18 oktober, op die dag is de Amerikaanse overheid blut en kan het land zijn schuldeisers niet langer betalen. Het zou een extreem scenario zijn, ’s werelds grootste schuldenaar die in gebreke blijft. Vrijwel zeker zou het tot een wereldwijde economische crisis leiden. Waarschijnlijk wordt het op het laatste moment afgewend door een noodgreep op Capitol Hill, maar een financieel Armageddon is door financiële instellingen voor de zekerheid toch met potlood in de agenda gezet – en dat alleen al laat zien hoe destructief de politiek in Washington geworden is.

Wat er voor de 18de moet gebeuren is het ophogen van het schuldenplafond, een archaïsche maatregel waarmee werd voorkomen dat het Witte Huis voor iedere dollar aan uitgaven bij het Congres moest aankloppen. De regering mag lenen, totdat de grens is bereikt. Doorgaans is het ophogen een formaliteit. Twee jaar geleden, midden in de Trump-jaren die golden als de meest gepolariseerde in de geschiedenis van de VS, werd door Republikeinen en Democraten in samenspraak besloten om het schuldenplafond voor twee jaar op te schorten. De politieke verhoudingen waren toen volledig verzuurd, toch leek niemand het verstandig het land te gronde te richten.

Twee jaar verder, het schuldendak gaat weer dicht, en de technische formaliteit is opeens inzet van een levensgevaarlijk politiek spel. De Republikeinen zeggen onder geen beding voor nieuwe leenruimte te zullen tekenen. De Democraten zetten hun het mes op de keel door de wet die het schuldenplafond verhoogt te combineren met hun grotere beleidsagenda voor klimaat, onderwijs, infrastructuur en zo verder. Het resultaat is een game of chicken: naast elkaar richting de afgrond racen en kijken wie als eerste zijn stuur omgooit. Normaal wordt dit spel gespeeld door de James Deans van deze wereld. In Amerika anno 2021 tref je de roekeloosheid aan de top van de politiek.

Een zelf veroorzaakte economische crisis in de VS is niet uitgesloten

Het nauwe uitweggetje is dat de Democraten het dan maar zelf doen. Ze hebben precies het aantal benodigde stemmen in de Senaat om Amerika liquide te houden. Ze aarzelen omdat de Republikeinen zich al warm lopen om bij de midterm-verkiezingen in 2022 te klagen over geldverkwisting en een te hoge staatsschuld (iets waar over gezwegen wordt als ze zelf aan de macht zijn). Besluiten de Democraten op het nippertje het schuldenplafond te verhogen, dan moeten ze zich tevreden stellen met de overtuiging dat ze verantwoordelijkheid genomen hebben – geen boodschap waar kiezers enthousiast van raken.

Dat niemand er gerust op is, blijkt uit het feit dat in de wandelgangen van de Federal Reserve wordt opgevangen dat er aan noodscenario’s wordt gewerkt. Janet Yellen, de Amerikaanse minister van Financiën, moest naar het Congres om uit te leggen dat het schuldenplafond niet verhogen heus waar catastrofaal zou zijn. Zes miljoen banen kunnen er verloren gaan, vijftienhonderd miljard dollar aan welvaart kan verdampen. Ongetwijfeld dekken grote investeerders zich waar mogelijk in. Amerikaanse kranten publiceren artikelen in de trant van ‘wat betekent de schuldenplafondcrisis voor mijn persoonlijke financiën?’

Vreemd is de huidige nervositeit die door Amerika gonst niet. Daarvoor hebben zich de laatste jaren te vaak gebeurtenissen voorgedaan die geplaatst waren in de categorie ‘dat gebeurt toch niet’. Een grootschalige terroristische aanval op Amerikaans grondgebied, een verbaal agressieve reality-ster als president, een zeer besmettelijk virus dat het hele land lamlegt? Amerika heeft zichzelf met regelmaat een niet-bestaande onkwetsbaarheid aangepraat. Waarom zou een zelf veroorzaakte economische crisis, puur als gevolg van partijpolitieke spelletjes, uitgesloten zijn?

Wat er ook gebeurt de komende weken, dit is een bedroevend vignet voor de Amerikaanse democratie. Spoorlijnen en bruggen roesten weg, hogesnelheidslijnen bestaan niet, en snel internet is een zeldzaamheid. Infrastructureel gezien spelen de VS in de B-categorie. Trump – zelden was een president zo weinig geïnteresseerd in beleid maken – liet het liggen. Biden wil Amerika opknappen, en nog meer doen dat het land voor meer mensen leefbaarder zou maken. Er komt niets van terecht, als gevolg van een politieke cultuur waarin het ene kamp de patstelling als ideale positie ziet en de andere partij intern te verdeeld is om tot een unanieme agenda te komen. Zelfs als op 19 oktober opgelucht adem wordt gehaald is Amerika al jarenlang geen stap verder gekomen.