Scholen lokken jonge docenten te vroeg weg uit de lerarenopleiding

Bijna zestig procent van de beginnende docenten in het voortgezet onderwijs kreeg nog tijdens de lerarenopleiding een onderwijsbaan aangeboden. Zeventig procent van de studenten die zo’n baan aannamen koos daarvoor mede om financiële overwegingen, ook al vinden ze zichzelf vaak onvoldoende voorbereid op het vak. Dat blijkt uit onderzoek van Platform voor onderzoeksjournalistiek Investico dat in samenwerking met de Algemene Onderwijsbond een enquête hield onder meer dan zeshonderd jonge docenten, voor De Groene Amsterdammer, Het Onderwijsblad en Trouw.

Het Ministerie van OCW maakte sinds 2009 zo’n 1,2 miljard euro vrij voor het tegengaan van het lerarentekort in het voortgezet onderwijs, blijkt uit een becijfering van rijkssubsidies door Investico. Toch verlaat nog altijd 29 procent van de beginnende docenten binnen vijf jaar het onderwijs. Ook de komende jaren loopt dat tekort op met nog eens honderden onvervulde posities. Met de subsidies zijn onder meer samenwerkingen tussen scholen en opleidingen opgetuigd om de ‘landing’ van jonge docenten in het onderwijs te verzachten en de uitval tegen te gaan.

Dat is niet gelukt, vinden de jonge docenten. Zowel de opleiding als de school schieten volgens hen tekort in de scholing. Bijna de helft van ondervraagde docenten zegt tijdens de opleiding niet goed voorbereid te zijn op een carrière in het onderwijs. Ze missen pedagogische handvatten; hebben niet leren omgaan met zorgleerlingen en voelen zich vooral slecht voorbereid op lesgeven in het vmbo, waar de helft van de Nederlandse scholieren naartoe gaat.

Ruim twintig procent van ondervraagde docenten ervoer geen enkele begeleiding tijdens de eerste onderwijsbaan, ondanks de ambitie van de overheid iedere docent in de eerste jaren voor de klas begeleiding te bieden. Degenen die dat wel kregen, geven die begeleiding gemiddeld een 6,3. De verschillen tussen scholen en zelfs vakgroepen, zijn enorm. Terwijl de ene docent een heel traject doorloopt wordt de ander ‘zonder sleutel en namenlijsten’ voor de klas gezet.

Van de docenten-in-opleiding die tijdens hun studie betaald voor de klas komen te staan, nam zeventig procent de baan mede uit financiële overwegingen aan. Dat levert zowel voor henzelf als de opleidingen problemen op: omdat de baan de studie verdringt, lopen de studenten al snel studievertraging op. Ruim 53 procent van ondervraagde docenten met studievertraging wijt dat mede aan de onderwijsbaan. Dat kost de lerarenopleidingen geld en begeleidingscapaciteit.

Scholen die sterk leunen op onafgestudeerde studenten voor de klas, kunnen in het ergste geval helemaal geen stagiaires meer aannemen omdat die alleen begeleid mogen worden door een bevoegde docent. ‘Het is heel gek dat er een gigantisch lerarentekort is, maar dat ik zelfs mijn studenten wiskunde niet meer geplaatst kreeg’, zegt Els de Bock, directeur van het Instituut voor Lerarenopleidingen van de Hogeschool Rotterdam.

Intussen haakt 29 procent van beginnend docenten in het voortgezet onderwijs binnen vijf jaar af. In de exacte vakken behaalt slechts 37 procent op de tweedegraadsopleiding binnen vijf jaar een bevoegdheid, blijkt uit de Studiekeuzegids 2021. ‘Je zou beginnende leraren geleidelijk in het vak willen laten groeien’, zegt Elsbeth van der Laan van het Minkema College in Woerden, die jonge docenten begeleidt. ‘Maar door het lerarentekort en de werkdruk lukt dat maar heel moeizaam.’


Lees hier de longread van het onderzoek