Schellinkje

Terwijl de blonde schrik uit Venlo terechtstaat in het Amsterdamse gerechtsgebouw, staan zijn rechters voor de publieke opinie terecht. Het wachten is op het moment dat bij de rechters het muntje valt en het proces alsnog in vrijspraak of niet-ontvankelijkheid wordt gesmoord.

Afgelopen vrijdag, tijdens de zoveelste ronde van het slepende Wilders-proces, werd bijna het begrip ‘meineed’ van zijn betekenis ontdaan. Elke Nederlander weet of hoort te weten dat meineed hetzelfde is als liegen tegen de rechtbank. Naast de onwaarheid van iemands verklaring onder ede moet ook zijn kwade opzet bewezen worden. Artikel 207 van het wetboek van strafrecht zegt het zo: 'Hij die opzettelijk een valse verklaring onder ede aflegt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.’

Volgens Geert Wilders’ advocaat Bram Moszkowicz pleegt een mens al meineed als hij zichzelf tegenspreekt, zelfs wanneer hij niet onder ede staat. Omdat Midden-Oosten-deskundige Bert Hendriks zich aan zo'n tegenspraak schuldig zou hebben gemaakt, eiste Moszkowicz dat hij vervolgd werd. Is vergissen volgens Moszkowicz ook al strafbaar? Jazeker, want toen hij zijn zin niet kreeg, diende de advocaat een verzoek tot wraking van alle rechters in. Hij deed dat tweemaal eerder, waarvan eenmaal met succes zodat het proces-Wilders van voren af aan moest beginnen. Ditmaal ving hij bij de wrakingskamer gelukkig bot.

Aanleiding voor dit alles was dat Hendriks ooit een vorkje prikte met twee betrokkenen bij de vervolging van Wilders, raadsheer Tom Schalken van de Amsterdamse rechtbank en arabist Hans Jansen. De laatste schreef daarover in een blog die 'Hoeiboei’ heet iets lelijks waarover de eerste dan weer boos en de tweede teleurgesteld was. Wie van de Nederlandse rechtspraak een circus maakt, moet niet raar opkijken als clowns het hoogste woord gaan voeren in de rechtszaal. Geen wonder dat de Volkskrant het proces op zijn voorpagina een 'soap’ noemt. Een commentator van Trouw vergelijkt het met de serie 24 waarin bordkartonnen terreurbestrijders wekelijks kernbommen en dodelijke virussen onschadelijk maken. Als kwaliteitskranten zulke termen gaan hanteren, is de geloofwaardigheid van het instituut in het geding. Terwijl de politicus terechtstaat in het Amsterdamse gerechtsgebouw staan zijn rechters voor de publieke opinie terecht. Moszkowicz weet dat al lang, net als Wilders zelf. Vandaar dat beiden van begin af aan op het schellinkje spelen. Het wachten is op het moment dat bij de rechters het muntje valt en het proces alsnog in vrijspraak of niet-ontvankelijkheid wordt gesmoord.

De ware reden voor de blamage is natuurlijk dat dit een politiek proces is. Als de blonde schrik uit Venlo onverhoopt wordt veroordeeld, roepen zijn rechters indirect een oordeel over zichzelf en hun instituut over zich af. Geert Wilders heeft nimmer opgeroepen tot verstoring van de openbare orde, een uiting die terecht als een ordinaire misdaad strafbaar is gesteld. Hij staat louter terecht omdat zijn mening een meerderheid van de Nederlanders onwelgevallig is. Hopelijk valt ook bij de felste tegenstanders van Wilders nog een keer het muntje. Een volk dat zijn schrijvers, cartoonisten en zelfs gekozen politici de mond wil snoeren, draait in wezen zijn eigen vrijheid van meningsuiting de nek om.