Het prettige dramatische voordeel van een wonderland is dat het meest onwaarschijnlijke kan plaatsvinden zonder dat het, dramatisch gezien, echt onwaarschijnlijk is. In een wonderland gelden andere wetten en een andere logica. De paradox van het wondere wil dat normale waarschijnlijkheid geen vat heeft op de wereld voorbij de spiegel. In een wonderland krijgen mensen geen honger, zijn ze niet werkloos en gaan ze niet scheiden. In een wonderland reizen mensen naar onbekende verten om avonturen te beleven, niet om als illegaal hun maag te vullen. Ze zoeken niet naar werk want ze leven van de lucht. Ze gaan niet scheiden, want trouwen doe je toch alleen met de prinses van je dromen.
Van Lieshout heeft in zijn film de wetten van wonderland met voeten getreden. Banale personages als jaloerse echtgenoten en overijverige agenten van de vreemdelingenpolitie lopen Orazbai en zijn maatje Maarten voor de voeten. Orazbai bouwde zijn nomadentent op het balkon van een flat met uitzicht op de Maas. De echte Maas van het echte Rotterdam en de agenten en de echtgenoot zijn daarmee vergeleken nog niet eens echt genoeg. De verstekeling is aangekondigd als een metaforische film, maar een al te eenvoudig realisme verstomde de beeldspraak.
Het is elders eerder opgemerkt: De Poolse bruid van Karim Traãdia heeft thematisch veel verwantschap met De verstekeling (en ook met een film als De nieuwe moeder van Paula van der Oest). De Poolse bruid koos niet voor de heilloze metafoor, maar voor de concrete drassigheid van de Groningse klei. Daarom werd de vreemdeling in deze film een figuur die vroeg om compassie: je zal maar in dat kille, natte, overgereguleerde Nederland terechtkomen als misbruikte buitenlandse vrouw. Met de Oezbeekse vissersprins hoef je geen medelijden te hebben. Die wandelt na zijn tocht als verstekeling in schone kleren de kade op als een toerist van een rondvaartboot. Zijn prinses staat al klaar met een ruime auto met draaiende motor.
Ik denk dat Van Lieshout heeft gedacht dat hij twee elkaar uitsluitende benaderingen, de realistische en de fantastische, op een aardige manier kon vermengen. Dat hij het wonder naar Rotterdam kon brengen. Daarmee vergiste hij zich in de onverwoestbare nuchterheid van de megalomane werkstad. Traãdia begreep beter dat het nog nuchterder Groningen geen wonderen zou toestaan en met dat begrip kreeg hij greep op de ontroering.

  • The Road (De weg of Tao) is een nieuwe film van Frank Scheffer over een nieuw muziekstuk van Louis Andriessen. Andriessen maakte muziek van het denken van Lao-Tse; Scheffer maakte film van het componeren van Andriessen. Vanaf 29 april in Utrecht (‘t Hoogt); de meer oranjegezinde hoofdstad (Filmmuseum) volgt vanaf 1 mei.
  • In het kader van een Hongaars cultureel festival in De Balie in Amsterdam wordt ook werk van enkele goede Hongaarse cineasten vertoond: Arp†d Sopsits, PÇter Goth†r, J†nos Sz†sz e.a.. Van 13 tot en met 17 mei. +/- Wie nu eens niet iets al te ingewikkelds wil zien, kan terecht bij de sequel van het hysterisch-hilarische Scream van horrormeester Wes Craven of bij Desperate Measures van Barbet Schroeder, die met Single White Female bewees dat hij een angstaanjagende thriller kan maken.