Ik heb de afgelopen twee jaar vaak moeten terugdenken aan de verklaring die Gillian Tett, redacteur bij de Financial Times, in 2014 gaf voor de Grote Financiële Crisis: te veel experts, te weinig generalisten; te veel specialisten, te weinig leken; te veel modellen, te weinig gezond verstand. Als antropoloog was zij bij toeval bij de Britse zakenkrant terechtgekomen. Haar eerste post was Japan, waar zij er getuige van was hoe de Japanse droom door een diepe vastgoedcrisis omsloeg in een nachtmerrie. Daarna kwam Londen, waar zij als niet-econoom verslag ging doen van de obscure financiële markt voor verpakte hypotheekleningen. De gecertificeerde economen onder haar collega’s kregen de belangrijkere markten toebedeeld: aandelen en obligaties.

Haar antropologenblik stelde Tett in staat de kopers en verkopers van deze verpakte leningen te zien als een vreemde priesterkaste met eigen, verborgen hiërarchieën, gebruiken en rituelen, geboden en verboden. Vol verbazing zag zij hoe de omvang van de verhandelde leningen in een paar jaar tijd enorm steeg en hoe het esoterische taalgebruik controle, rationaliteit en expertise suggereerde en tegelijk een werkelijkheid van huizenspeculatie, groeiende ongelijkheid, precaire arbeidscontracten en de-industrialisatie verhulde.

De bankiers die steeds complexere financiële producten hadden geconstrueerd op verwachtingen van immer stijgende huizenprijzen hadden geen idee wat hun te wachten stond. En dat gold ook voor al die mannelijke, gecertificeerde collega’s van Tett, die in 2008 moesten constateren – net als toezichthouders, academische economen en banken – dat ze geen benul hadden van wat er in die markten voor verpakte leningen gebeurde. Hun hyperspecialisme had hen blind gemaakt voor de wereld en daarmee medeverantwoordelijk voor het grootste elitedebacle sinds de jaren dertig.

Niet iedereen had zich echter laten verrassen – en dat is in de film The Big Short briljant verbeeld. Een handvol kleine beleggers had zich niet laten verblinden door het professionele aura van de prospectussen, de met grafieken gelardeerde powerpoints en de met mathematische koeterwaals opgeleukte speeches, en was afgereisd naar wat later de ‘ground zero’ van de financiële crisis zou worden, Florida, om daar met eigen ogen te zien hoe afgronddiep de kloof was tussen papieren rendementen en de materiële werkelijkheid van strippers met vijf pandjes en zeven hypotheken.

In deze coronacrisis zijn we allemaal leken, ook de specialisten

En dat waren stuk voor stuk zonderlingen, mensen die zich niet hielden aan de mores van hun professie, die zich aan de randen ervan bevonden. Om die reden beschikten ze over andere kennis, vergaarden ze hun feiten op een andere manier en ordenden ze die feiten op een andere wijze. Daardoor zagen ze dingen waar de hyperspecialisten van Wall Street, die vertrouwden op modellen, Excelsheets en kwantitatieve data, blind voor waren: de huizenprijzen werden allang niet meer geschraagd door de materiële economische omstandigheden, om het op zijn marxistisch te zeggen.

Het is hét thema van Tetts boek uit 2016 over de gevaren van groepsdenken en professionele zelfoverschatting, The Silo Effect geheten, met als ondertitel: The Peril of Expertise and the Promise of Breaking Down Barriers. Het is fascinerende lectuur in een wereld waarin politici het lot van natie en burger in handen hebben gelegd van ongekozen hyperspecialisten die een vrijbrief hebben gekregen om aan de knoppen van samenleving en economie te draaien om het reproductiecijfer van het virus omlaag te krijgen. Daarvoor is een indrukwekkende getalsmachine opgezet, van testlocaties, track and trace-onderzoek, QR-codes en vaccinatieappjes, die miljarden datapunten per jaar produceert om de algebraïsche modellen van het RIVM te voeden.

Zoals tijdens de financiële crisis de econocraten het faliekant mis hadden, zo zitten tijdens deze crisis de virocraten er steevast naast. De golven aan besmettingen blijven uit, de toeloop op ziekenhuizen blijft achter, het aantal ernstig zieken valt (gelukkig) mee, de cijfers zijn betwistbaar (met of door corona?) en het doel is onduidelijk: voorkomen van sterfgevallen, ernstig zieken, ziekenhuisopnames of besmettingen?

Wat mij betreft zijn er drie lessen. Ten eerste: individuele hyperspecialisatie maakt collectief dom. Ten tweede: in deze silo-overstijgende crisis zijn we allemaal leken, ook de specialisten. En ten derde: het is tijd voor wat meer schranderheid. Om John Maynard Keynes te citeren: ‘It is better to be roughly right than precisely wrong.’