Roepen, spugen, sissen

‘He, psst, schatje! Kom eens hier!’ Pas op: dergelijke vrijpostig heden kunnen u in de toekomst wel eens duur komen te staan. Als het aan pvda-Kamerlid Ahmed Marcouch ligt, komt er een fikse boete voor het naroepen van vrouwen op straat. Verbaal seksueel geweld is volgens hem zo endemisch dat een dergelijk paardenmiddel de enige oplossing is.

Medium commentaar 33 2012 sissen

De Amsterdamse vvd-afdeling – die niet kon verkroppen dat de sociaal-democraten er met deze _law and order-_maatregel vandoor gingen – was er vervolgens als de kippen bij om het plan te kopiëren. Nederland sluit hiermee aan bij een discussie die in Frankrijk en België al volop woedt. Onlangs nam het Franse parlement een wet aan waarmee seksuele intimidatie op straat kan worden bestraft met twee jaar cel of een boete van dertigduizend euro.

Een documentaire van een Vlaamse filmstudente bracht het balletje in Nederland aan het rollen. Ze filmde haar wandelingen door de Brusselse straten. Vaak liepen die uit op een helletocht van geroep, gespuug en gesis. Ontluisterend, dat zonder meer, maar Nederland bevat geen Parijse banlieue of Brusselse afbraakbuurt. Over de aard en omvang van het probleem in onze steden is alleen anekdotisch bewijs. Een behoorlijk dunne basis voor een wet, maar voor de vvd en de pvda blijkbaar voldoende. Verkiezingsopportunisme valt dan ook niet uit te sluiten.

Een sisboete, dus. De maatregel laat zich eenvoudig belachelijk maken. Je kunt je het gesprek al voorstellen. Agent: ‘Siste jij naar die mevrouw?’ Hangjongere: ‘Nee, meneer, mijn fietsband liep leeg.’ Het is ook lastig een grens te trekken. De stratenmaker die op een zomerse dag een kortgerokte passante nafluit, wordt die ook op de bon geslingerd? Bejaarde mannetjes op een bankje van wie de blik iets te lang blijft hangen op een groep jonge meiden? Een wet als deze brengt onherroepelijk willekeur met zich mee. Bovendien is het een zwaktebod. Gebrek aan wellevendheid op straat is een kwestie van moraal. Die ga je te lijf met opvoeding, discussie en het goede voorbeeld. Het strafrecht zou ultimum remedium moeten zijn.

En toch is de sisboete verdedigbaar. Ruwe omgangsvormen zijn altijd vervelend, maar grove seksuele toespelingen vormen een categorie op zich. Ze hebben doorgaans een specifiek doelwit (vrouwen) en komen meestal uit dezelfde hoek (jonge allochtonen). Voor ‘hoer’ uitgemaakt worden, een onbetamelijk voorstel afwimpelen, doof blijven voor commentaar op borsten, benen en billen – het is allemaal een stuk slopender dan een ‘gewone’ scheldpartij negeren. Daarbij: op de werkvloer en op school bestaan er al wetten die grensoverschrijdend gedrag moeten beteugelen. Het voorstel van Marcouch is simpelweg een uitbreiding naar het publieke domein.

Maar wie denkt dat fatsoen zich laat afdwingen via het strafrecht houdt er een nogal simplistisch wereldbeeld op na. De kans dat bronstige jongeren zich puur vanwege een dreigende boete voortaan zullen inhouden is nihil. Wetenschappelijke tijdschriften staan vol met onderzoeken die laten zien dat boetes voor asociaal gedrag zelden het gewenste effect hebben. Sterker nog: het feit dat er niet alleen normen, maar ook wetten te breken te zijn, maakt de overtreding extra aantrekkelijk.

Uiteindelijk heeft een straf voor verbaal geweld enkel zin als symbool. Een samenleving die sissers beboet laat duidelijk weten dat seksuele intimidatie simpelweg niet getolereerd wordt. Voor vrouwen op straat is dat een steuntje in de rug.


Beeld: Milo