Onrust in de Haagse Schilderswijk

‘Schiet ons maar dood’

Afgelopen vrijdag werd in de Schilderswijk geprotesteerd tegen het ‘institutioneel racisme’ van het Haagse politiekorps. Maar kloppen de aantijgingen wel?

Medium schilderswijkwfapix

Eind 2013 richtten negen verontruste Haagse burgers het Actiecomité Herstel van Vertrouwen op, als reactie op aanhoudende berichten dat Haagse politieagenten zich schuldig maken aan racistisch gedrag. Het Haagse medium Omroep West meldde in die periode dat er een racistische geweldscultuur zou heersen bij politiebureau De Heemstraat in de Haagse Schilderswijk. Over dit bureau had de omroep ‘al langer verhalen gehoord dat er zaken mis zouden gaan’. De omroep sprak drie Haagse oud-agenten en enkele slachtoffers die deze verhalen bevestigden.

Het was de tijd van het oplaaiende racismedebat dat eind vorig jaar naar aanleiding van zwarte piet zo hevig woedde. Berichten zoals deze over het Haagse politiekorps werden gretig opgepikt door andere media. (‘Haagse agenten zijn racistisch’ – NOS Nieuws). Ondertussen waren Haagse jongeren nog in rouw om de dood van Rishi Chandrikasing, de zeventienjarige scholier die eind 2012 op station Hollands Spoor door een politiekogel om het leven kwam. Zijn vrienden, buurtgenoten en familie achtten de agent schuldig en hadden geen vertrouwen in een eerlijke rechtsgang.

Het actiecomité zag het als zijn taak dit racistische politieprobleem aan de kaak te stellen. Aan mediabelangstelling had het geen gebrek. Woordvoerder van het actiecomité, oud-gemeenteraadslid in Den Haag Yasmina Haifi (47), verklaarde op 4 november 2013 tegenover Den Haag FM dat het buitenproportioneel geweld van de Haagse politie ‘geen incidenten’ zijn. Op 28 januari verklaarde Haifi tegenover Omroep West dat met name allochtone Hagenezen hinder ondervinden van een ‘gewelddadige en/of discriminerende benadering van de politie’. Een dag later was Haifi te gast bij tv-programma Pauw Witteman waar ze beweerde dat er ‘absoluut’ sprake is van racistisch geweld bij de politie Den Haag. Hetzelfde beweerde Haifi samen met comitélid Mohammed Ghay in NRC Handelsblad van 10 februari. ‘We hebben te maken met een heleboel slachtoffers van discriminatie en disproportioneel geweld’, zei Haifi een week later op radiozender FunX. Op 15 maart stelde ze in NRC dat de Haagse politie ‘doordrenkt is (…) van racisme’.

De Haagse politie, die in contact stond met het actiecomité, was niet gelukkig met dit mediabombardement. Het actiecomité liet weten dat het via de media de druk wilde opvoeren omdat het geloofde dat bij politie en gemeente de urgentie ontbrak. Die tactiek werkte, want begin dit jaar begon de (waarnemende) Nationale Ombudsman Frank van Dooren een onderzoek naar het gewraakte bureau De Heemstraat.

Volgens Yasmina Haifi deelt zestig tot tachtig procent van de Schilderswijk de overtuigingen van het actiecomité. Onder meer met die claim kreeg het actiecomité toegang tot de pers en heeft het in de loop van het afgelopen jaar zijn frame van de politie Den Haag als een racistische organisatie kunnen versterken.

‘In de politieorganisatie heerst een diepgewortelde cultuur van minachting naar mensen met een andere achtergrond’, zegt Haifi tijdens een gesprek op 25 juli in brasserie de Ooievaer op het Haagse Spuiplein. Die diepgewortelde cultuur binnen de politie wordt volgens haar ook nog van ‘hoog tot laag’ gedragen.

Kort geleden had Haifi een radeloze vader aan de telefoon wiens twaalfjarige zoon een paar uur in een arrestantencel had moeten doorbrengen. Toen de jongen van angstzenuwen had overgegeven, dwongen agenten hem zijn braaksel op te ruimen. Haifi haalt uit haar tas een stapel enquêtes waarmee haar actiecomité in juli is langsgegaan bij bewoners van de Schilderswijk. Ze staan vol met nog meer getuigenissen van buurtbewoners die zich onheus bejegend voelden door de politie. Het zijn schrijnende persoonlijke verhalen. Voor Haifi tonen ze afdoende aan dat er in de kern van politie Den Haag iets niet in orde is.

Haifi had gehoopt dat het onderzoek van de ombudsman haar bevindingen over de politie Den Haag zou bevestigen. Op het moment van het gesprek is dat rapport nog niet verschenen, maar Haifi heeft alvast het concept mogen inzien. En de resultaten waarmee de ombudsman later op 29 juli zou komen, zijn nogal een teleurstelling voor Haifi en het actiecomité. De ombudsman kon namelijk geen structurele misstanden vaststellen bij het gewraakte bureau De Heemstraat. In individuele gevallen kan een agent bij een arrestatie wel eens te veel geweld gebruiken, of uitlatingen doen die als discriminerend ervaren worden, ook kan het aantal ID-controles wat minder – maar van een ‘diepgewortelde cultuur van minachting naar mensen met een andere achtergrond’, zoals Haifi het formuleert, lijkt geen sprake. Sterker: in de Schilderswijk, waar relatief veel criminaliteit heerst, leidt juist ‘het gedrag van veel jongeren jegens de politie tot escalatie’, aldus de ombudsman.

Volgens Haifi heeft de ombudsman nauwelijks de medewerking van het actiecomité gezocht. Hij zou veel ‘bobo’s’ hebben geïnterviewd en ‘maar een paar jongeren’. In werkelijkheid liepen onderzoekers van de ombudsman mee met diensten van politieagenten. Ook spraken ze met jongeren, buurtwerkers, en met twee van de oud-politieagenten die bij Omroep West vertelden over de vermeende racistische cultuur bij de politie Den Haag. Bovendien meldt de ombudsman in het rapport dat enkele sleutelfiguren die het actiecomité had aangedragen op afspraken ‘niet [kwamen] opdagen en [niet] reageerden op telefonisch ingesproken berichten’.

Begin juni kwam ook al een rapport uit over het handelen van de Haagse politie. Dat rapport, Etnisch profileren in Den Haag?, richtte zich specifiek op het probleem van etnisch profileren en liet eventueel buitensporig politiegeweld buiten beschouwing. Projectcoördinator en een van de auteurs is Joanne van der Leun, hoogleraar criminologie aan de Universiteit Leiden. In het rapport worden ‘de media’ en ngo’s gekapitteld die de discussie over etnisch profileren het afgelopen jaar aanzwengelden maar niet altijd even ‘conceptueel zuiver’ voerden. Begrippen als discriminatie, racisme en etnisch profileren werden te veel door elkaar gebruikt. Het gevaar is dat door dit soort onzorgvuldige publieke discussies ‘de percepties van burgers over etnisch profileren en de mate waarin dit voorkomt onmiskenbaar beïnvloed [worden]’. Uiteindelijk concludeert het rapport dat er ‘geen aanwijzingen [zijn] gevonden voor structureel etnisch profileren’ bij de politie Den Haag.

‘Heel veel jongeren beweren dat ze met brandbommen een politiebureau gaan terugpakken'

‘Het is geen onafhankelijk onderzoek’, zegt Haifi over het rapport van Van der Leun. ‘De politie heeft het volledig geregisseerd. Wij hebben ook onze bronnen binnen de politie. En kwalijk is dat mevrouw Van der Leun lid is van de adviesraad van de politie Den Haag. Als jij betrokken bent bij een instituut, dan ga je niet zeggen dat dat instituut niet deugt.’

Aan de overtuigingen van het actiecomité wil Haifi niet tornen. Misschien zijn de klachten die ze verzamelden niet allemaal even neutraal of waarheidsgetrouw? Misschien zijn de getuigenissen van de drie ex-politieagenten niet overtuigend genoeg om van een diepgewortelde racistische cultuur bij de politie Den Haag te spreken? Misschien zijn de onderzoeken van de ombudsman en Joanne van der Leun wel op steviger fundament gebouwd dan het actiecomité doet voorkomen? ‘Wij zijn geen onderzoeksinstituut’, zegt ze. ‘We doen niet aan waarheidsvinding. We signaleren een probleem dat de overheid weigert serieus op te pikken. Als tachtig van de honderd mensen zeggen dat ze een negatieve ervaring met de politie hebben gehad en ze zijn bereid om voor de klachtencommissie te verschijnen, dan ga ik er niet van uit dat ze liegen.’

Omdat het actiecomité namens de bewoners van de Schilderswijk zegt te opereren, beweert Haifi met de nodige autoriteit te spreken als ze stelt dat de twee onderzoeksrapporten alleen maar kwaad bloed zetten. ‘Heel veel jongeren beweren dat ze met brandbommen een politiebureau gaan terugpakken voor wat hun en hun vrienden en familieleden is aangedaan. Ze zeggen: “Als ze niet goedschiks willen luisteren, dan maar kwaadschiks. Dit pikken we niet.”’

Het actiecomité wil die woede ‘kanaliseren’ met een demonstratie op vrijdag 1 augustus, drie dagen nadat het onderzoek van de ombudsman zou verschijnen. Haifi wil dan de ‘massa inzetten’ en een ‘signaal afgeven’ dat de buurtbewoners het niet eens zijn met de onderzoeken.

Maar de massa laat verstek gaan tijdens de demonstratie. Het is georganiseerd als een protestmars die door het Transvaalkwartier en de Schilderswijk voert en bij het stadhuis in het centrum eindigt. Haifi is een van de belangrijkste sprekers. Ze staat op een mobiele kar en spoort buurtbewoners via een geluidsinstallatie aan zich aan te sluiten bij de protestmars als ze ook ‘het politiegeweld zat zijn’.

De stoet van circa vijftig man komt rond half acht in beweging. De meerderheid van de demonstranten bestaat uit leden van een antifascistische club. Een spreker naast Haifi vraagt zich af ‘hoeveel doden er nog moeten vallen’ voordat ze gehoord worden. De politiemacht – ook circa vijftig man groot – die meeloopt om de demonstratie in goede banen te leiden, blijft stoïcijns onder het veelvuldige ‘fuck the police!’ dat uit de speakers klinkt. Voor in de stoet worden borden omhoog gehouden met daarop foto’s van ‘slachtoffers van politiegeweld’. Het bekendste gezicht is van Rishi Chandrikasing. Zijn beeltenis komt op de meeste borden voor. Aan hem wordt ook het vaakst gerefereerd door de sprekers.

‘Het is vakantie, veel jongeren zijn in Marokko of Turkije’, verklaart Haifi de beperkte omvang van de protestmars.

‘Ja, er zijn mensen die pas blij zijn als ze gelijk krijgen’, zegt een van de meelopende agenten over de beschuldigingen van racistisch geweld die de sprekers aan het adres van de politie uiten. ‘Mijn collega’s en ik herkennen ons er niet in.’

Medium schilderswijkhh 40730415

De Schilderswijk is een multiculturele wijk. Het is ook een wijk met relatief veel jeugdcriminaliteit. Sinds 2011 is het project Mammoet ingezet om die cijfers naar beneden te trekken, met veel politieactiviteit als gevolg. Anders dan het actiecomité concludeert de ombudsman dat dit niet automatisch bij de politieagenten van bureau De Heemstraat heeft geleid tot structureel te veel geweld of structurele discriminatie. Soms gaat er een agent over de schreef, maar in veel van die gevallen, zo is de ombudsman opgevallen, blijkt ‘dat de betrokken burger zich bedient van grensoverschrijdend taalgebruik en/of gedrag richting de politieambtenaar’.

‘We worden regelmatig uitgescholden voor van alles en nog wat. Vaak worden we uitgemaakt voor racisten’

‘Ze proberen de wijk te criminaliseren’, is Haifi’s reactie. ‘Elke keer zeggen ze: het is een moeilijke wijk, hard aanpakken, waar gehakt wordt vallen spaanders. Maar we hebben het hier over de attitude van de politie. Ik heb zo’n stapel aan klachten, je weet niet wat je leest.’

Tijdens hun onderzoek kregen de onderzoekers van de ombudsman vaak van jongeren te horen dat ze beeldmateriaal hebben waarop te zien is dat politieagenten zich misdragen. Niemand van hen kon zulke beelden echter overleggen. Het actiecomité overhandigde de ombudsman beeldmateriaal van twee incidenten in Den Haag. Op één filmpje is te zien hoe een agent een arrestant die op de grond ligt een schop geeft. Op het andere filmpje pakt een agent een jongen bij zijn hals en duwt hem tegen de muur. Over de agent in het eerste filmpje oordeelde de politie dat hij inderdaad te ver is gegaan. Het tweede filmpje is minder eenduidig omdat er geen geluid is opgenomen. Wel is te zien hoe heethoofdig de jongen zich tegenover de agent gedraagt. Het actiecomité verzekerde de ombudsman dat het internet vol staat met dit soort filmpjes die tonen hoe politieagenten in de Schilderswijk zich misdragen. Hoe hard de ombudsman naar die filmpjes heeft gezocht is niet duidelijk. Hij heeft in ieder geval ‘moeten constateren dat dit niet het geval is voor wat betreft de Schilderswijk’.

Is er dan echt helemaal niets aan de hand bij de politie Den Haag? In het rapport van de ombudsman staat dat ‘de politie erkent dat de mensen die werkzaam zijn binnen de politieorganisatie nog steeds geen afspiegeling van de samenleving vormen’. Tijdens de protestmars springt dat duidelijk in het oog: van de vijftig agenten die meelopen zijn degenen met een allochtone achtergrond op één hand te tellen. Het contrast met hun omgeving, de bewoners van de multiculturele Haagse wijken, is groot. Volgens Haifi wordt vaak gesurveilleerd door jonge autochtone agenten uit de provincie die zich geen raad weten met de bewoners van de Schilderswijk.

Ook de ombudsman is het opgevallen dat enkele buurtbewoners vooral de jonge autochtone agenten als bron van frictie aanwijzen. Uit de observaties van de onderzoekers is niet gebleken dat deze agenten zich stelselmatig misdragen. Wel hebben de onderzoekers gezien dat ‘bepaalde agenten’ gedrag vertonen dat in het contact met jongeren niet ‘bepaald de-escalerend werkt’. Als er meer allochtone agenten in dienst komen, zo is het idee, wint het contact tussen publiek en politie daarbij.

Dat dit meer dan alleen een optische verbetering zou kunnen betekenen, bewijzen de recent opgerakelde uitspraken die de Haagse politiechef Paul van Musscher vier jaar geleden in een tv-programma deed over criminele Marokkaanse jongeren in Gouda. Een ‘docent multiculturaliteit’ had van Van Musscher geleerd dat het woord Berber afstamt van het woord barbaar. Het zou bewijzen waarom deze jongeren ‘wat wilder’ zijn. Het is ‘cultureel ingebakken’ bij ze, het is ‘genetisch meegekomen’.

De politie zegt al jaren te werken aan het ‘multicultureel vakmanschap’ van agenten. Maar gezien de uitspraken van chef Van Musscher is het niet gek te veronderstellen dat agenten met een allochtone achtergrond iets ruimer zitten in hun kennis van de multiculturele wereld.

‘Sommige agenten misdragen zich structureel’, roept Haifi tijdens de protestmars. ‘We blijven doorgaan totdat de ellende op straat stopt.’

Een belangrijke kracht achter de protestmars is de nagedachtenis aan Rishi Chandrikasing. Na zijn dood leefde onder zijn klas- en buurtgenoten de overtuiging dat de betrokken politieagent bevoordeeld zou worden in de rechtsgang. Die overtuiging bleek sterker dan de feiten. Ook geloofden ze dat de dood van Rishi bewees dat hun allochtone achtergrond ze tot schietschijf van de politie maakte. Dat sentiment werd vorig jaar in De Groene Amsterdammer geuit door drie klasgenoten van Rishi die ervan overtuigd waren dat hij nu nog geleefd had als hij een blonde, autochtone jongen was geweest. Het vertrouwen bij een deel van de Haagse jongeren in de politie was na Rishi’s dood gering. Dat blijkt ook uit een uitspraak die de ombudsman optekende uit de mond van een Haagse politieagent: ‘We worden regelmatig uitgescholden voor van alles en nog wat. (…) Vaak worden we uitgemaakt voor racisten. Na het incident op Hollands Spoor hoorden we regelmatig: “Schiet ons maar dood.”’

Een spreekster roept tijdens het protest herhaaldelijk dat ze Rishi nooit zullen vergeten. Een rapper die meeloopt eert hem in zijn teksten. Het ongeloof over zijn dood is nog niet bij iedereen weggeëbd. Vraag alleen is of er niet te makkelijk een structureel karakter wordt toegekend aan incidenten zoals die waar Rishi slachtoffer van werd. ‘Er is sprake van institutioneel racisme’, zegt Haifi, het laatste buzzwoord gebruikend dat racisme definieert als een wezensonderdeel van instituties zoals de politie. Racisme als incident wordt door die term uitgesloten.

Rond half tien komt de protestmars aan bij het stadhuis in het centrum van Den Haag. De groep is nog verder uitgedund. Overgebleven zijn het actiecomité, wat mensen daaromheen, en leden van de antifascistische beweging.

De verslagen naderhand in de media over de protestmars zijn zuinig. Geringe opkomst, twee onderzoeken die de beschuldigingen van het actiecomité tegenspreken. Het frame waarmee het actiecomité het afgelopen jaar zo’n gewillig oor vond bij pers en publiek wankelt.

Maar volgens Haifi is daarmee de kous nog lang niet af: ‘Ik zeg altijd: de waarheid komt ooit wel boven tafel. Na de zomer willen we de juridische wegen bewandelen. We willen Kamerleden opzoeken, we willen lobbyen voor wetswijzigingen die de klachtenprocedure bij de politie makkelijker maken. We stoken het vuurtje niet op. Maar als we de woede niet kanaliseren, dan hebben we het niet meer in de hand, dan hebben we er geen controle meer op. En dan kunnen er gekke dingen gebeuren.’


Beeld: Demonstratie tegen politiegeweld in de Haagse Schilderswijk. Isis-vlaggen en gezichtsbedekking waren verboden. (1 - Freek van den Bergh/Novum). (2 - Phil Nijhuis).