REPUBLIKEINEN IN DE TOUWEN

Tot in lengte van dagen zouden Republikeinen in Washington de touwtjes in handen hebben, meende Karl Rove, de strateeg achter de twee verkiezingsoverwinningen van George W. Bush. Dankzij de gemobiliseerde evangelische kiezer en de directe campagnetechnieken kon Republikeinen de meerderheid in het Witte Huis en het Congres niet meer ontgaan, profeteerde hij. Maar in 2006 kwam er al een kink in de kabel: toen wonnen de Democraten met de mid term elections een kleine meerderheid in de Senaat en het Huis van Afgevaardigden. Dat was slechts een rimpeling, zei Rove. Maar niet lang na die Democratische winst verliet de Raspoetin van Bush het Witte Huis en begon hij als politiek commentator voor onder meer Fox News. Dinsdagavond berichtte hij in zijn nieuwe hoedanigheid lachend over de landslide van de Democraten.
Voor Rove’s vroegere opdrachtgevers bij de Grand Old Party (G.O.P.) valt er minder te lachen. De partij hangt in de touwen. Het verlies van dinsdag heeft volgens analisten verstrekkende gevolgen. ‘Soms moet een partij een tijdje dolen in de woestijn’, zegt politicoloog Marc Hetherington van Vanderbilt University in Nashville. ‘Dat moment is voor de G.O.P. nu aangebroken.’ Die tocht door de woestijn zou extra lang kunnen duren omdat bij de Republikeinen sinds 2006 vooral de meest extreme elementen behouden zijn gebleven en dat zijn niet per definitie de mensen die de partij verbreden naar middengroepen. Hetherington bestudeerde het stemgedrag van Congresleden en kwam tot de conclusie dat vooral de gematigde Republikeinen de Senaat en het Huis hebben verlaten of in verkiezingen hun zetel naar Democraten zagen gaan: ‘Veel gematigde Republikeinen kwamen bijvoorbeeld uit New England. In 2006 was er in het Congres nog maar één Republikein uit New England over.’
Michael Lind van de denktank The New America Foundation en auteur van het boek The Radical Center: The Future of American Politics: ‘Als een partij kleiner wordt, verliezen de gematigden. Dat gebeurde ook toen de Democraten in 1994 het Congres verloren. De meest extreme elementen worden gemakkelijk herkozen en zullen nooit toegeven dat er iets mis is. Kijk nu maar bij de Republikeinen: de superconservatieven zullen zeggen dat de partij heeft verloren omdat anderen niet rechts genoeg waren.’ Officieel hebben de VS een tweepartijenstelsel, maar volgens Lind moeten we het eigenlijk hebben over een ‘anderhalvepartijstelsel’. Er is altijd één dominante en één ondergeschikte partij en dat wisselt in periodes van dertig tot veertig jaar, zegt hij: ‘Republikeinen kunnen nu door hun eigen toedoen gemarginaliseerd worden zoals dat gebeurde met de Democraten tussen de Burgeroorlog in de negentiende eeuw en de New Deal van Roosevelt vlak voor de Tweede Wereldoorlog.’
De natuurlijke achterban van de Republikeinse Partij, zegt Lind, ligt namelijk in een aantal noordelijke staten die dinsdag naar de Democraten gingen. Industriestaten als Michigan, Pennsylvania en Ohio bijvoorbeeld: ‘Daar wordt de klassenstrijd gestreden. Maar de Republikeinse partij combineert twee electoraal moeilijk te combineren grootheden: enerzijds de ethische kwesties en het nationalisme, dat voor dit soort mensen heel belangrijk is. Maar aan de andere kant die rare afkeer van de staat en alles wat te maken heeft met sociale zekerheid of iets wat op een zorgstelsel lijkt, wat die middenklasse alleen maar schaadt.’
Die libertarische tendens is precies wat de Republikeinen onderscheidt van alle conservatieve bewegingen in Europa, meent Lind: ‘Met uitzondering van Groot-Brittannië hebben alle grote Europese landen nu een centrumrechtse regering, maar de rechtse partijen in Europa zijn niet tegen de staat an sich. Willen de Republikeinen de komende jaren meer winnen dan alleen het zuiden van de VS, dan moeten ze daar vanaf. Met die libertarische invalshoek schaden ze hun achterban, de arbeider.’
Maar de kans dat dit soort overwegingen ook binnen de partij speelt, acht hij klein. Conservatieve intellectuelen, zoals de eerder dit jaar overleden William Buckley Jr., spelen geen rol meer: ‘We moeten het nu doen met radiopresentatoren als Rush Limbaugh. Op zijn gedachten maakt de Republikeinse Partij beleid. Dat is een gruwel voor iemand als ik die zich Buckley herinnert.’ De Democraten zullen hopen, zegt Lind, dat de Republikeinen op de golven van het succes van de libertarische presidentskandidaat Ron Paul nog meer een echte libertarische partij worden. Maar dan is het voor de Republikeinen echt bekeken: ‘Ik stel me meer een soort gaullistische partij voor: geen moeite met overheidssteun voor de middenklasse, maar een scherpe focus op ethische kwesties, nationalisme en buitenlands beleid. Zodra Republikeinen zich niet meer in bochten hoeven te wringen over een nieuw zorgstelsel, uitkeringen of belastingen, heb je met gemak die stem van de middenklasse weer binnen. En dan had John McCain na het uitbreken van de economische crisis een sterker verhaal gehad.’