Schriftelijke cursus roem

DE FOLDER: U wilt toch zeker ook Roem? En dat kan! Het is zelfs heel makkelijk en uw inkomen schiet omhoog! U hoeft maar een paar veranderingen in uw gedrag en in uw opvattingen aan te brengen - en eigenlijk hebt u die opvattingen al - en de Roem met alle daarbij behorende emolumenten komt als vanzelf op u af. Volg deze schriftelijke cursus en u zult Roem vergaren. U zult beroemd zijn! Ik leer u hoe.

Les 1
Jat. Steel. Dief. Roof. Imiteer. Plagieer. Dat is verreweg de makkelijkste manier om Roem te verkrijgen. Kijk hoe een ander het doet, en steel dat.
Alle plagiatoren van de laatste tijd, of ze nu Adriaan van Dis heten, of Margriet de Moor, ze zijn er niet slechter van geworden. Integendeel. Die R. Diekstra - wetenschapper! Een groter overschrijver is niet denkbaar. Hij is rijker dan toen hij nog hoogleraar was.
Crimineel gedrag is altijd goed voor Roem. Harry Mens wordt her en der verdacht van malversaties met onroerend goed - hij krijgt een talkshow voor de radio, en een televisieshow. Debiel Ratelband probeert voortdurend de belasting op te lichten en mag op televisie mensen genezen van hun fobieën voor enge dingen. (Programma is ook aan Duitsland verkocht.) Menno Buch zit wat in de pornohandel en maakt het best bekeken programma van Nederland. Heer Olivier - de lijst van zijn criminele activiteiten is te lang om hier in zijn geheel te citeren - heeft natuurlijk ook een eigen televisieprogramma gekregen. Het rechtvaardigt de veronderstelling dat wie nu een eigen televisieprogramma heeft, absoluut een criminele inborst moet hebben - en verdomd: Michaël Zeeman is de grootste boekendief van Nederland. Ook het kleinere kruimelwerk is effectief, hoor. Karel van der Graaf heeft al zijn ideeën voor zijn talkshow gejat uit Amerika - uiteraard zonder daar rechten voor te betalen. Ivo Niehe jat van Clive James, het NOS-journaal van het RTL-journaal en andersom, Carlo Boszhardt jat van Paul de Leeuw. Iedereen jat van elkaar. Het spijt me jat van All you need is love, dat het weer gestolen heeft van Spoorloos.
Wie roem wil hebben moet stelen; hij moet met zijn ene hand in de laden zitten, en met zijn andere in de zakken van een collega.
Waarschuwing: je moet het zelf natuurlijk nooit jatten noemen. Je moet er zelfs nooit over praten. Als ze je betrappen, moet je altijd heftig verontwaardigd zijn en beweren dat je ‘geïnspireerd’ bent door die en die.
'Stelen? Ik heb me er juist door laten inspireren.’
O ja, en je altijd verdedigen met het postmodernisme als filsofische onderbouwing: 'Ik stel juist verschillende stijlen bewust naast elkaar. Dat heeft niets met stelen te maken.’
Les 2
Slijm. Het klinkt voor de hand liggend, en dat is het ook, maar het schijnt nog verdomd moeilijk te zijn. Slijm! Iedere reclame-oetlul kan het je vertellen en iedereen die voor de reclame werkt, weet het: slijm tot je erbij neervalt. Slijm is the poor man’s sperma. Het bevrucht iedere relatie positief. Niks werkt zo goed als likken, slijmen - met de tong diep in elk gat dat je maar kunt vinden. De arm moet tot de schouder in de met aambeien bespannen aars van de ander kunnen.
Charme om Roem te verkrijgen is: slijmen, likken, kwijlen. Ja, laat het spuug maar uit de mond lopen. Altijd slijmen naar boven, maar dat behoeft, dacht ik, geen betoog. (En trappen naar beneden, maar daar wijden we een aparte les aan.)
Toen ik een literair programma had op de Amsterdamse televisiezender AT5 waren alle uitgevers mijn beste vrienden. Elke dag kreeg ik wel een aardige fax: 'Hier een boek van Oebele Bemelmans. Het is een schitterend werk (de nieuwe Reve als je het mij vraagt), maar ik weet zeker dat jij dat ook ziet, want je bent een knap lezer, goed verteller, en we hebben enorme bewondering voor je televisieprogramma. Zullen we binnenkort eens ergens lunchen?’
De schrijvers krijgen tegenwoordig zelfs instructies van hun uitgever om te slijmen. Ronald Dietz van de Arbeiderspers raadde zijn auteurs aan vooral in De Pels en De Zwart te komen, Amsterdamse trendy cafés, omdat daar belangrijke recensenten als Arjan Peters van de Volkskrant en Ad Franssen van HP/De Tijd zouden zitten.
Slijmen is: het ook altijd eens zijn met de Belangrijken. Ze nooit tegenspreken. En als je ze tegenspreekt - en je merkt dat het niet goed valt - meteen bijdraaien. (Meteen hun opvattingen stelen… eh… overnemen, bedoel ik.)
Wie slijmt is als de ander. En dat moet je hebben. Daarom moet je ook slijmen met Belangrijken. Men ziet nog steeds het liefst zichzelf in de spiegel. Roem wordt je deel. Henny Huisman die geen syllabe uitkraamt die Joop van den Ende niet heeft bedacht. Of Ivo Niehe - kampioen likken, kwijlen en slijmen - die Roem vergaart door vooral de Roem van anderen te tonen. ('Dit schitterende huis met vier badkamers, elf slaapkamers en twee stoeikamers, waarin hij zijn drie vrouwen opsluit, is de trots van de Italiaanse supertenor bij wie we meer dan hartelijk welkom werden geheten.’)
Maar goed, dat niveau wilt u toch niet? U moet slijmen met de baas van de VPRO - thans ook nog de voorzitter van het Fonds voor de Letteren. Nou, ik ga met hem slijmen, hoor. Hoe heet je ook weer… O ja, Hans Maarten van de Brink… Ik vind uw omroep, de VPRO fantastisch, ik vind uw boeken geweldig - ook dat boek over stierenvechten, ik ben zelf namelijk ook dol op stierenvechten - en als voorzitter van het Fonds bent u absoluut een kanjer. Zo iemand hebben we nodig! En wat onrechtvaardig dat u die Generale-prijs niet hebt gekregen.
Roem: denk aan de metafoor van de madenvretende aal!
Les 3
Lever je eigen persoonlijkheid totaal in.
Het verschil tussen Roem en Geen Roem is, in de woorden van mijn vriend Jan Zandbergen, hetzelfde als het verschil tussen een architect en een aannemer. Wie Roem wil bezitten, moet een aannemer zijn en doen wat de architect hem heeft opgedragen. Je moet in wezen zelf geen enkel idee hebben en niets willen - maar dat natuurlijk wel tegenover de buitenwereld propageren. Roem bestaat altijd bij de gratie van de paradox tussen zijn en niet-zijn, tussen schijn en wezen. Je bent een kundig redenaar, heldere lezer, leuke talkshowgast, maar in wezen heb je alles gestolen en bereikt met slijmen.
Neem de populairste schrijvers van Nederland… Heeft u ze wel eens op televisie gezien? Hebben niets te vertellen! Ze zijn godverdomme saai! Ze doen altijd 'alsof’. Alsof ze grote denkers zijn, alsof ze leuk kunnen vertellen, alsof ze depressief zijn, alsof ze veel hebben geleden… Er wordt helemaal niet geleden in de literatuur. Ja, onder de tegenvallende beurskoersen wordt er geleden, want wat moet je anders doen met die twaalf maandeenheden die je hebt gekregen van het Fonds voor de Letteren? Over het algemeen overheerst toch het Zwitserlevengevoel in Nederland.
Persoonlijkheid is totaal ingeleverd. Dit alles wordt dan verkocht onder het mom van: ja, nu doe ik even dit, want dat is goed voor mijn boek, of dan kan ik weer een half jaar vooruit werken.
Het is verder verstandig je te verdiepen in de archetypes.
Je moet De Leuke Jongen zijn (Beau van Erven Dorens), De Ideale Schoonzoon (Ivo Niehe), De Berustende Vader (Koos Postema), De Al Iets Te Oude Moeder (Maartje van Weegen), De Mooie Wilde (Humberto Tan), de Tegendraadse Puber (Paul de Leeuw), de Politiek Correcte Intellectuele Gekleurde Medemens (Anil Ramdas - hij zou nog meer Roem kunnen vergaren als hij een bril opzette), De Alleswetende Neef (Michaël Zeeman), De Vieze Oom (Menno Buch), Het Gezellige Zusje (Hanneke Groenteman), De Progressieve Oma (Sonja Barend), De Hysterische Pot (Remy van der Elzen) et cetera et cetera. Vul zelf in: Wat zijn Boudewijn Büch, Theo van Gogh, Pieter Storms, Connie Palmen, Karel van der Graaf, Paul Witteman?
De acteur Aesopus had in de Oudheid de gewoonte om in het Colosseum te Rome ten overstaan van het gepeupel onder luid gejuich een parel door te slikken. Dat was zijn ontbijt, lunch en diner. Het is een fraaie illustratie van decadentie en tevens een mooi voorbeeld van wat Roem vermag: een kleine daad met een groot effect.
Roem: als je het product van je paringsdrift op de voorpagina van de krant kunt krijgen, al kunnen koeien en konijnen dit beter, sneller en met meer resultaat dan wij.
Als je al een beetje Beroemd bent, volgt die zwangerschap vanzelf.
Les 4
Toon Gevoel. Dit is het decennium van Het Gevoel, dat je tegenwoordig met een hoofdletter moet schrijven. Wie de verkeerde Gevoelens heeft, wordt geen Roem deelachtig. Hoe groter het Gevoel, hoe groter de Roem. Elke interviewer vraagt tegenwoordig naar Het Gevoel. Vertel dus veel en regelmatig over je innerlijk, wanneer je weer de zachte hand van een interviewer over je arm voelt strijken, al is een streling van de dood je nog liever. En vertel over je schizofrene, alcoholische vader die niet van je pik af kon blijven en je moeder die het met je broertje deed. Huil, huil, huil en noem dat Gevoel Ontroering. Huil waar je maar kan. Toon overal alle Gevoelens die je hebt, en noem ze Diep, Intens en Verborgen. Zeg dat je er niet over kunt praten, maar doe dat tegelijkertijd wel.
Wat het altijd goed doet, is om de interviewer een handje te helpen en zelf met grote Gevoelens aan te komen.
'In wezen ben ik gestoord… Ik strijd al jaren tegen mijn krankzinnigheid… Ik ben depressief, maar dat is voor mij een vorm van schoonheid… Ik ben een gevoelsmens… Ik huil om de eenzaamheid van allen die voor mij gestorven zijn… Op mij rust de schuld van de anderen die niet meer in dit leven zijn… Ik kan maar niet vergeven… Ik denk dat leed genetisch wordt doorgegeven.’
Niet over gevoelens willen praten, is verboden. Kleine gevoelens zijn uit den boze. Voel tot je traanklieren op afroep kunnen werken. Of zeg dat in ieder geval. Men wil zich best met 'verliezers’ identificeren, als het maar met veel Gevoel gepaard gaat.
Eén Gevoel moet je echter wel hebben: wees afgunstig. Wees zo jaloers dat het moordzucht opwekt. Maar laat je afgunst nooit merken. (Een slecht gevoel.)
Ergens in De oratore zegt Cicero dat hij afgunst als gevolg van deugd als Roem beschouwt en niet als afgunst. Ja, dat kan hij wel mooi zeggen, maar afgunst is afgunst. Wie werkelijk Roem wil oogsten, dient meer dan afgunstig te zijn. (Denk aan de madenvretende aal!) Hij moet in staat zijn te doden, hij moet verzengd worden van jaloezie, van haat, van nijd!
Iedereen die beroemd is, haat! Laat u niets wijsmaken. Wie Roem vergaard heeft, is namelijk een verrader van het ergste soort. Waarom zijn er in een oorlog altijd zo veel foute intellectuelen? Omdat ze haten! En het nieuwe bewind altijd als een kans beschouwen om zichzelf naar boven te werken, omdat er een nieuw circuit van machthebbers is ontstaan met wie ze kunnen slijmen, bij wie ze hun persoonlijkheid kunnen inleveren, bij wie ze hun gejatte spullen kunnen inleveren, bij wie ze 'eindelijk hun Echte Gevoel’ kwijt kunnen - dit alles wordt gevoed door heerlijke haat!
Cicero, zelf beroemd, werd vergiftigd. Uit haat. De roemruchte redenaars over wie hij in De oratore schrijft, werden onthoofd. Uit afgunst! Caesar werd vermoord. Uit haat. Wie over het leven der keizers leest in Suetonius zal zien dat alle Roem ontstaat uit jaloezie en haat, en niets meer dan dat. De jong-Turken haten de oud-Turken. Maar zwijg over die haat. Zeg dat je niet haat. Toon gevoel! Paul Witteman haat Maartje van Weegen. Echt waar! Sonja haat iedereen die op haar wil lijken. Büch haat zijn broer. Zijn broer haat Theo van Gogh. Als morgen de NSB weer wordt opgericht, sluit half Beroemd Nederland zich aan. De andere helft wacht af wat hun baas ervan vindt.
Les 5
Als u alle vorige lessen goed hebt gevolgd, bent u nu een Beroemd Mens. U kunt niet meer op straat lopen zonder aangesproken te worden. U hoeft zelf uw bankafschriften niet meer open te scheuren, dat doet uw accountant voor u. U bent benijdenswaardig. Iedereen kijkt tegen u op. U heeft het knap voor elkaar.
Maar kijk, daar zit iemand die niet beroemd wil zijn. Hij wil iets anders.
Hij heeft een hekel aan u, maar u weet het nog niet.
Vermorzel hem, nu het nog kan. Straks volgt hij deze lessen ook.