Historisch archief belicht

Schrijver in proletariërsland

‘Voelt een schrijver zich in Holland, op het minst gezegd, altijd eenigszins overbodig, in de Sowjet-Unie (…) voelt hij zich soldaat in het groote leger, kameraad van de arbeiders, medebouwer aan de toekomst.’ Er kleefden ook wat nadelen aan, gaf de communistische schrijver Jef Last (1898-1972) toe in zijn artikel over het ‘schrijversleven in de Sowjet-Unie’ in De Groene van 14 januari 1933. Met alle vergaderingen, discussieavonden, voordrachten en zittingen kwam het voor dat bekende schrijvers in de Sovjet-Unie maandenlang geen pen op papier kregen. Maar dat woog niet op tegen de voordelen. ‘De Sowjet-Unie is de eenige staat ter wereld waar de opbouw en de ondersteuning der literatuur en andere kunsten inderdaad in den volsten zin van het woord een nationale zaak is.’

Vanaf 1931 maakt Jef Last meerdere reizen naar de Sovjet-Unie, het jaar daarop werd hij lid van de Communistische Partij in Nederland. Opgetogen verslagen van zijn bevindingen in ‘proletariërsland’ verschenen onder meer in De Groene Amsterdammer. Tenminste, in zoverre het mogelijk was om, zoals hij het omschreef, ‘in het kort eventjes uw indrukken van een bezoek aan Mars neer te schrijven’.

De ommekeer bij de fellow-traveller Last voltrok zich enkele jaren later in Spanje, waar hij meevocht in de burgeroorlog. De schrijver die het aan het front tot kapitein schopte, kreeg steeds meer kritiek op de desastreuze politiek van de stalinisten ter plekke. Die stond bovenal in dienst van de buitenlandse belangen van de Sovjet-Unie en richtte zich minstens zozeer tegen de linkse “bondgenoten” als tegen de eigenlijke vijand, de fascisten. Een door de stalinisten gedomineerde krijgsraad veroordeelde Jef Last eind 1937 ter dood, waarop hij vertrok. In oktober 1938 verscheen nog een verhaal van hem over de Spaanse burgeroorlog in De Groene.

Eerder dat jaar had Jef Last zijn lidmaatschap van de CPN al opgezegd. Hij ging een vrijzinniger socialisme belijden. Ondanks alle teleurstellingen bleef hij zijn hele leven politiek actief, van deelname aan het revolutionaire verzet in de Tweede Wereldoorlog tot een plaats op de Provo-lijst enkele decennia later.