Schreeuw

In een wereld die schreeuwt om een nieuwe ordening moeten politici moed tonen en middenpartijen samenwerken. En zich niet, net als de populisten, laten verleiden tot goedkope demagogie.

Ik ging naar Oslo om De Schreeuw te zien. Ik zag de nieuwe schreeuw. Twee overzijden die elkaar vroeger schenen te vermijden, worden ze weer vijanden? Ja, dat is vrij naar de eerste regels van het gedicht van Martinus Nijhoff, het gedicht waarvan de titel dit jaar het thema is van de Boekenweek, De moeder de vrouw.

Ik was ook echt in Oslo. Maar De Schreeuw van Edvard Munch heb ik niet gezien. In Noorwegen zijn er daarvan twee, maar in het ene museum was het schilderij uitgeleend, in het andere naar het depot verhuisd. Erg? Helemaal niet. De Schreeuw is zo beroemd dat er zelfs een emoji van is gemaakt. Handen op de oren, opengesperde ogen, mond ook wijd open. Ik krijg het regelmatig op mijn telefoon toegestuurd. In zijn beeldtaal was Munch zijn tijd ver vooruit.

Het thema van de kleine bijeenkomst was De Nieuwe Schreeuw. Op de plek waar Munch de inspiratie opdeed voor zijn Schreeuw, de Ekeberg, keken we uit over de stad en de Oslofjord. Er was geen laagstaande zon die de winterwolken in brand zette, zoals toen. Achter ons dacht iemand origineel te zijn door te schreeuwen.

Maar was het niet de natuur die destijds schreeuwde en Munch inspireerde? En, indachtig het thema van de bijeenkomst, nu niet alleen de natuur, maar de hele wereld om ons heen? De dichteres uit Ierland in ons groepje maakt zich zorgen over terugkerend geweld in Noord-Ierland na de Brexit, de kunstschilder uit voormalig Oost-Duitsland over de klimaatverandering, een nazaat van de broer van Edvard Munch over de intolerantie ten opzichte van migranten.

Terug in Den Haag deed de Franse politiek filosoof Dominique Moïsi op een bijeenkomst over Europa van het Clingendael Instituut een duit in het zakje door te praten over grote geopolitieke veranderingen, die hij vergeleek met het over elkaar schuiven van aardlagen, a tectonic shift. Moïsi had het over de opkomst van China als economische machtsfactor, de isolationistische buitenlandpolitiek van de VS onder Trump en de ‘ondraaglijke lichtheid van de onethische producten van de financiële industrie’.

Niet langer de mond wijd open in een geluidloze schreeuw van angst, maar aan de slag

‘Je speelt niet met emoties’, zei Moïsi. In tijden zoals nu, in een wereld die schreeuwt om een nieuwe ordening en volgens hem doet denken aan de jaren voor de Tweede Wereldoorlog, is dat volgens hem extra gevaarlijk. Of de filosoof precies op de hoogte is van de laatste ontwikkelingen in de Nederlandse politiek weet ik niet. Maar de aantrekkingskracht van Forum voor Democratie en de pvv op kiezers is het gevolg van juist dat waar hij voor waarschuwt: goedkope demagogie. En de manier waarop vvd-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff mensen wegzet die zich zorgen maken over het klimaat is dat ook.

Ik vrees dat Moïsi’s oproep aan politici om moed te tonen, en liever de verkiezingen te verliezen dan hun ziel, aan dovemansoren is gericht. Maar Moïsi zei hoop te putten uit een gesprek met de Frans-Duitse publicist en voormalig europarlementariër Daniel Cohn-Bendit. Die heeft tegen hem gezegd dat de populisten dan wel zetels zullen winnen bij de aanstaande Europese verkiezingen, maar niet genoeg om de koers van de Europese Unie te veranderen.

Daar is wel een voorwaarde aan verbonden: dat de middenpartijen samenwerken. Maar juist die middenpartijen proberen zich te profileren in de hoop dat kiezers niet – nog meer – naar de uiterste flanken gaan. Hun ziel of hun zetels, dat dilemma.

In NRC telde ChristenUnie-fractievoorzitter Gert-Jan Segers, partijleider van de kleinste regeringspartij, afgelopen weekeinde het aantal ultimatums dat dit kabinet heeft gekregen van oppositiepartijen als GroenLinks en pvda, net als de vier regeringspartijen ook middenpartijen. Dat zijn er volgens Segers al meer dan tien. Het recentste: alleen steun van GroenLinks voor het klimaatakkoord als het kabinet een CO2-heffing invoert. ‘Wil Jesse Klaver echt trumpiaanse toestanden in Nederland? Waarin wij elkaar gijzelen en via de krant communiceren?’ Ik las er het verwijt in dat ook GroenLinks haar democratische ziel verloochent.

De wereld schreeuwt om een nieuwe ordening, maar welke rol speelt Europa daarin? Volgens Moïsi kan die rol invloedrijk zijn, omdat het in de huidige strijd om macht en invloed niet – alleen – gaat om militaire macht, maar om technologie. Ook Spitzenkandidat van de Groenen bij de komende Europese verkiezingen, Bas Eickhout van GroenLinks, wil daarop focussen. Het moet volgens hem een van de twee hoofdonderwerpen zijn in de verkiezingstijd. Geen gepraat in grote, vage woorden over al weer een nieuw en sociaal Europa, vindt hij, maar in heel concrete bewoordingen discussiëren over nieuwe belastingtarieven in de EU die de burgers niet zoals nu benadelen ten opzichte van de bedrijven én over nieuwe internationale handelsakkoorden waarin standaarden worden afgesproken voor nieuwe technologieën, opdat niet China die standaarden eenzijdig zet voor de hele wereld, maar Europa daarop grote invloed heeft.

De groeiende weerzin tegen het neoliberalisme en de angst voor het gebrek aan zekerheid in de huidige westerse wereld waar de politieke uitersten op zowel links als rechts van profiteren, werden door Eickhout zo teruggebracht tot twee hanteerbare politieke onderwerpen. Handen van de oren, mond niet langer wijd open in een geluidloze schreeuw van angst, maar aan de slag. Belastingen en handel, saai, maar het kan helpen de wereld bij elkaar te houden: ‘Twee overzijden die elkaar vroeger schenen te vermijden, worden weer buren’. Uit Nijhoffs gedicht.