Woedende nabestaanden van Rishi wantrouwen justitie en politie

Rishi was geen Jan Klaassen

Op 8 mei 2013 besloot het openbaar ministerie de agent die Rishi Chandrikasing op zaterdagochtend 24 november neerschoot op het Haagse Holland Spoor te vervolgen voor doodslag. Familie en vrienden zijn niet overtuigd.

Medium wfapix

Op 2 februari van dit jaar zou de Haagse Rishi Chandrikasing achttien jaar zijn geworden. Het was een dag waar hij volgens zijn vrienden lang naar had uitgekeken. Dan zou alles anders worden. Zelfstandigheid lonkte. Hij zou eindelijk in aanmerking komen voor een eigen woning. ‘Op mijn achttiende ben ik helemaal weg’, zou hij steeds hebben gezegd. Weg uit het kamertje dat hij bewoonde in een Schevenings opvanghuis voor jongeren met een problematisch verleden.

Rishi had een verjaardagsfeestje van een neef en een uitgaansavond in club Lustig achter de rug toen hij op zaterdagochtend 24 november 2012 rond zes uur rondliep op perron 4 van treinstation Holland Spoor in Den Haag. Familieleden en vrienden verklaren later dat hij vandaar naar zijn moeder zou reizen om bij haar afscheid te nemen van zijn oma die op die dag naar Suriname zou vertrekken. Plotseling kwamen er drie politieagenten met een getrokken wapen op Rishi afgestormd. De politie had de melding binnengekregen dat er iemand met een vuurwapen rondliep op Holland Spoor en bedreigingen had geuit. Rishi voldeed aan het signalement. Om 06:15 uur werd hij neergeschoten. In de loop van die ochtend werd hij dood verklaard.

Vier uur later twitterde Ryan Giasi (17), een van Rishi’s vrienden: ‘Gister stonden we nog doodleuk in de Intertoys, vandaag het bericht dat je er niet meer bent. R.I.P. Rishi Chandrikasing.’

Wat er voor de melding tot aan de schietpartij op die zaterdagochtend gebeurde, bleef bijna een half jaar onbekend. Tot vorige week woensdag, toen het openbaar ministerie eindelijk kon berichten dat het onderzoek van de rijksrecherche naar de schietpartij was afgerond en dat de politieagent die Rishi neerschoot voor doodslag zal worden vervolgd. In de tussenliggende maanden is het wantrouwen onder familie en vrienden van Rishi jegens politie, justitie en media zo opgelopen dat de familie Chandrikasing in december vorig jaar al een strafrechtelijke procedure tegen de betrokken agent aanspande. Deze week wil de familie, ondanks het besluit van het OM de agent te vervolgen, daarnaast nog een civiele procedure beginnen, zodat ze dan recht tegenover de agent staan, zonder tussenkomst van het door hen diep gewantrouwde OM. Wat is de grond voor dit geringe vertrouwen?

Rishi Chandrikasings verjaardag wordt een herdenkingsdienst, gehouden om twaalf uur op het perron waar hij ongeveer drie maanden daarvoor was neergeschoten. De aanwezigen zijn merendeels tieners van hindoestaans-Surinaamse afkomst. Twee meisjes, jarenlang vriendinnen van Rishi, zetten brandende waxinelichtjes op het perron in de vorm van een hartje. In een rouwboeket ligt een portret van Rishi, een zwart-witfoto waarop hij glimlacht en licht op zijn onderlip bijt. Ook hangen er ballonnen waarop ‘18 jaar’ staat afgedrukt.

Er zijn op het perron drie afzonderlijke groepen die stilstaan bij Rishi’s verjaardag: familie, vrienden die Chandrikasing had leren kennen in de tijd dat hij in een opvanghuis woonde, en een drietal klasgenoten van het roc Mondriaan. Een van de klasgenoten, de Turkse Elif, had een paar uur voor zijn dood nog contact met hem via het chatprogramma Ping. ‘Ik schreef hem over school, dat we er iets goeds van moeten maken. Hij antwoordde: ja, dat gaan we zeker doen.’ Ze huilt als ze vertelt wat voor een gezellige sfeermaker Rishi in de klas was. ‘We kenden hem maar drie maanden, maar dat was genoeg om van hem te houden.’ Phylis (20), het derde klasgenootje bij de herdenking, vertelt dat ze hem de maandag voor de schietpartij voor het laatst zag. Zondag hoort ze dat hij dood is. Maandag leest ze op internet afschuwelijk commentaar over hem naar aanleiding van een belastend krantenartikel dat die dag verschijnt.

‘Media hebben hem proberen zwart te maken’, zegt Elif. ‘Hoe ze over hem praten is onrespectvol. Zij kennen hem niet zoals wij hem kennen. Hij wilde een eigen onderneming hebben. Hij was echt serieus bezig. Hij haalde ook een van de beste cijfers in de klas.’

De drie klasgenoten – Kevin, Elif, Phylis – zijn ervan overtuigd dat Rishi nu nog had geleefd als hij een blonde, autochtone jongen was geweest.

Kevin: ‘Als je vermoord wordt door de politie gaan ze alles doen om iemand zwart te maken. Zo is de overheid. Om te laten zien: de politie is goed.’

Elif: ‘De politie heeft te veel agressie. Mijn broertje is ook geslagen door de politie. Op een kinderdisco. En hij werd opgepakt. Hij is pas veertien.’

Phylis: ‘Als een Nederlandse jongen was doodgeschoten door een politieagent met een andere kleur, dan stond heel Nederland op z’n kop.’

Kevin: ‘Al mijn respect voor de politie is gezakt. Ik ben ook een keer opgepakt voor iets wat ik niet had gedaan. Ik kan niet meer voelen dat ze me beschermen. De gedachte “fuck politie” is redelijk normaal bij jongeren in Den Haag.’

Phylis: ‘De politieagent zat fout.’

De drie werelden van Chandrikasing – familie, vrienden uit een moeilijke levensfase, klasgenoten – komen op zijn verjaardag op spoor 4 een zeldzame keer samen. Zij delen niet alleen de band met Chandrikasing maar ook een diepgeworteld wantrouwen jegens justitie, politie en de media. De grieven staan verwoord op een A4’tje dat boven de bloemen en waxinelichtjes op het perron hangt: ‘De agent had niet zo moeten hendelen, hij heeft het recht niet eens gehad om op hem te richten, een 17-jarige jongen zijn leven is onterecht afgenomen. Nederland zou zich moeten schamen en niet alle schuld op hem schuiven. Ze weten dat ze fout zitten en gaan hem zwart maken. LAAG!’

Rond zijn dertiende werd Rishi voor zijn moeder een onhandelbare jongen. Ongeveer twee jaar geleden achtte een rechter het verstandig dat hij uit huis geplaatst zou worden en onder de hoede zou komen van Jeugdzorg. Hij belandde in een opvanghuis in Scheveningen waar hij en andere jongeren met een moeizaam verleden werden voorbereid op zelfstandigheid. Ook in die tijd had hij moeite om uit de problemen te blijven. In september 2012 zat hij nog een korte gevangenisstraf uit voor een inbraak. Maar daarna leek er een verbetering in zijn leven te komen. Hij keerde terug naar school en kwam terecht in een klasje van de opleiding handel en commercie dat leerlingen voorbereidt op het hbo. Er was in die laatste maanden van 2012 ook eindelijk weer toenadering tussen Rishi en zijn moeder. Sinds een paar maanden had hij ook een baantje bij de Burger King en hij was net begonnen met een stage bij een hindoestaanse supermarkt.

De kiemen voor het wantrouwen van Rishi’s familie en vrienden worden al in de eerste dagen na het schietincident gelegd. Om tien uur die ochtend twittert Ryan Giasi, de vriend van Rishi, nog een keer: ‘Waar zijn jullie in godsnaam mee bezig politie Haaglanden, jullie hebben niet eens kunnen bevestigen dat hij een wapen op zak had?!’ De volgende dag (25 november) komen vrienden van Chandrikasing aan het woord in een artikel op de site van Omroep West. Daarin verklaren ze stellig dat hun vriend geen wapen in zijn bezit heeft. Zo’n jongen was het niet. Daartegenover staat de verklaring van de Haagse persofficier van justitie Richard Joesoef Djamil die benadrukt dat het ‘in het algemeen niet zo is dat politieambtenaren snel hun wapen trekken en al helemaal niet snel overgaan tot het overhalen van de trekker’.

Diezelfde zondag verschijnt op YouTube het nummer Letter to Rishi van de Haagse rapper El Prince die snel een lied heeft gecomponeerd voor zijn vriend. De eerste regel is gericht aan de politieagent die Rishi doodschoot: ‘Fuck jouw reactie, je had niet zo moeten handelen/ Mijn mattie is gone, ja jouw collega’s die redden je.’ En: ‘Ik dacht we zijn gelijk, maar blijkbaar is het niet zo.’

Op maandag 26 november reageert de rijksrecherche en bevestigt dat Rishi inderdaad geen vuurwapen droeg toen hij werd neergeschoten. De opluchting die bij vrienden en familie na dit bericht volgt is van korte duur. In De Telegraaf verschijnt een pijnlijk artikel: ‘Rishi had straatverbod’, luidt de kop. Volgens niet nader genoemde bronnen had Rishi Chandrikasing die zaterdagochtend helemaal niet op het station mogen zijn, schrijft De Telegraaf. Hij zou na zijn detentie in september een straatverbod hebben gekregen. Ook wordt vermeld dat Rishi verdacht werd van een poging tot doodslag in 2011. Hij zou toen betrokken zijn geweest bij een steekpartij op een hindoestaanse bruiloft.

Wat niet in het artikel vermeld staat, is dat Chandrikasing op de donderdag twee dagen voor zijn dood voor de rechter moest verschijnen om zich te verantwoorden voor twee oude zaken: een koperdiefstal en de steekpartij in 2011. Voor de koperdiefstaf kreeg hij een straf opgelegd. Voor de steekpartij volgde vrijspraak wegens te weinig bewijs. Ook werd die dag zijn straatverbod opgeheven. Voortaan mocht hij ook na 1:30 uur op straat zijn. Deze informatie sijpelt pas later naar buiten. Het _Telegraaf-_artikel overheerst de beeldvorming in die eerste dagen. In comments en op sites wordt dit artikel aangegrepen om op Rishi de verdenking te laden dat hij het er die zaterdagochtend wel naar gemaakt moest hebben. Een agent schiet namelijk niemand zomaar neer.

‘Ongelofelijk hoe ze dit zo durven te publiceren’, twittert Ryan Giasi die maandagochtend. ‘Justitie geeft nu allemaal informatie die hier los van staat vrij om het goed te praten dat ze Rishi hebben neergeschoten. Laag dit.’

Giasi ontpopt zich in die eerste weken tot het belangrijkste aanspreekpunt voor de media. Hij start ook de Facebook-groep ‘R.I.P. Chandrikasing’ (4500 vrienden) waarop hij alle artikelen over Rishi doorplaatst en iedereen vraagt aandacht aan de zaak te blijven schenken opdat die niet in de ‘doofpot’ belandt. De familie Chandrikasing verkiest een plek op de achtergrond.

De sfeer wordt in die eerste twee weken met de dag grimmiger. Iemand kalkt op een muur op perron 4 van Holland Spoor: ‘The cop will die, promise’. Ergens anders in Den Haag verschijnt een graffiti: ‘R.I.P. Rishi. Fuck the police. Kill ’em all’. Ook op de sociale media worden bedreigingen tegen de politie geuit. De woede op politie en justitie wordt alleen maar groter als op 28 november ene Anna haar verhaal doet voor de camera van Omroep West. Ze zegt getuige te zijn geweest van het schietincident: ‘Ze riepen politie! Politie! En blijf staan! Maar nog voordat Rishi Chandrikasing zich had omgedraaid en kort nadat hij zijn handen in de lucht had gedaan, werd er al geschoten.

Persofficier van justitie Richard Joesoef Djamil spreekt deze getuige nog tegen – ‘De politie heeft het slachtoffer instructies gegeven die hij niet heeft opgevolgd’ – maar dat maakt op dat moment weinig indruk. Ryan Giasi begint dezelfde dag een online petitie onder de titel ‘Dood Rishi niet onbestraft’. Met verbijstering wordt daarin vastgesteld dat de agent die Rishi neerschoot ongemoeid wordt gelaten. ‘Wij verzoeken tot schorsing van desbetreffende agent(e) zolang het onderzoek van het OM loopt.’ 2473 mensen ondertekenen de petitie.

Op 28 november verschijnt er een nieuw rapnummer over Rishi op YouTube, ditmaal van de artiest Sunny. Like a Shining Sun, Tribute to Rishi. Daarin rapt Sunny: ‘Nobody can accept what they did to you, but the government does/ A young man shot down, totally for no reason.’

Giasi reageert smalend als het OM in december getuigen van de schietpartij oproept om zich te melden. Een vertragingstactiek, vindt hij. De familie heeft al eerder gevraagd waarom het onderzoek zo lang op zich laat wachten. Het perron waar Rishi werd neergeschoten hangt vol met camera’s. Zo lang duurt het toch niet om die te bestuderen? Op 5 december zoekt Giasi dan ook via Twitter contact met misdaadjournalist Peter R. de Vries, in zijn ogen een onafhankelijke onderzoeksautoriteit, die bovendien capabeler is dan het OM.

De oplopende spanningen komen tot ontknoping op 24 december. Die dag doet de familie van Rishi aangifte van moord tegen de agent die geschoten heeft. De familie is alle vertrouwen in de rijksrecherche kwijt. Zij willen de agent voor de rechter krijgen, ongeacht de uitkomst van het lopende onderzoek. Ook willen ze dat het onderzoek wordt overgenomen door een ander parket dan het OM van Den Haag. Ze geloven niet in zijn onafhankelijkheid. Verder wordt er aangifte gedaan tegen de politie en de gemeente Den Haag omdat er informatie over Rishi’s justitieel verleden naar de media is gelekt.

Na de herdenking op 2 februari neemt de berichtgeving over Rishi geleidelijk af. De familie Chandrikasing hult zich verder in stilzwijgen. Alleen Ryan Giasi laat nog van zich horen. Op 22 april is hij te gast bij de radiozender FunX, dat een grote luisterschare heeft onder allochtone jongeren, en krijgt daar de vraag gesteld waarom het onderzoek naar het schietincident zo lang duurt. ‘Wij kunnen wel een reden bedenken: het verhaal moet in de doofpot zodat er niet meer naar omgekeken wordt omdat het een fout van de politie is.’

Het eerste (exclusieve) interview met de familie Chandrikasing staat in De Telegraaf van 4 mei. Twee neven en een oom doen daarin het woord. Zij vertellen dat het OM hun had beloofd dat het onderzoek van de rijksrecherche niet langer dan acht weken zou duren. De stilte van justitie maakt de familie Chandrikasing wanhopig. ‘We hebben geen vertrouwen meer in de overheid. Moet de waarheid omtrent de dood van onze Rishi in de doofpot?’

Vier dagen later komt eindelijk het verlossende woord van het OM dat het onderzoek van de rijksrecherche is afgerond. Het opmerkelijkste nieuws staat meteen in de kop van het persbericht dat het OM de deur uit doet: ‘OM vervolgt politieambtenaar dodelijk schietincident Holland Spoor.’ De politieambtenaar wordt doodslag ten laste gelegd. Het vervolg van het persbericht bestaat uit een reconstructie van de zaterdagochtend van de schietpartij. Rishi Chandrikasing zou een Engelsman in een wachtruimte op het perron gezegd hebben dat hij weg moest omdat de wachtruimte alleen voor Nederlanders is. Ook zou hij gezegd hebben dat hij een vuurwapen bij zich had. De Engelsman alarmeerde een NS-medewerker, die op zijn beurt de politie inschakelde. Agenten gingen met getrokken wapen op Rishi af en sommeerden hem te blijven staan en zijn handen te laten zien. Rishi rende weg. De agenten gingen hem enkele seconden achterna. Toen haalde een van hen de trekker over. Een kogel trof Rishi in zijn hals.

De agent die schoot verklaarde later op de benen te hebben gericht. Volgens de ambtsinstructie voor politieambtenaren hebben agenten de bevoegdheid om hun dienstwapen te gebruiken tegen ‘verdachten van bepaalde ernstige misdrijven die zich aan hun aanhouding onttrekken’. Rishi was voor de politieagenten zo’n verdachte. Om zo iemand aan te houden wordt politieambtenaren geleerd op de benen te schieten. Het schieten moet bovendien vanuit een stabiele positie gebeuren, ‘teneinde missers te voorkomen’. En daar ging het mis die zaterdagochtend. De betrokken politieambtenaar schoot terwijl hij Rishi achterna ging. ‘Door snel te bewegen tijdens het schieten ontstaan risico’s voor de trefzekerheid’, stelt het OM. ‘Om deze reden is met name twijfel ontstaan over de vraag of de politieambtenaar in deze zaak rechtens juist heeft gehandeld.’

Maar met het besluit van het OM om de agent voor doodslag te vervolgen, is het wantrouwen in de wereld rond Rishi niet weggenomen. De twee neven die aan het woord kwamen in het interview met De Telegraaf, Vinesh en Rakesh Chandrikasing, zijn allebei nog lang niet overtuigd van de onafhankelijkheid en goede wil van het OM. De vervolging van de agent kan volgens Vinesh evengoed een tactische zet zijn van een wanhopig OM dat de boel probeert te sussen. Hij vreest dat het openbaar ministerie het zo speelt dat de agent ervan afkomt met een korte voorwaardelijke straf. ‘Er zijn in het verleden ook zaken geweest waar de fouten van de politie als een paal boven water stonden, maar waar het gewenste resultaat uitbleef. Kijk maar naar Michael Koomen.’ Hij doelt op de amateurvoetballer die in 2011 werd doodgeschoten door een agent. Na onderzoek bleek de agent niet verwijtbaar gehandeld te hebben.

Neef Rakesh wil nog een keer uitleggen waarom hun wantrouwen jegens justitie en politie zo diep zit. Allereerst duurde het acht uur voordat de familie van Rishi op zaterdag 24 november van zijn overlijden op de hoogte werd gesteld. Er was eerder contact mogelijk als ze Rishi’s moeder hadden gebeld. Haar nummer stond genoteerd op een sleutelhangertje van de jongen. ‘Dat we pas zoveel later werden gebeld betekent dat er crisisoverleg moet zijn geweest. De instanties moeten geweten hebben dat ze een gigantisch probleem hadden. Ze wilden hun tijd nemen om zaken te verhullen.’

De agenten hebben volgens Rakesh niet volgens protocol gehandeld. Bij een aanhouding moeten ze eerst pepperspray gebruiken, daarna wellicht een stok. Het uiterste middel, een vuurwapen, dient alleen gebruikt te worden als iemand dreigend op je af komt met een wapen. ‘Volkert van der Graaf. Mohammed Bouyeri. Moordenaars met een vuurwapen in handen. Allebei zijn ze netjes gearresteerd.’

Rishi Chandrikasing kan ook nooit tegen de Engelsman hebben gezegd dat de wachtruimte alleen voor Nederlanders is. Zo’n jongen was hij niet. Het is ook in strijd met de getuigenis van een NS-medewerker die tegen Omroep West zou hebben gezegd dat Rishi zich netjes had gedragen op het perron en zelfs zijn excuses maakte hij toen hij een sigaret opstak op een andere plek dan bij de rookpaal. ‘En zo’n jongen zou dus in een keer veranderd zijn in iemand die anderen gaat bedreigen en zeggen dat ze op moeten rotten naar hun land?’

Wat het OM volgens Rakesh ook te verwijten valt: de familie heeft nog altijd het onderzoek van de rijksrecherche niet mogen inzien, ze hebben ook niet de camerabeelden mogen bekijken en ze hebben nog altijd geen medisch rapport ontvangen. En dit zet ook kwaad bloed bij de familie Chandrikasing: de agent wordt niet vervolgd omdat hij geschoten heeft, maar omdat hij verkeerd geschoten heeft.

‘Weet je wat het is’, zegt Rakesh, ‘stel er had iemand anders op dat perron gestaan, iemand van 55 jaar, een ambtenaar die onderweg was naar Spijkenisse of zo. Dan was hem gevraagd: “Meneer, kunt u uw zakken even legen, we hebben een melding binnen gekregen van een bedreiging met een vuurwapen.” Het is gewoon zo. Als je buitenlands bent, je hebt een Turks of Surinaams uiterlijk, je hebt een zwart jasje aan, je bent een zeventienjarige jongen, dan hebben mensen al een bepaald idee over je. Maar als het een Jan Klaassen uit Voorschoten is, dan is het: eerst maar even kijken of hij wel wat fouts heeft gedaan. Zo is het, dat weet iedereen, toch?’


Foto: Peter Hofman / Novum

Bijschrift: Den Haag, 2 februari. De dag dat hij 18 jaar zou zijn geworden herdenken vrienden en familie Rishi op station Hollands Spoor