Rome’s oudste café dreigt in foute handen te vallen

Rome – Het Antico Caffè Greco aan de voet van de Spaanse Trappen in Rome is een plek zoals er nog maar weinig bestaan in de aan massatoerisme bezwijkende oude steden van Europa. Een juweeltje van tweeënhalve eeuw oud dat zich uitstrekt over verschillende communicerende pijpenlades. Het ziet er nog precies zo uit als toen het in 1760 officieel werd geopend door ‘De Griek’ Nicola della Maddalena, al noemt Casanova in zijn Memoires uit 1743 ook al ‘het koffiehuis van De Griek aan de Via Condotti’.

Alle grote Rome-gangers hebben er maanden salon gehouden: Goethe, Gogol, Stendhal, Byron, Keats, Ibsen, Thomas Mann, James Joyce; het Caffè Greco wordt gememoreerd in vele Grand Tour-dagboeken. Hans Christian Andersen schonk zijn divan aan het café, die er nog altijd staat. Een openbaar museum vol kunstwerken waar je niets voor hoeft te betalen, behalve een espresso voor zeven euro of een kop warme chocolade met slagroom voor twaalf euro. Je mag er de hele dag op één consumptie blijven zitten, geen ober in rokkostuum die je zal verjagen.

Maar zoals het gaat: er is een huurcontract, en dat loopt op zijn einde. Een eeuw geleden schonk een rijke inwoonster van Rome de muren van het Caffè Greco aan het Israëlitisch Ziekenhuis, dat zich tot nog toe altijd als een redelijke verhuurder heeft gedragen. Weliswaar is 18.000 euro huur per maand een heel fors bedrag, maar het wereldberoemde café is dan ook een toeristische trekpleister op een toplocatie. Voor het nieuwe contract wil het ziekenhuis de huur nu ineens verhogen naar 180.000 euro per maand, zonder overleg. Een onhaalbaar bedrag voor een antiek café dat twintig man hooggekwalificeerd personeel heeft rondlopen en dat van het bewaken van de stijl en de klasse uit het verleden zijn hoofdpunt maakt. Dat valt niet op te hoesten.

Wat er vervolgens met zulke plekken gebeurt kun je dagelijks in de Italiaanse kronieken lezen. Een tijdje blijft het stil, en dan ineens blijkt de ’Ndrangheta, de zeer succesvolle Calabrese tak van de maffia, in alle stilte via een dekmantel de nieuwe uitbater te zijn geworden. Caffè Greco werd in 1953 uitgeroepen tot nationaal monument door het ministerie van Culturele Zaken. Er mag nog geen schilderijtje worden verhangen. Maar de sfeer van Caffè Greco, die is niet vastgelegd in een statuut.