H.J.A. Hofland

Schieten

Op dit ogenblik is de «scherpschutter van Washington» al bijna twee weken groeiend wereldnieuws. Gisteren was hij gepakt, dezelfde dag bleek dat een vergissing. Morgen of overmorgen lezen we hetzelfde bericht en dan is het waar of niet waar. Dan heeft de politie een gewichtigheidsleugenaar gevangen, of misschien een berekenende terrorist, of een wilde knaller. Een misdadiger, en een markant symptoom van de pathologische toestand van het Westen. Iedere cultuur heeft zijn eigen kwalen, vormen van misdaad en krankzinnigheid.

Het aantal theorieën geeft aan hoeveel verwarring hij heeft gesticht. Als hij een terrorist is, heeft hij tijd en plaats goed gekozen: het centrum van de wereldmacht die zich in staat van oorlog acht. Maar wat is zijn belang?

Dan moeten we ons afvragen met wat voor soort terrorist we te maken hebben. Het kan zijn dat hij behoort tot de Amerikaanse eigen kweek, de terreurfamilie van Timothy McVeigh. Of dat hij deel uitmaakt van het gevolg van Bin Laden en dat hij de eerste is die een nieuwe tactiek probeert. Of hij is een particulier terrorist, dat wil zeggen iemand die zich dusdanig door de maatschappij miskend voelt (voor een examen gezakt) dat hij wraak onvermijdelijk acht. Of in het uiterste geval iemand die, door een existentieel zelfmedelijden overweldigd, een revanche van mondiaal formaat voor ogen staat en die zijn macht als eenling tegenover het geheel wil bewijzen. Of iemand die, aanspraak makend op het door Andy Warhol geformuleerde recht van ieder individu op een kwartier wereldberoemdheid, het op deze manier heeft aangepakt. Of een seriemoordenaar die het voor de kick heeft gedaan.

Een jaar of drie geleden heeft de Duitse socioloog Ulrich Beck het begrip «risicomaatschappij» bedacht. Vergeet alle zekerheden die «vroeger» het bestaan houvast gaven. «Zet de illusies uit uw hoofd, van een baan voor het leven, een traditioneel, regelmatig bestaan, een nationaal beleid van economisch beheer en volledige werkgelegenheid, de verzorgingsstaat van de wieg tot het graf. Dat komt allemaal nooit terug.» We hebben de structuren van de politieke en economische zekerheden achter ons gelaten. Beck citeert dan Maurice Béjart, de grote balletdanser en choreograaf. «Dansen op de rand van de vulkaan is de mooiste metafoor die ik voor het risico ken. En de moed te vinden om het risico aan te gaan, is het prachtigste motief voor al het dansen.» Hij had ook Mussolini kunnen nemen: vivere pericolosamente.

Beck legt ook uit dat in de risicomaatschappij grote rampen tot de onvermijdelijkheden horen. Vandaar dat hij hier veel geciteerd is na de brand in Volendam en de vuurwerkramp in Enschede. De voortschrijdende verwevenheid van alle diensten, instellingen, productieprocessen en grote gebeurtenissen heeft tot gevolg dat controle door de overheden niet meer mogelijk is, terwijl als het misloopt de gevolgen daarvan zich door de hele samenleving, desnoods mondiaal voortplanten. Dit alles heeft hij vastgesteld voor 11 september 2001. Knap.

Er is een aspect dat dan nog niet duidelijk omschreven wordt. Dat is de potentiële macht van de gewapende eenling. Hij hoeft niet meer een Gravilo Prinzip, Lee Harvey Oswald of Volkert van der G. te zijn, en evenmin tot een godsdienstig of politiek gemotiveerd «netwerk» te horen. Het wordt nu bewezen: een sluwe, zoals men zegt geïndividualiseerde sluipschutter kan de zwaarst bewaakte stad ter wereld al twee weken in paniek brengen, door regelmatig een onbekende gemiddelde burger te vermoorden. Dat voorspelt meer risico dan Beck voorzien heeft.

Waarom? Ten eerste omdat het schieten op willekeurige onschuldigen toeneemt. Noemen we dit de geprivatiseerde terreur; toevallig of niet, maar relatief veel gepraktiseerd door middelbare scholieren. De Colombine High School en Erfurt zijn markante voorbeelden. Terwijl de politie in Washington naar deze sluipschutter zoekt, loopt een met pistolen gewapende man een collegezaal van de universiteit van Melbourne binnen en schiet twee studenten dood. Dit «openen van het vuur» werkt aanstekelijk.

Ten tweede omdat de sluipschutter de held is van een bloeiende subcultuur, die overigens niet speciaal Amerikaans is. Denk aan de Frans-Britse film The Day of the Jackal (1973), die voor het grootste deel bestaat uit de voorbereidingen van de schutter om president De Gaulle te vermoorden. Dit is je reinste sluipschutterspornografie. Laatste remake in 1997. Raadpleeg ook de website van Sniper’s Paradise.

Ten derde. Het sluip-/scherpschieten is een vaardigheid die de schutter een mystiek gevoel van macht schenkt. «Ik stak hem dood met een speld van tweehonderd meter lang», meldt de schutter in het verhaal van W.F. Hermans Het behouden huis. «Vrijheid is terreur», zegt Mathieu Delarue, de held van Sartres Wegen der vrijheid, nadat hij, volkomen legitiem volgens het oorlogsrecht, een stuk of wat aanstormende Duitse soldaten heeft neergeknald. Met elke voltreffer wreekt hij zich voor de kansen die hij zelf in zijn leven heeft gemist. Het scherp-/sluipschieten heeft een lange geschiedenis waaraan de volgende schutter zijn eigen heldhaftigheid of rechtvaardiging kan ontlenen.

Ten vierde. De verleiding van het schieten zelf. Dit is een verhaal van Tsjechov. Arm boertje is op heterdaad betrapt bij het stropen. Nu zit hij in de wachtkamer van het gerecht. Het is een hete zomermiddag, het enige geluid is het gezoem van een bromvlieg die, telkens tegen het raam botsend, vergeefs de vrijheid zoekt. Dan is het onvermijdelijke moment daar: de rechtszaal in. Daar zit de rechter in zijn torenhoge onverbiddelijkheid. Voor hem op het groene laken ligt het geweer, door de verdachte zelf gemaakt. «Schaamt u zich niet!» roept de rechter. «U! Een volwassen man! In het geniep schiet u op weerloze spreeuwen! Waarom hebt u dat gedaan!» Deze eenvoudige van geest zoekt eerst vergeefs naar woorden, zegt dan met zachte stem: «Edelachtbare, neemt u mij het niet kwalijk. Ik moest schieten.»

Combineer dit alles: de risicomaatschappij met haar overmaat aan labiele burgers, de subcultuur en de attracties van het schieten, de verleidingen van de revanche, het gevoel van oppermacht. In die context begint de sluipschutter van Washington bijna normaal te worden. Wat is dan de remedie? Ontwapen de hele burgerij. Vertel dat George W. Bush, het belangrijkste lid van de National Rifle Association.