Schakelingen

Bruce Nauman maakt beweging abstract. Seven Figures is abstract realisme in een nietsontziend extreme vorm.

IN VEEL opzichten is Bruce Nauman een realist - en omdat hij, zoals in Seven Figures, de vormgeving zo rigoureus voorbij de abstractie weet te drijven, is hij de onnavolgbare grootmeester geworden die een jonge generatie kunstenaars vermoedelijk het meest te zeggen heeft. Abstracte kunst maken is, denk ik, heel erg moeilijk. Neem Picasso, de beroemdste kunstenaar ter wereld die wel veel wild-meeslepende naakten heeft geschilderd maar nooit een abstract schilderij omdat hij, naar eigen zeggen, de natuur niet kon loslaten. Dat betekent ten leste dat hij pas aan een schilderij kon beginnen als hij voor zich iets te zien had waarmee hij kon beginnen. Een echt model hoeft dat niet altijd te zijn, genoeg is een model in je hoofd, een soort voorbeeld. De enorme vindingrijkheid waar Picasso zo om geprezen wordt, is dan gelegen in de vrijmoedigheid waarmee hij de vorm van wat te schilderen is, een wulpse naakte vrouw bijvoorbeeld, artistiek zo weet te manipuleren dat het schilderij vol verrassingen komt te zitten. Mensen bewonderen dat zoals ze de onwaarschijnlijke en muzikale lenigheid van balletdansers bewonderen. Allemaal mooi en goed, maar echt indrukwekkend vind ik hoe Mondriaan twee zwarte lijnen in een witte ruitvorm laat kruisen - een constellatie die hij niet gezien maar uit niets gevonden heeft. Vergeleken bij die sobere diepgang is Picasso, met zijn meeslepende bravoure, eigenlijk de laatste grote schilder van de negentiende eeuw.
De grote en richtingwijzende vinding van de twintigste eeuw was de abstracte kunst. Hoewel meer dan een stijl, eerder een methode, raakte die ook, zoals alles, onderhevig aan gewenning en maniërisme. Hoe kun je daaraan ontsnappen? Seven Figures is een breed opgezette constructie (bijna vijf meter) van zeven figuren - drie vrouwen en vier mannen. Een liggende vrouw links likt het geslacht van een tweede vrouw die schrijlings boven haar hoofd hurkt. Tussen de benen van de liggende vrouw (we zien, vooraan, alleen het rechterbeen, gebogen) zit een man op zijn knieën die zijn stijve in de vulva van de vrouw stoot. Enzovoort. De vorm van het ensemble is eerst door Nauman in summiere schetsen bedacht en uitgevonden. Daarna zijn voor de fabricatie van neonfiguren grote lijntekeningen gemaakt. Elk van de figuren bestaat uit twee aparte contouren die elkaars varianten zijn. Kijk bijvoorbeeld naar de man helemaal rechts die eerst een rustige knielende figuur met een stijve pik is. Op dat moment is de contour lila van kleur. Ogen, mond en geslacht zijn rood. De variant is dezelfde knielende die op z'n hondjes een stijve in de vrouw voor hem stoot. Die tweede contour is dan groen. Het geslacht blijft rood, ogen en mond niet. Tegelijkertijd is de vrouw die voor hem op haar knieën voorover gebogen zit blauw terwijl haar billen roze-rood worden. Eerder waren die billen groen. De ene contour van die vrouw is dus blauw, de andere is roze, in die contour beweegt vooral haar hoofd op- en neerwaarts om aan de pik te zuigen van de man die half onder haar ligt. Van die man gaat de contour tussen groen en roze heen en weer. En zo voort en heen en weer.
De bewegingen in dit ensemble ontstaan doordat de verschillende contouren en dus de verschillende kleuren daarvan alternerend aan en uit floepen. Dat alterneren tussen kleuren en contouren gebeurt, aangestuurd door een bepaald mechanisme, in de zeven figuren tegelijkertijd. De schakelingen verlopen snel zodat het patroon van bewegingen dat wij te zien krijgen (heen en weer, op en neer) vrijwel onnavolgbaar wordt. Vroeger waren er kleine boekjes met op elke bladzijde één fase getekend van, zeg maar, de beweging van een waggelende eend - als je die bladzijden snel langs je duim liet ritsen zag je de eend, wat haperend, echt bewegen.
Ze bestonden ook, die boekjes, met een neukend paar.
Essentieel is vooral de snelheid van de alternering. Pas als je, al kijkend, door de snelheid de details van het bewegingsverloop net niet meer volgen kunt, wordt het suggestieve namaak-realisme van Seven Figures echt absurd. Je kijkt naar figuren en, lijkt het, naar een programma van figuurlijke, erotische handelingen, maar eigenlijk zie je daarvan nauwelijks iets. Terwijl je het hectische gedoe probeert te volgen, zie je in werkelijkheid alleen maar details voorbijschieten. De wulpse en golvende beweging die dit in een pornofilm zou opleveren is dus, hoewel in essentie zichtbaar, tot een serie van verwarde details verpulverd die nochtans niet ophouden het oog bezig te houden. Beweging abstract gemaakt. Door snelheid en summiere, strakke tekening (vijf figuren hebben bijvoorbeeld geen armen) is Seven Figures abstract realisme geworden in een nietsontziend extreme vorm. Ik bedoel: het ding doet, anders dan Picasso, geen enkele moeite om mooi te zijn.

PS De foto hierbij is de slechtste manier om het glorieuze meesterwerk te laten zien. Maar het is nu voor een aantal maanden in het Stedelijk Museum tentoongesteld