Het geheim van de liberalen

Rust, duidelijkheid en een zwembroek

Dat de VVD vorige week de beste verkiezingsuitslag in haar bestaan zou beleven, had niemand verwacht. Ook de liberalen zelf niet. Toch komt het succes niet uit de lucht vallen.

Aan het einde van de middag op de dag na de verkiezingen leidt vvd’er Ard van der Steur een groep nieuwe fractiegenoten rond in de Tweede Kamer. Als een gids legt hij aan de vele nieuwkomers uit wat er op werkdagen gebeurt achter de balie vlak bij de grote vergaderzaal. De welkomsttasjes van de vvd’ers, die de Tweede Kamer aan alle nieuwe leden heeft uitgedeeld, liggen even in een hoekje naast die balie. Kort daarvoor heeft Van der Steur de nieuwelingen de grote zaal laten zien. ‘Ik kan niet wachten daar te staan’, zegt een van hen. Zou Van der Steur ook hebben uitgelegd dat hoe groter de fractie, hoe groter ook de kans dat een maidenspeech op zich laat wachten?

Na een lange verkiezingsnacht zijn de 41 leden van de nieuwe fractie van de vvd die donderdagochtend voor het eerst bij elkaar gekomen. Dat er niet al bij aanvang taart op tafel staat, leidt meteen tot speculaties bij de pers. Zie je wel, de liberalen hebben het niet aangedurfd vooraf taart te bestellen, ze waren niet zeker van hun overwinning. Bij de pvda, de partij die de vvd in de verkiezingsstrijd op de hielen zat, kunnen ze wel lachen om die speculaties, maar zijn ze ook nuchter: waarschijnlijk is iemand gewoon vergeten taart te bestellen.

Terwijl de nieuwe fractie vergadert over hoe de vvd in de formatie wil gaan opereren, ruimt vertrekkend Kamerlid Willibrord van Beek zijn kamer op. Dat de vvd groter is geworden dan ooit daarvoor in de geschiedenis van de partij verheugt hem. ‘Toen ik in 1998 in de Tweede Kamer kwam, hadden we 38 zetels. Dat was toen het record. Vóór 12 september zei ik dat ik het mooi zou vinden als het er bij mijn vertrek weer 38 zouden zijn.’ Dat het er zelfs drie meer zouden worden, had Van Beek niet zien aankomen. En hij was niet de enige in zijn partij.

Het eerlijke antwoord op de vraag waaraan de vvd de grote winst in zetels en het beste resultaat in haar bestaan te danken heeft, is volgens veel Kamerleden dan ook: geen idee, we zijn zelf ook verbijsterd. Wel is er een kluwen aan deelverklaringen. Om te beginnen is er de strategie van de vvd om zich in de campagne af te zetten tegen de ‘socialisten’. De liberalen wilden er per se een tweestrijd van maken: wij liberalen tegen het rode gevaar. Dat versimpelt de keuze voor de kiezer en maakt er een spannende wedstrijd van, waar de overige partijen onder kunnen gaan lijden. Die strategie is meer dan gelukt, tot verbazing én in het voordeel van beide kemphanen, maar tot verdriet van de partijen die zich door hen leeggegeten voelen. Was het kwartje net iets meer doorgerold naar de ‘socialisten’ dan was de vreugde over zetelwinst bij de liberalen overigens overschaduwd geweest door het verlies van het Torentje. Maar zo liep het niet, dus was de strategie een goede. Zo simpel is het soms ook.

Dat met de socialisten aanvankelijk vooral op de SP zou zijn gemikt, leek kort na de start van de verkiezingscampagne voor de buitenwereld een misrekening van de vvd. De SP begon door het mindere optreden van SP-leider Emile Roemer immers al direct te dalen in de peilingen. Maar doordat vvd-leider Mark Rutte vanaf het begin van zijn campagne aan iedereen die daarnaar vroeg antwoordde dat hij met de socialisten ook de pvda bedoelde, kon de liberale strategie moeiteloos worden voortgezet. De verkiezingsstrijd bleef een tweestrijd tussen rechts en links, alleen met een andere tegenstander.

Die tegenstander was in tegenstelling tot Roemer echter wel een geduchte. pvda-leider Diederik Samsom verbaasde vriend en vijand met zijn optreden. Als de liberalen eerlijk zijn, hadden ze gehoopt door de tweestrijd met de SP de pvda lekker klein te kunnen houden. Met de SP gaan regeren zou vervolgens onvoorstelbaar zijn geweest. Dat bij winst voor de vvd dan misschien wel een coalitie met de pvda in zicht was gekomen, was dan minder bedreigend. Een verzwakt pvda zou tijdens formatiebesprekingen niet veel in de melk te brokkelen hebben gehad.

Dat het anders liep, bemoeilijkt mogelijk de formatie. Maar daarom treuren de liberalen vooralsnog niet al te hard. Het geduchte weerwerk van Samsom heeft de bewust gezochte tweestrijd met de ‘socialisten’ waarschijnlijk nog meer op scherp gezet dan wanneer Roemer de tegenstander was gebleven. Dat heeft ook aan de liberale kant van het politieke spectrum mogelijk nóg meer zwevende kiezers doen besluiten op de vvd te stemmen.

Dan is er de deelverklaring waarin de tijdgeest een grote rol speelt. Volgens partijvoorzitter Benk Korthals ademt het vvd-verkiezings­programma dynamiek uit. Daarmee bedoelt hij dat de vvd een beroep doet op de eigen verantwoordelijkheid van mensen. Of het nou gaat om een extraatje voor werkenden, over het korten op het budget voor ontwikkelingssamenwerking of over strenge eisen aan de hulp aan de Grieken – overal in het vvd-verkiezingsprogramma keert dat basisidee terug. Dat je iets kunt maken van je leven als je je daar zelf voor inzet, sluit volgens Korthals aan bij de manier waarop veel mensen in het leven staan. Noem het de veramerikanisering van het Nederlandse levensgevoel. Tv-programma’s als The Voice of Holland, waarin onbekende Nederlanders door te werken aan hun talent BN’ers kunnen worden, zijn ook exemplarisch voor die tijdgeest.

Wat ook een rol speelt in het succes van de vvd is dat in een tijd van groter individualisme dan in het verleden en een tijd van crisis bovendien een deel van de kiezers in het stemhokje gekozen heeft voor het directe eigenbelang. Daar waar velen in het recente verleden welvarender zijn geworden, zijn er inmiddels velen die die privé-welvaart willen behouden. Het potentiële electoraat van de vvd kende zo als het ware een natuurlijke aanwas. De huizenbezitter, de winkelier, de freelancer, de beginnende ondernemer: ze voelen zich bij de liberalen beter af.

Die tijdgeest hebben de liberalen proberen te vangen door zich in de campagne consequent neer te zetten als de partij die de banenmotor het hardst zal laten draaien en de overheids­financiën het best zal beheren: iedereen moet zijn eigen broek ophouden en net als een huishouden moet ook de overheid niet meer geld uitgeven dan er binnenkomt. Tot hun eigen vreugde konden de liberalen met de cijfers van het Centraal Planbureau in de hand zichzelf wat betreft het eerste punt op de borst slaan en de pvda juist verwijten dat ze veel minder banen creëert. Dat ook bij de vvd de werkloosheid tot in 2017 nog oploopt, werd dan liever niet vermeld.

Soms moest tijdens de campagne voor het neerzetten van het gewenste beeld van de partij de werkelijkheid wat meer geweld worden aangedaan. Zo strookte de manier waarop de liberalen de ‘socialisten’ verweten niet op de schatkist te kunnen passen niet met de cijfers. De pvda hecht net als de vvd aan de afspraken die Nederland in Europees verband heeft gemaakt over overheidstekorten en -schulden. Rutte’s opmerking tijdens zijn speech op het partijcongres, nog geen maand geleden, dat liberale ministers er vele kabinetten over hebben gedaan om de rommel van socialistische voorgangers op te ruimen, was ook al niet gebaseerd op feiten uit de geschiedenis. Zoals ook de opmerking van Rutte over het gelijk blijven van het eigen risico in de zorg niet helemaal klopte toen Roemer hem daar in het eerste televisiedebat op aanviel.

Maar het liberale electoraat zit daar niet mee. Zoals het ook geen moeite had met de gedoogconstructie met de pvv – dat avontuur-op-rechts waar coalitiepartner cda wél op is afgerekend. Waar het cda zich in heftige debatten afvroeg of regeren met een gedoogpartner die mensen wegzet wel te verantwoorden is, straalde de vvd uit dat dit geen probleem is, maar gewoon een pragmatische afweging na de verkiezingsuitslag van 2010. En vvd-stemmers geloven wat de vvd wil uitstralen. Ook dat past in de tijdgeest: je bent wat je uitstraalt.

De liberalen hebben die door hen gewenste uitstraling ook nog eens goed weten te vangen in hun inmiddels beroemde tegeltjeswijsheden. ‘Werkend Nederland verdient belasting­verlaging’, in vette blauwe letters met een dikke oranje streep eronder, vat de dynamiek waar Korthals op doelde en het aanspreken van kiezers op hun eigenbelang in vier woorden samen. Bij de verkiezingen van 2010 is de vvd met haar tegeltjes begonnen. De ‘wijsheden’ die erop stonden, gaven toen ook meteen de nieuwe, rechtsere koers aan van de liberalen en de veel populistischer manier waarop zij hun boodschap voortaan zouden verkondigen.

Dat was het antwoord op de opkomst van de pvv van Geert Wilders, een voormalige vvd-partijgenoot die in korte tijd was uitgegroeid tot kampioen populistische oneliners. De tegeltjeswijsheid ‘Vandalen moeten betalen’ moest niet alleen aangeven dat de vvd ook kort en krachtig een boodschap kon uitdragen, maar ook dat de vvd, net als de pvv, misdaad keihard zou bestraffen. Met dit verschil dat de pvv niet verbloemde zich vooral te richten op vandalen van Marokkaanse afkomst en de vvd het algemener hield.

Die consequente nieuwe koers van de vvd is niet los te zien van de rumoerige jaren die de liberalen hebben gekend in het eerste decennium van deze eeuw. Want behalve het opstappen van Wilders en het succes van diens nieuwe partij waren er ook de interne ruzies in de partij rondom Rita Verdonk, de partijgenoot die probeerde partijleider Rutte nog naar de kroon te steken ook nadat hij de strijd om het lijsttrekkerschap van haar had gewonnen. Wilden de liberalen overleven, dan moest er rust komen. Dat besef zit diep bij de liberalen. Zo diep dat ze nu het verwijt krijgen dat er in hun partij niemand weerwoord zou durven te geven en er geen discussie is, waarmee dan ruzie wordt bedoeld.

Een betere verklaring voor het gebrek aan rumoer is dan ook dat succes niet aanzet tot geklaag en verlies wél. Maar dat is het niet alleen, de vvd’ers van nu kunnen zich ook écht vinden in de nieuwe koers. Op een congres zegt iemand in de wandelgang wel eens dat Europa met wat meer passie verdedigd zou mogen worden, maar die voegt daar meestal zelf meteen aan toe wel te snappen hoe moeilijk het manoeuvreren is met eurosceptische kiezers en zuidelijke landen die niet te makkelijk mogen gaan denken dat Noord-Europa hen wel te hulp komt.

Ten slotte is er voor de verklaring van de winst van de liberalen ook nog de persoon van de lijsttrekker, Mark Rutte. Als hij de afgelopen weken op straat was om campagne te voeren, verdrongen mensen elkaar om met hem op de foto te kunnen. Rutte is een BN’er. Hij is een minister-president die het zich kan veroorloven om in zwembroek gefotografeerd te worden, vooral omdat het in het bijzijn van die andere BN’er Jort Kelder was. Een minister-president ook die in een Kamerdebat tegen Wilders kan zeggen: doe zelf eens normaal, man. Het is straattaal, maar met name jongere kiezers malen daar niet om. Daarmee past Rutte ook als persoon perfect bij de tijdgeest.