Schuttersputjeskunst

Komend weekend start het nieuwe culturele seizoen. Voor het toneel zal het geen gewoon seizoen worden. Ten eerste zal het afgelopen zijn met het gereis van toneelgroepen door het hele land. Produkties waar de eigen signatuur van het gezelschap op een bijzondere manier in is verwerkt, zullen niet meer automatisch naar Winschoten en Veenendaal reizen, maar naar een kleiner aantal grote gemeenten. Winschoten en Veenendaal kunnen kiezen: of meer regionaal theater programmeren, of meer Karin Bloemen, Benny Nijman en Anne-Wil Blankers bij elkaar winkelen.

Toneelgroep Amsterdam en het RO Theater willen zich vaker aan het eigen publiek vertonen. Aangezien de beide schouwburgen in die behoefte niet kunnen voorzien, openen de twee gezelschappen een eigen toneelhuis: in Rotterdam centraal gelegen, in Amsterdam excentrisch gevestigd op het terrein van de voormalige Westergasfabriek. Er zijn meer gezelschappen met een eigen ‘huis’ (de kindertheatergroepen Teneeter en Artemis, de Appel natuurlijk en het Onafhankelijk Toneel) maar 'de grote drie’ kenden die luxe nog niet. De vraag is of het publiek de weg naar die nieuwe gebouwen zal weten te vinden.
In het seizoen 1994- '95 gaan de jonge theatermakers definitief doorbreken naar de grote podia. Natuurlijk deed Johan Doesburg dat eerder en lag de doorbraak van Koos Terpstra het afgelopen seizoen in zijn regie van Een vijand van het volk (Ibsen/Miller/Theater van het Oosten). De komende maanden regisseert Terpstra in Arnhem en Amsterdam en loopt hij zich ondertussen warm voor een plaats in de artistieke leiding van het RO Theater. Johan Doesburg (net als Terpstra achter in de dertig en al sinds 1987 achtervolgd door het predikaat 'jong en aanstormend theatertalent’) is al begonnen als tweede man binnen de artistieke leiding van Het Nationale Toneel in Den Haag. Het is in Ger Thijs (de eerste man daar) te prijzen dat hij voor Doesburg heeft gekozen. Thijs had een 'makkelijker’ regisseur kunnen nemen, iemand die op een chiquere manier Haags is dan Doesburg, iemand die beter ligt bij de traditionele bontstolamaffia van de Residentiele Koninklijke Schouwburg. Maar Thijs koos voor een jongen uit de Schilderswijk die al jaren tekent voor ongemakkelijk repertoire.
Doesburg opent (in december) met een van Shakespeare’s problem plays: Troilus en Cressida. Hij brengt in deze produktie ervaren spelerstalenten en enthousiast jong talent uit zijn eigen tweede- circuitprodukties bij elkaar. Een niet gelikte Shakespeare in 'de Koninklijke’. Voor het Haagse Theater aan het Spui regisseert Doesburg vervolgens het prachtige maar riskante stuk van de hier onbekende en daar omstreden Oostenrijker Peter Turrini, Tod und Teufel.
Ik ben natuurlijk benieuwd naar die produkties, maar vooral nieuwsgierig of Doesburgs nieuwe positie vergaande consequenties gaat hebben voor de doorstroming van jong regie- en acteertalent naar de grote podia. Aan het regie-debutantenproject FACT in Rotterdam zal het niet liggen. Dat presenteert komend seizoen voor het eerst een grote-zaaldebuut: Jeroen van den Berg met Tsjechovs Meeuw.
En dan de (kunst)politiek. Sinds afgelopen vrijdag weten we dat er een staatssecretaris voor de Kunsten komt, verbonden aan het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen. Ik hoorde al een paar bobo’s juichen over een 'schitterende move’ in de formatie: zijn onderwijs en kunst immers niet veel nauwer familie van elkaar dan kunst en bejaardenzorg? Ik deel dat enthousiasme niet. Ten eerste gaat in de bestuurscultuur van O & W de zakjapanner frequent voor de baat uit. Ten tweede moeten er nu enkele honderden ambtenaren van Rijswijk naar Zoetermeer verhuizen. Dat zal veel vakbondsfanfares opleveren over wachtgelden, verhuiskostenvergoedingen en aanstellingen - en niet over kunst. En dan hebben we het nog niet over de kosten van de verhuisoperatie.
Ja, maar we hebben Aad Nuis toch, zullen de voorstanders van deze constructie roepen. Met Nuis zullen we echter (zijns ondanks) weinig opschieten. Hij woont de ministersvergaderingen niet bij. En aan Nuis’ buiten de Treveszaal afgestoken pleidooien voor uitbreiding van het kunstenbudget zullen de calculerende Ritzen en Kok weinig boodschap hebben. Voorts zal Aad Nuis de komende twee jaar weinig boeken meer lezen. De operatie Hoger Onderwijs moet immers snel op de rails, anders valt het paarse dressoir uit elkaar voor de lak droog is. Nee, de kunst moet maar vast een schuttersputje zoeken.