Jef van Gestel en Peter Vandemeulebroecke in Kadrage © Clara Hermans

De voorstelling heet Kadrage. Het inkaderen van een beeld. Dat is hier dan ook de voornaamste handeling. Een uur lang zijn twee mannen zichzelf aan het omlijsten. En als die mannen Jef Van gestel en Peter Vandemeulebroecke zijn, is dit geen saaie bezigheid. Het zijn woest-energieke speelbeesten met een eindeloze fantasie, bedreven in de fysieke comedy en met een hang naar een wilde poëzie.

In de co-productie van het Vlaamse gezelschap Tuning People, bekend van radicale artistieke concepten die origineel en smakelijk theater opleveren, en de Amsterdamse producent Feike’s Huis, gespecialiseerd in hedendaags objecttheater, bedient het tweetal een spectaculaire verbeeldingsmachine. Deze ingenieuze constructie van vormgevers Sven Roofthooft en Tomislav Ruzic bestaat uit een vloer van dertig kaders die van groot naar steeds kleiner in elkaar zijn gelegd. Die worden beurtelings aan touwen opgetrokken. De opgezette en de liggende kaders houden elkaar in het houtje-touwtje-bouwsel in een (soms wankel) evenwicht. Het geheel doet denken aan een buitenmaats pop-up-boek, met openklappende 3D-bladzijden die om invulling vragen. Van gestel en Peter Vandemeulebroecke positioneren zich in elke nieuwe omlijsting, en zoeken daarbij een verhouding tot de afmetingen van het kader en tot elkaar. De ene keer is dat een louter fysiek gebeuren. Het verschil tussen de boomlange Vandemeulenbroecke en de korte gestalte van Van gestel wordt maximaal uitgebuit in een woordloos ‘passen’ van de twee lijven binnen de lijst. Dat levert een geestige strijd op, want de lange man kan eerst triomfantelijk bij de nok van het kader, maar wordt daar langzamerhand door in elkaar gedrukt, terwijl het voor de kleine juist fijn is als hij zich minder verloren voelt in het slinkende beeldvlak. Andere kaders krijgen invulling met een uitgespeelde fantasie. Een kader wordt een gevangenis die het tweetal tot elkaar veroordeelt.

Sommige kaders zijn vooraf geprepareerd, er bungelt een schommel aan of het beeldvlak is afgedekt met papier waar de spelers intieme lichaamsdelen doorheen laten piepen. Met het kader verandert de onderlinge verhouding van de mannen. Ze zijn kennissen, vrienden, geliefden, een stel pretentieuze kunstenaars, twee spelende kinderen. De emoties die de taferelen oproepen, wisselen mee. Met aanstekelijk spelplezier dagen de mannen elkaar uit, dan weer ondersteunen of troosten ze elkaar. Op een verwoed gevecht volgt een harmonieuze verbintenis. Elk opgetrokken kader is een nieuw begin, een tabula rasa die het voorafgaande wegvaagt. Toch tellen de losse taferelen bij elkaar op. Hoe uiteenlopend die ook zijn in vorm en toonzetting, ze vormen een caleidoscoop van de rollen die mensen in verschillende situaties spelen. En die ze voor elkaar vervullen.

Verder verwijderd van een klassiek relatiedrama kan deze beeldende montagevoorstelling niet zijn. Maar door de taferelen heen schemeren de vele aspecten van een langdurige verhouding. Dat zit ’m ook in de saamhorige handelingsgerichtheid waarmee de mannen na elke scène de kadrage-machine bedienen. Dat normaliseert het op elkaar uitleven van een woelige binnenwereld. Zoals dat in elke relatie gebeurt.

Op tournee tot begin mei; allesvoordekunsten.nl