Romeo en julia aan de xtc

De belangrijkste reden waarom jongeren onder de zestien jaar van de Rijksfilmkeuring niet mogen kijken naar William Shakespeare’s Romeo & Juliet is niet het fysiek geweld, niet het snoeiharde tempo van de montage, niet de seks (die komt er sowieso niet in voor). Volgens het keuringsrapport gaat het om de dubbele zelfmoord. Romeo and Juliet mag (nee: moet) worden gelezen voor de literatuurlijst; op film mag het tragische einde van de twee beroemdste pubers uit de wereldliteratuur pas na het zestiende levensjaar worden genoten. Hoe goed bioscoopcaissières zijn getraind in het schatten van leeftijden weet ik niet, maar ik heb de film al twee keer gezien, in een zaal vol snotterende jongeren van ruim onder de zestien.

William Shakespeare’s Romeo & Juliet is een slimme film. De handeling van het puberdrama is verplaatst naar een Amerikaanse badplaats (Verona Beach), waar twee rivaliserende firma’s (jawel: Capulet en Montague) geregeld tegen elkaar vechten. De gangs van werkloze maar goed in hun slappe was zittende jongeren verplaatsen zich in ultramoderne limousines, en schieten met ultramodern wapentuig. Een reusachtig beeld van Jezus Christus houdt toezicht op de gang van zaken. Er is trouwens overal wel een kruisbeeld te bewonderen. De ouders van Romeo hebben er een achterin hun auto staan. De tussen alles en iedereen bemiddelende priester Lorenzo (hier Father Laurence geheten, een mooie rol van Peter Postlethwaite, die onder het toeziend oog van zijn misdienaars hallucinogene drugs kweekt in een penthouse boven op zijn kerk) heeft zelfs een gigantische crucifix op zijn rug laten tatoeëren.
De omzetting van het drama naar een bende-oorlog aan de Amerikaanse Oostkust is overtuigend. De beroemde ontmoeting tussen de geliefden tijdens het feest is nu al op weg een klassieke filmscène te worden. Evenals het al even beroemde rendez-vous op het balkon, hier verplaatst naar een zwembad. Romeo moet vóór de ontmoeting trouwens even kotsen, want hij heeft een XTC-pilletje geslikt. Om in de stemming te komen. Het probleem van de film is de lepe manier waarop aan werkelijk alles is gedacht om de omzetting naar de actualiteit kloppend te maken en ook kloppend te houden. Waar de makers Shakespeares materiaal niet helemaal vertrouwden, zorgden ze ervoor dat er een uitleggerig soort beeld- en muziektaal aan de teksten werd toegevoegd.
Een tekenend voorbeeld daarvan is het duel tussen Tybalt (neef van Julia, een mooie macho-creatie van John Leguizamo) en Romeo’s boezemvriend Mercutio (een fraaie zwarte travestienicht, vertolkt door Harold Perrineau). Dat duel is een sleutelscène van het stuk: Tybalt doodt Mercutio, Romeo wreekt zijn vriend door op zijn beurt Tybalt te vermoorden. Van vredesstichter wordt de jonge minnaar spil in de bende-oorlog die hij eigenlijk almaar wil beëindigen. Regisseur Luhrmann grossiert in deze (op papier briljante) scène met volstrekt nodeloze effecten: een tropische storm, een gigantische regenbui, Mozart en Wagner uit het CD-rek getrokken, of we allemaal debiel zijn!
De spaarzame momenten dat het (bijna) stil wordt in de film, bewijzen dat Luhrmann al die spierballencinematografie helemaal niet nodig heeft. Het moment bijvoorbeeld waarop Romeo en Julia bijna gelijktijdig ontdekken dat ze uit rivaliserende clans afkomstig zijn. Dan zijn er wat vage violen op de achtergrond. En verder de rustige kracht van die prachtige tekst. De camera houdt eindelijk een keer op met dat modieuze bewegen, en kijkt diep in de eeuwig onuitgeslapen kalverogen van Leonardo DiCaprio (Romeo), en vangt rustig de naïeve bakvissenblik van Claire Danes (Juliet). In de enscenering van de dubbele zelfmoord heeft Luhrmann voor het publiek een verrassing in petto waar Shakespeare niet op is gekomen. Ik wens een hoop twaalfplussers een stoere blik of een geforceerde baard-in-de-keel toe.