Maarten Asscher, Het uur en de dag

Say no more

Maarten Asscher

Het uur en de dag

Augustus, 206 blz., € 16,95

Waar heb ik dit allemaal eerder gelezen? Een man koopt op Kreta een verwaarloosd stuk grond met resten van een oud huis erop. «Ik wilde iets vinden een eind van de kust vandaan, maar ook weer niet te ver», schrijft hij aan zijn vriend, een literatuurwetenschapper die een proefschrift over Shakespeare schrijft. Ver weg van het toerisme dus, want toerisme daar hebben ze in dit boek allemaal een gloeiende hekel aan. Hij nodigt die vriend uit de eerste olijvenoogst van zijn grond te komen binnenhalen. Ook Galia Romazy, zijn goede vriendin, «die ik ooit (bijna) de mijne heb mogen noemen», krijgt een uitnodiging. Met zo’n naam zit je natuurlijk goed in een roman als deze. Romazy is pleegdochter van een Hongaarse diplomaat, aan wie ze «nooit zonder oprechte genegenheid» denkt. Ze werd op Kreta geboren, heeft een glansrijke carrière als fotomodel achter de rug en spreekt «behoorlijk Engels, met een zeer verleidelijke buitenlandse tongval».

Kreta, literatuur, olijfbomen, diplomaat, pleegdochter, topmodel, verleidelijk: ingrediënten waarmee je voordat je het weet een lekker vakantieboek bij elkaar kunt schrijven. Laat me raden: die vriend en dat topmodel krijgen een verhouding, er is iets naars met dat stuk land op Kreta, de olijfoogst wordt feestelijk binnengehaald en geheimen uit het verleden – pleegdochter! – worden uit de doeken gedaan. Niemendalletjes noemde mijn moeder zulke boeken vroeger, ze las ze heel graag en toen ik ze ook graag bleek te lezen, deed ze er toch wat bezorgd over. Zou je later niet ook échte boeken gaan lezen, Kees?

Maarten Asscher heeft het genre helemaal in zijn vingers. Hij knutselde een verregaand onwaarschijnlijk verhaal in elkaar rondom een eigendomsbewijs van dat stuk land op Kreta. Voordat het allemaal goed komt is er nog een Duitse soldaat die ooit nare dingen deed in het dorpje waar dat stuk land ligt. Die woont nu somber mompelend in Hamburg. Ja ja, het verleden, dat wil wat. We worden dus nog even meegenomen op een reis naar Duitsland, waarbij alles mis dreigt te gaan, maar dankzij stille diplomatie toch weer goed komt. De bedoeling van dit genre is dat je als lezer tijdelijk nieuwe werelden betreedt zonder dat je het gevoel krijgt er nu echt iets nieuws over te weten. De oorlog, verre landen, geluk en liefde – Asscher stipt die werelden, geheel in stijl, alleen globaal aan. Liefhebbers van het genre hebben nu eenmaal aan een paar woorden genoeg: «Say no more, nudge nudge, wink wink», zoals de oude Monty Python-act treffend zegt. In deze werelden regeren hartstochten, zien vrouwen er «perfect» uit, schudt het lot de kaarten en bloeit liefde alleen op het eerste gezicht. Hier leiden de personages een interessant en verheven leven en hebben de plattelandsbewoners van Kreta allemaal nog iets heerlijk primitiefs. Voor je het weet staan ze klaar met een geweer! Gelukkig doet een mooie maaltijd met olijven, tomaten en knoflook wonderen. Want iedereen wil in harmonie met zichzelf en de omgeving leven. Misschien is dat het sleutelwoord van deze roman en dit genre: pas als je met jezelf in harmonie leeft, komt alles goed. Dan komen zelfs voormalige Duitse soldaten tot inkeer.

Ach, het verhaal, daar gaat het allemaal niet om. Het gaat om de zinnen die allemaal lijken op altijd dezelfde zinnen die voor dit genre en deze roman ge maakt lijken te zijn. Dus kijken we niet vreemd op bij een zin als deze: «Juist de terugkeer naar de plek waar ze vroeger zo over de grote stad en de echte wereld had gefantaseerd stemde haar rustig en in harmonie met zichzelf. Galia betrapte zich erop dat ze niet zozeer naar vroeger verlangde, als wel naar haar vroegere verlangens voor de toekomst.» Of: «De korte autorit door het zonnige en warme landschap deed hem goed.» Of: «Misschien was ze daarom wel zo toeschietelijk geweest ten opzichte van Arthur?» Of nog eentje: «Ze genoot ervan hier te zijn, het gevoel te hebben dat ze op een primitieve manier hier thuishoorde.» De roman is doordrenkt van deze stijlvaste zinnen. Asscher kent dit stilistische repertoire op z’n duimpje en werkt er ongegeneerd en overvloedig mee. De erotiek is dus niet vunzig en laag-bij-de-gronds maar edel, geslaagd en passend bij de mooie wereld van deze roman. «Galia schudde de lakens en dekens van zich af en ging in haar volle glorie rechtop zitten, leunde toen schuin naar achteren, steunend op haar handen. Arthur greep haar borsten vast. Kort na elkaar kwamen ze klaar.» Potverdorie, zo proberen wij het thuis ook altijd wanneer we zaterdagavond op de televisie bij RTL5 een fijne softporno hebben bekeken, al gaan we even later toch maar weer gewoon op z’n dominees. Genoeg geschmierd nu. Zo is het wel goed.