‘Überrascht und irritiert’, dat was men in Berlijn drie jaar geleden. Reden: de Franse regering stemde ineens voor de EU-richtlijn waarmee de Europese Commissie probeerde het Nord Stream-project – de gaspijplijnen die van Rusland naar Duitsland lopen – onder EU-regelgeving te brengen. Frankrijk had Duitsland tot dan toe steeds aan een blokkerende minderheid geholpen, om zo de EU buiten Nord Stream te houden. Tot februari 2019 dus. Dit maakte de vrijwel voltooide Nord Stream 2-pijplijn een kwestie van Europese politiek.

Het duurde niet lang of Nord Stream 2 werd via deze EU-band ook omstreden in de Duitse regering én de SPD van kanselier Scholz. Hoezeer de SPD en opeenvolgende Duitse regeringen verknoopt zijn met Nord Stream blijkt uit een diepgravend artikel in Die Zeit van 10 februari. De titel: ‘Wenn der Gasmann zweimal klingelt’. Die ‘Gasmann’ is voormalig SPD-kanselier Schröder. Hij leidt het consortium dat Nord Stream bestiert en verkeert al jarenlang in de oligarchische stratosfeer van Rosneft.

Schröder trof Poetin in de ongeordende wereld van na de Koude Oorlog. Hun Männerfreundschaft zorgde meteen voor angstsidderingen bij de voormalige sovjetrepublieken die langs Ruslands westgrens liggen. In die uitgestrekte regio, van Georgië tot Oekraïne, weet men wat er gebeurt als Duitsland en Rusland vriendschap vieren: vroeg of laat zullen deze naties opgedeeld worden in invloedssferen. Zo is hun geschiedenis. Nord Stream was het nieuwe symbool van die oude wetmatigheid.

Na de kansloze poging van Georgië en Oekraïne om toe te treden tot de NAVO (2007) was de geschiedenis weer springlevend. In 2008 stonden Poetins troepen in Zuid-Ossetië. In 2014 volgde de Krim, en begon er een oorlog in de Donbas. Intussen hield de regering-Merkel vol dat Nord Stream een puur economisch project was. Een argument dat pas na de steun van Macron voor de EU-richtlijn de politieke dekking verloor. Veel te laat.

Het buitenlandbeleid van de EU moet minder commercieel worden

Wat wil Macron? Hij bepleit een primaat van de politiek. De EU dient een volwaardige speler op het wereldtoneel te worden via meer Europese autonomie. Makkelijker gezegd dan gedaan, zo bleek in de zomer van 2021. Toen was het de Franse president die ‘geïrriteerd en verrast’ was. Australië annuleerde in Parijs een bestelling van twaalf onderzeeërs en sloot met de VS en het VK het AUKUS-defensiepact. Net als de EU wist Frankrijk nergens van: een bevestiging van het aloude Franse wantrouwen jegens de Amerikanen. Dat wantrouwen wordt verder gevoed door de recente geschiedenis.

Het Amerikaanse internationale activisme dat volgde op 9/11 markeerde het begin van wat een test van het ‘unipolaire moment’ genoemd kan worden. Bestond het? Was het zo dat er nog maar één supermogendheid was overgebleven? In de overtuiging dat dit inderdaad de nieuwe realiteit was, werd deze test door de regeringen-Bush bewust opgezocht. Niet alleen met de oorlogen in Afghanistan en Irak, maar ook door te spelen met de geloofwaardigheid van de VN en multilateraal overleg, een verkwanseling van de waarden van het naoorlogse Westen.

John Bolton, Amerikaans VN-ambassadeur in 2005, zei zelfs dat ‘de Verenigde Naties niet bestaan’; ‘alleen de VS konden de wereld leiden’. Het Amerika van Bush handelde hiernaar, een voorafspiegeling van het multilateralisme vernietigende buitenlandbeleid van Trump.

Nu de Oekraïense president Zelenski smeekt om de VN en het westerse multilateralisme ter bescherming van de precaire Oekraïense democratie, is de VN onmachtig en worstelt de Amerikaanse democratie nog met de Capitool-bestorming van vorig jaar. De EU is intussen, tegen wil en dank, het laatste, en kwetsbare, bastion van het multilateralisme geworden. Dat schept verplichtingen.

Hoogste tijd om de ‘verrassing en irritatie’ van de afgelopen jaren te zien voor wat ze waren: tekenen van zwakte. Het stoppen van Nord Stream 2, waartoe Scholz vorige week besloot, is een eerste stap in een nieuwe richting. Maar er is veel meer nodig om de slag niet te verliezen: een Europees buitenlandbeleid, onafhankelijker van de VS, maar vooral minder commercieel gedreven. Dat gaat pijn doen. Die pijn is het Europese spiegelbeeld van de reactieve en gemakzuchtige Rusland-politiek van sancties. De bommen op Kiev slaan de lichtzinnige Narcissus, die West-Europa veel te lang geweest is in haar omgang met het oosten van Europa, rücksichtslos aan diggelen. Europa is te laat. Nu past alleen nog schaamte en actie.