Royale smaad

De politieke restauratie van Nederland dendert onverminderd voort. Nu mag men niet eens meer schrijven dat prins Bernhard indertijd steekpenningen van Lockheed heeft aangenomen. Een attente Monitor-lezer attendeerde ons op een belangwekkende rectificatie in NRCHandelsblad van 24 januari jongstleden, die ondanks verstrekkende gevolgen aan de aandacht van de rest van de media is ontsnapt. In een klein stukje over de ministeriële verantwoordelijkheid in heden en verleden meldde politiek redacteur Kees van der Malen maandag U januari in de rubriek ‘De Haagse Staat’ dat ‘het kabinet-Den Uyl in 1976 prins Bernhard zijn functies en uniform ontnam, nadat bleek dat hij betalingen van vliegtuigfabrikant Lockheed had aangenomen’.

Common knowledge, zo zon je denken, maar reeds de volgende dag, na een interventie van de immer attente Rijksvoorlichtingsdienst, zag de liberale avondkrant zich genoodzaakt tot rectificatie. ‘Deze formulering doet geen recht aan de feiten’, aldus de mededeling in de rubriek 'Correcties & aanvullingen’. 'Ten eerste heeft prins Bernhard volgens het rapport van de Commissie van Drie geen betalingen aangenomen. Ten tweede heeft prins Bernhard zelf verzocht hem uit zijn militaire functies te ontslaan. Ten derde besloot de prins zelf af te zien van zijn uniform om zo tot uitdrukking te brengen dat hij zijn functies had neergelegd. Prins Bernhard en premier Den Uyl hebben indertijd bovendien mondeling afgesproken dat de prins slechts bij bijzondere gelegenheden zijn uniform zou dragen na overleg met de minister-president.> Blijkbaar heeft er helemaal geen Lockheed-affaire bestaan.
Bernhard-biograaf Wim Klinkenberg, die in zijn boek nooit gras heeft laten groeien over de ware route van het smeergeld van de Amerikaanse vliegtuigenfabrikant, heeft de rectificatie van NRC Handelsblad met lede ogen aangezien. 'Natuurlijk, puur juridisch heeft er in het rapport van de Commissie van Drie niet gestaan dat Bernhard persoonlijk steekpenningen heeft aangenomen, maar wie het rapport juist interpreteert, kan tot geen andere conclusie komen. NRC Handelsblad had de moed moeten hebben om het verhaal niet te rectificeren. Het lijkt me zeer onwaarschijnlijk dat de RVD dan juridische stappen bad genomen, want dan had de hele affaire uiteindelijk weer volop in de publiciteit gestaan.’ Klinkenberg herinnert zich overigens dat de Volkskrant enkele jaren geleden voor precies hetzelfde vergrijp als NRC Handelsblad werd terechtgewezen. 'Toen ging men ook gelijk door knieën. Terwijl er tegen mijn boek nooit enige stappen zijn ondernomen. Wat jammer toch dat de dagbladen niet de vereiste moed aan de dag brengen.’
Klinkenberg is momenteel druk doende met een bewerking van zijn spraakmakende Bernhardbiografie. 'Ik wil me er nog een keer, voor het allerlaatst, mee bezighouden. Uiteindelijk heeft ook Bernhard niet het eeuwige leven, en ik heb altijd gezegd dat ik na zijn dood nog een keer met een aangevulde versie van mijn biografie zal komen.’
Ook een andere gevreesde royalty-watcher slaat weer toe. Toneelschrijver Ton Vorstenbosch schreef drie jaar geleden in de HP/De Tijd een diepgravende analyse van de levens van de prinsgemalen Hendrik, Bernhard en Claus. Het verhaal stuitte tegen de borst van de koningin, die via een ingezonden brief van Ruud Lubbers haar afkeer liet horen. Prompt ging de hoofdredactie van het blad over tot excuses. Vorstenbosch heeft het er niet bij laten zitten. Hij schreef een aangrijpend toneelstuk over het huwelijksdrama van Wilhelmina en prins Hendrik, waarvan afgelopen zondag in het Amsterdamse Bellevue-theater met een zogeheten 'readiug’ een voorproefje werd gegeven. Vorstenbosch nam hoogstpersoonlijk de rol van de koningin waar, de prins werd vertolkt door Huib Broos. Vorstenbosch heeft al aangekondigd dat de voorstelling waarschijnlijk over twee jaar de grote theaters te zien zal zijn. Na de uiterst succesvolle toneelvoorstelling uit 1988 van de theatergroep Toetssteen over de Greet-Hofinansaffaire is het de tweede keer dat het huis van Oranje op de toneelplein verschijnt.