THEATER

Rollen als losse kralen

Über Leben

De familietrilogie Über Leben van Judith Herzberg begon in 1982 met Leedvermaak, dat speelde tijdens een huwelijksfeest begin jaren zeventig. De bruid Lea (1941) is als klein kind in bewaring gegeven aan haar onderduikmoeder Riet (1920), een paar jaar later wordt ze weer opgehaald door haar ouders Ada (1918) en Simon (1917) die Auschwitz hebben overleefd. Lea, violiste, trouwt met Nico (1940), arts. Zijn moeder Lise overleefde het kamp niet. Nico’s beste vriend is Hans (1938), wiens vader in het verzet zat en is geëxecuteerd. Tijdens het trouwfeest papt hij aan met Pien (1948), bij wie hij zeven kinderen zal verwekken. Tegen het eind van het feest loopt Lea weg uit haar zojuist gesloten huwelijk. Haar moeder Ada laat zich opnemen voor de behandeling van haar kamptrauma.
Rijgdraad werd in 1995 geschreven, ‘niet zozeer als vervolg op maar als gevolg van’ Leedvermaak. Het is eind jaren zeventig nu, Dory is zwanger van haar voormalige schoonvader Simon en dat kind, dat Isaac zal heten, zorgt voor onrust, met name bij Lea. Zij is weer samen met Nico, die zijn baan als ziekenhuisdirecteur heeft opgegeven en er nu werkt als nachtportier. Pien is gescheiden van Hans (die in Amerika woont en werkt) en leeft alleen met haar zeven kinderen, die ze orthodox joods opvoedt, met een soort vaderhaat. Op driekwart van het stuk sterft Ada aan een hartaanval.
Simon werd in 2001 geschreven op verzoek van het Düsseldorfer Schauspielhaus. Het speelt in 1998. Simon ligt in coma en wordt verzorgd door Lea. Dory en Nico zijn weer bij elkaar. Hans schijnt vanuit Amerika het huis van Ada en Simon te hebben gekocht. De 'derde generatie’ oorlogskinderen, Isaac (1980) en Chaim (1973) kijken gedeeltelijk met afkeer aan tegen de complexe trauma’s van hun ouders, grootouders en omstanders en het zwijgen daarover.
Leedvermaak is in 1982 voor het eerst opgevoerd door Toneelgroep Baal (regie: Leonard Frank). Vanaf 1984 is het stuk door diverse Duitse gezelschappen op het repertoire genomen, meestal onder de titel Leas Hochzeit. Dat geldt ook voor Rijgdraad, dat in 1995 in première ging als coproductie van Toneelgroep Amsterdam en Theater van het Oosten (regie: Leonard Frank). Simon is in Nederland nooit uitgevoerd. Juist in Simon, nu in Berlijn te zien, zit een scène die de kern van de trilogie raakt. Op de immense speelvloer zit dochter Lea op een heel klein stoeltje bij haar zieke vader Simon, het is scène 49 uit het derde deel van de trilogie, dat naar hem is genoemd. Lea: 'Je moet blijven lieverd. Lang. Als jij er niet meer zou zijn - misschien dat je er zelf niet meer zo veel in ziet - als jij er niet meer bent, vallen we als losse kralen, rollen we als losse kralen over de grond. Zomaar. Zomaar alle kanten op.’
Muisstil is het in de zaal. Misschien komt het omdat 'kralen’ in het Duits 'Perlen’ heten dat deze scène me hier nog meer doet stuiteren dan eerdere keren op andere plekken. De familie als vergruizelend sieraad. Hier wordt, bijna aan het eind van wat aanvoelt als een lange reis naar binnen en naar buiten, verwoord wat van meet af aan voor dit familie-epos de voornaamste brandstof lijkt: het voorgevoel van een groot uit elkaar vallen. Of misschien alleen de schrik erover. Of het weglachen van die schrik. Of het besef dat er in de levens van deze mensen krachten aan het werk zijn die niet of maar moeizaam overmeesterd kunnen worden.

Voor meer over Über Leben zie het artikel van Loek Zonneveld op pagina 52