeld van de beelden van een bloederige naakte vrouwenrug, beklad met koranverzen. Submission is een felle aanklacht tegen de vrouwenmishandeling waarvoor volgens Hirsi Ali de islam de grondslag legt.

Het oordeel van filmmaker Salima is hard. Artistiek vindt hij Submission een prestatie, maar inhoudelijk is er veel op de film aan te merken, meent hij. Zijn voornaamste bezwaar is dat religie en traditie met elkaar worden verward. «Die politica kan zeggen wat ze wil, maar slaan en ontrouw door een man mogen door de vrouw worden aangevoerd als redenen om te scheiden. Uithuwelijken komt wel voor in de religie, maar het gaat niet zo makkelijk als in de film wordt gesuggereerd. Wie zich strikt houdt aan de islamitische regels moet een mollah drie maal aan het meisje laten vragen of ze met de jongen wil trouwen, ten overstaan van getuigen. Drie maal moet zij ‹ja› antwoorden. Pas dan kan er getrouwd worden.»

Volgens Salimi is het onmogelijk met Submission welke moslim dan ook ergens van te overtuigen. «Wie deze film ziet, zal beledigd zijn.» In Afghanistan is het hoogst ongebruikelijk dat koranverzen worden opgeschreven. Ze staan in het heilige boek en daar horen ze te blijven. In Submission staan verzen geschreven op het naakte lichaam van een vrouw. Dat is blasfemie: de koran gebiedt vrouwen de verleidelijke delen van hun lichaam te bedekken. De vertelster draagt een gezichtssluier die alleen haar ogen zichtbaar laat. Haar lichaam is gehuld in een doorzichtig gewaad. Haar borsten zijn duidelijk te zien. «Die politica van jullie schiet haar doel voorbij. Deze beelden zijn voor een moslim onacceptabel. De mensen zullen zich al in woede en schaamte hebben afgewend voordat de vertelster met haar verhaal begint.»

Toch is ook Salimi nieuwsgierig geworden. Hoe langer we over de film praten, hoe meer hij zich afvraagt hoe vrouwen in Afghanistan erop zullen reageren. We besluiten dat het het veiligst is als Salimi op zoek gaat naar enkele vrouwen aan wie Submission discreet getoond kan worden. Meteen is duidelijk dat het zal moeten gaan om vrouwen met een goede opleiding: de film is in het Engels. Verreweg de meeste vrouwen in Afghanistan zijn nooit naar school geweest. Representatief kan de reactie van de vrouwen naar wie Salimi op zoek gaat dus niet zijn.

Hij vindt twee jonge vrouwen die bereid zijn de film van commentaar te voorzien. Shura Nashwandi komt oorspronkelijk uit Iran en heeft twintig jaar in Frankrijk gewoond. Ze studeerde geschiedenis van de internationale betrekkingen aan de Sorbonne. Nu werkt ze voor de Verenigde Naties in Kaboel.

De ander, Najila Hibi, komt uit Afghanistan. Als zoveel Afghanen vluchtte ze voor het geweld. Ze kwam terecht in Tadzjikistan en studeerde daar af in rechten en politicologie. Ze woonde ook enige tijd in Pakistan en Turkmenistan en heeft zodoende ruime ervaring met verschillende moslimculturen.

Shura Nashwandi: «Artistiek gezien is het een heel mooie film, de beelden zijn prachtig. Maar de inhoud is pure provocatie. De vertellende vrouw heeft het over haar respect voor Allah, maar er staan wel koranverzen op een naakt lichaam geschreven. Iedereen weet dat je in de islam je haar en je lichaam moet bedekken. Haar gewaad is doorschijnend. Goed, misschien is dat symbolisch of artistiek bedoeld, maar op mij komt het zinloos en beledigend over.»

Ook Nashwandi meent dat Hirsi Ali en Van Gogh traditie en religie met elkaar verward hebben: «Er is veel te zeggen over de slechte positie van de vrouw, over ons leven in de moslimsamenlevingen. Dat komt niet voort uit de koran, het woord van God, maar uit de traditie. Het komt voort uit hoe mensen de koran willen begrijpen en hoe ze wat in de koran staat veranderen en aanpassen aan hun eigen situatie. De hoofdpersoon heeft het steeds over Allah en over dat ze alles maar laat gebeuren uit respect voor hem. Maar wat uit deze film niet blijkt is dat dit los staat van religie. Overal worden vrouwen geslagen en misbruikt. In Frankrijk net zo goed als hier. Ook door niet-moslims worden deze zaken verzwegen omdat het een schande zou zijn als mensen erachter komen.»

Vaak is er volgens Nashwandi sprake van onwetendheid over wat de koran werkelijk zegt: «De problemen die we hebben komen voort uit het niet goed begrijpen van de koran. Je kunt de verzen op allerlei manieren uit leggen. Zo staat er geschreven dat je als vrouw je lichaam moet bedekken, maar niet hoe. Hier in Afghanistan is de burka traditie geworden, maar in Saoedi-Arabië en Iran is dat weer anders. De koran is geschreven in het oud- Arabisch, dat is een zeer moeilijke taal. In Iran en Afghanistan wordt geen Arabisch gesproken. Dan gaat er makkelijk iets mis in de ver taling en de interpretatie.»

Voor Najila Hibi is duidelijk dat het script van Submission is geschreven door iemand die de islam niet goed kent: «Als de oom de vrouw misbruikt, komt dat voort uit zijn verdorven karakter. Het is niet waar dat de islam dit toestaat. In de koran staat dat verkrachting een misdaad is. Waarom zegt de hoofdpersoon in deze film dat niet duidelijk? Ja, het is waar dat de meeste vrouwen hier onder druk staan van de mannen, want die hebben de macht. De meeste vrouwen mogen het huis niet uit, ze kunnen geen geld verdienen en mogen geen deel uitmaken van de samenleving. Maar dat staat niet in de koran – het is iets tussen de vrouw en de man, tussen families en familie leden. Het meeste mannengedrag jegens vrouwen staat los van de religie. Veel moslims misbruiken de islam voor wat hun goeddunkt. Ze mixen islam met hun eigen tradities en gewoonten.»

Shura Nashwandi begrijpt niet wat Hirsi Ali met haar scenario wil bereiken. Volgens haar is Submission een typisch westers product, slechts geschikt voor westerse consumptie: «Het gaat niet diep, het blijft oppervlakkig. Er zijn twee onuitgewerkte verhaallijnen en artistieke beelden. Meer is het niet. Ze wil niet uitleggen hoe het werkelijk in elkaar steekt. Ze wil laten zien hoe slecht volgens haar de islam is. En ze weet dat de mensen in het Westen daar heel gevoelig voor zijn. Deze film is niet meer dan een provocatie.»

In het decembernummer van Wordt vervolgd, maandblad van Amnesty International, reageren vrouwen uit verscheidene moslimlanden op Submission