Reuze fantastisch

(Met dank aan de uitgeverijen De Bezige Bij, Contact, L.J. Veen, Prometheus, Bert Bakker, Meulenhoff, Het Spectrum, Querido, Atlas, Nijgh & Van Ditmar en De Arbeiderspers voor het gebruik van hun teksten.)
De column van deze week is een wel heel bijzondere. Degenen die al verslingerd zijn aan de hilarische maar ook tot nadenken stemmende mengeling van ernst en luim die het werk van Adriaan Jaeggi kenmerken zullen erdoor op hun wenken bediend worden, maar ook voor wie nog niet eerder iets van deze schrijver las is deze column een must.

In een onnadrukkelijke en misschien daarom juist zo effectieve stijl weeft de schrijver een web van speelse meningen, gedurfde gedachten, erudiete hersenspinsels en wonderlijke afdwalingen, dat de lezer ademloos door een woud vol magische literaire, maar ook spirituele vergezichten voert, waarin de lezer als in een achtbaan heen en weer wordt geslingerd en niets is wat het lijkt. In een helder gewone-mensenproza wordt een fascinerend verhaal verteld, dat leest als een thriller maar dat ook ruimte overlaat voor speculatie en introspectie.
Met deze langverwachte nieuwe column, een spectaculaire mix van verdichting en werkelijkheid, is de schrijver erin geslaagd een brug te slaan tussen het wonderlijke rijk van de fantasie en het volle, realistische leven, een leven waar hij soms middenin staat maar dat ook vaak met een geamuseerde afstandelijkheid wordt beschouwd. Het resultaat is een humoristisch, misschien zelfs sarcastisch, of anders absurdistisch te noemen verslag van het grote en het kleine, zonder het middelmatige uit het oog te verliezen.
Het werk van Jaeggi is nog het best te vergelijken met de klassieke meesterwerken van Shakespeare, Rabelais, Ovidius, Kafka, Lowry, Beckett, Salinger, Orwell en natuurlijk Apuleius. Het laat zich nog het best kenschetsen als een navrante zedenschets, een hilarische satire, een degelijke documentaire, een sprankelende mythologie, een wrange fantasie, een sierlijk sprookje, een meeslepende raamvertelling, een leerzame fabel, en daarnaast zal het bij tweede lezing blijken uit te groeien tot een meesterlijk amalgaam van onversneden romantiek en erotische escapades, even hermetisch als barok, even briljant als harteloos.
Het werk van Adriaan Jaeggi is niet in te delen bij onverschillig welke moderne stroming van het moment; hij is een stroming op zichzelf, verpletterend, controversieel maar altijd met oog voor het kleine detail. En het grote ook.
De ironisch-subtiele legkaart van puzzelstukken die de schrijver in dit on-Hollandse juweeltje schildert, de kalme zelfverzekerdheid waarmee hij delicate onderwerpen onder het messcherpe lancet van zijn intellect durft te leggen, en de enorme verbeeldingskracht die achter elke zin, elk woord en elke letter blijken te schuilen maken dit zonder enige twijfel tot de literaire sensatie van het moment.
En van deze column zijn er, op het moment dat u dit leest, reeds 15.000 verkocht!
Een echtpaar van een jaar of vijftig wijkt niet van hun plek pal vooraan. Ze staan er al uren. Zij heeft haar ogen gesloten en wiegt heen en weer zoals alle oudere mensen doen die een snelle vierkwartsmaat horen, en hij houdt, het hoofd gebogen, zijn ene hand om haar bovenarm geklemd en tikt met de andere hard en enthousiast de maat mee op haar achterhoofd. Telkens als hij opzij wordt geduwd door een nieuwe muzikant, kijkt hij even op en rilt van zaligheid.