Movies that Matter: ‘Sergio & Sergej’

Sergio? Hallo hallo?

Terwijl je hoog boven de aarde de Sovjet-Unie vertegenwoordigt, valt beneden je je land uit elkaar. Kun je nog naar huis? Gelukkig liet de regisseur wodka achter in het ruimteschip.

Medium sergio   sergei 2
Héctor Noas als Sergej aan boord van de Mir © Movies That Matter

De Nijmeegse Vierdaagse van 1988 was iets bijzonders. Nu tussen Gorbatsjov en Reagan het ijs gebroken leek en de betrekkingen tussen de supermachten ontdooiden, waren het Amerikaanse en het sovjetleger uitgenodigd om in het wandelfestijn mee te lopen. Het contrast tussen beide delegaties had niet groter kunnen zijn.

De goed getrainde Amerikanen hadden een eigen veldkeuken met koks en koksmutsen en al meegebracht. Hun commandant had in zijn tent een executive lederen bankstel staan. De bleke sovjetinfanteristen daarentegen hadden het, na een eerste dag lopen, wel zo’n beetje gehad. Onder hen brak op de eerste avond een klein oproer uit toen bleek dat hun diner bestond uit blikken kwalijk geurend, bedorven vlees. Hun commandant, die met de manschappen in dezelfde lekkende tent sliep, haalde zijn schouders op: dit was er nu eenmaal meegegeven.

Ik moet aan die scène soms terugdenken als ik lees dat Russen anno 2018 terugverlangen naar de tijd dat hun land, in de gedaante van Sovjet-Unie, in de wereld nog een gerespecteerde supermacht was en dat velen onder hen blij zijn dat president Poetin ervoor gezorgd heeft dat Rusland nu weer een woordje meespreekt in de wereld. Voor wie de Sovjet-Unie in de jaren tachtig heeft gekend, is dat een betrekkelijk absurde nostalgie.

Supermacht? Kom kom. De Sovjet-Unie was in de jaren tachtig toch voornamelijk een land waar, in een sfeer van breed gedragen ontmoediging en onverschilligheid, de bevolking in de staatswinkels van oktober tot mei uitsluitend witte kool van bedenkelijke kwaliteit aantrof, en waar heel af en toe een lange rij stond als er bevroren vis te koop was. Oudere Moskovieten herinnerden zich met weemoed het Internationale Jeugdfestival in de sovjethoofdstad van 1957, als de laatste keer dat er een betere toekomst onder het socialisme in het verschiet leek te liggen. En natuurlijk Joeri Gagarin, die in 1961 als eerste mens de ruimte in was geschoten; dat was ook nog een mooi moment geweest.

Movies that Matter

Van vrijdag 23 tot en met zaterdag 31 maart vindt in Den Haag het festival Movies that Matter plaats, met films die de onverschilligheid bestrijden en mensen bewust maken van het belang van mensenrechten.

Deze sfeer van versukkeling komt prima naar voren in de film Sergio & Sergej van de Cubaanse regisseur Ernesto Daranas, eind vorig jaar in première gegaan op het Internationaal Festival van de Nieuwe Latijns-Amerikaanse Cinema in Havana en nu te zien bij Movies that Matter. Dat juist een Cubaanse regisseur zo’n film heeft gedraaid, overigens met Spaans geld, lijkt passend. Cuba is immers het enige land op aarde waar het vriendelijk zinloos voor zich uit disfunctionerende sovjetmodel nog in zijn originele vorm bewaard is gebleven.

Sergio & Sergej heeft een historisch uitgangspunt. Op 26 december 1991 kwam er op een bijeenkomst in Minsk van politieke kopstukken vrij verrassend en met onmiddellijke ingang een einde aan het bestaan van de Sovjet-Unie, die in vijftien republieken uiteenviel. Op dat moment wist eigenlijk niemand hoe het verder zou gaan met de voormalige supermacht. Er was ook nog nauwelijks tijd geweest voor het ontwerpen van overgangsregelingen.

De kosmonaut haalt de sovjet-vlag van het ruimteschip en zendt deze de ruimte in, een onzekere toekomst tegemoet

Dat laatste had de bijzondere belangstelling van de twee kosmonauten die zich op dat moment aan boord van het sovjetruimtestation Mir bevonden, Sergej Krikaljov en Aleksandr Volkov. Het was de Sovjet-Unie die hen omhoog geschoten had, maar was er nog wel een land dat hen straks wilde terughalen? De vluchtleiding hield hen summier op de hoogte van de ontwikkelingen in het moederland: eerst de mislukte staatsgreep in Moskou, en daarna de afschaffing van het communisme en de Sovjet-Unie. Onzekerheid was troef, vooral voor Krikaljov die al zes maanden extra aan boord was omdat zijn vervanger, een kosmonaut uit sovjetrepubliek Kazachstan (inmiddels onafhankelijk), te weinig getraind bleek en voortijdig naar de aarde had moeten terugkeren.

Als rechtgeaarde sovjetburger had Krikaljov zeer beperkt vertrouwen in de mededelingen die hem langs officiële weg, vanuit de vluchtleiding, bereikten. Op een opmerkelijke manier organiseerde hij zijn alternatieve informatievoorziening. Aan boord van de Mir was apparatuur waarmee je in contact kon komen met radioamateurs op aarde, zogenaamde ham-radio. Deze apparatuur, bedoeld voor uitwisseling van nietszeggende pr-boodschappen over de ‘vriendschap der volkeren’, werd voor Krikaljov plots van levensbelang: hij bouwde een netwerk op van informanten op verschillende continenten. Na driehonderd dagen in de ruimte werd hij in april 1992 alsnog afgelost, en hij is daarna kosmonaut gebleven, onder andere in een Amerikaanse Space Shuttle en het Amerikaans-Russische Internationale Ruimtestation.

Medium sergio   sergei 3
Ron Perlman als Peter, de Amerikaanse vriend van Sergio. © Movies That Matter

Krikaljovs avonturen met ham-radio zijn het uitgangspunt voor Sergio & Sergej, waarvoor regisseur Daranas zelf het scenario schreef. De kosmonaut heet hier Sergej Osimov en zit moederziel alleen aan boord van de Mir. Niet alleen is volstrekt onduidelijk of hij ooit nog weer zal worden opgehaald, ook gaan er aan boord allerlei dingen stuk die Osimov, begiftigd met een groot improvisatievermogen, provisorisch weet te repareren. In één geval moet hij een ruimtewandeling maken om, na een botsing met meteorieten, aan de buitenkant een zonnepaneel recht te zetten. Hij haalt dan meteen – aardig detail – de sovjetvlag van het ruimteschip en zendt deze de ruimte in, een onzekere toekomst tegemoet.

De situatie aan boord van de Mir lijkt een metafoor voor de Sovjet-Unie op aarde. Met grote plichtsgetrouwheid waakt Osimov over zijn ruimtestation, hij heeft ook geen andere keus. De zin van zijn verblijf in de ruimte en de experimenten die hij had moeten uitvoeren wanneer de apparatuur naar behoren had gewerkt, lijkt goeddeels in de vergetelheid geraakt. Van opstandigheid is bij Osimov echter niets te merken, een grote lijdzaamheid heeft hem bevangen.

Want de dagen van het volksenthousiasme voor Joeri Gagarin, die in de jaren zestig door de Sovjet-Unie reisde en overal werd onthaald door juichende menigten met spandoeken als levend bewijs voor de superioriteit van het socialisme boven het kapitalisme, zijn vergeten. De belangstelling voor de heroïek van de ruimtevaarder is in Rusland, net als in Amerika trouwens, enorm gedaald. De mensen hebben wel iets anders te doen, vooral in deze tijden van omwenteling op aarde. Gelukkig is er aan boord van de Mir een kleine voorraad wodka voor moeilijke momenten en feestelijke gelegenheden, dat was in de echte Mir ook zo.

In de film heeft de Russische kosmonaut slechts één radiocontact op aarde, de Sergio uit de filmtitel. Die woont op Cuba en heeft op zijn beurt radiocontact met een man in de Verenigde Staten die, zo begrijpen wij, een gepensioneerde cia-agent is. De laatste verzorgt zijn Cubaanse vriend met up to date radioapparatuur waaraan je op Cuba moeilijk kunt komen, maar die helaas door de Cubaanse douane steevast in beslag wordt genomen. Op het einde zorgt de Amerikaan, gespeeld door Ron Perlman, die voor zijn medewerking aan deze film de Amerikaanse blokkadewetgeving aan zijn laars lapte, ervoor dat Osimov door een Amerikaanse capsule uit zijn eenzame post wordt verlost. (In werkelijkheid was het gewoon een Russisch ruimteschip dat Krikaljov bevrijdde.)

Medium sergio   sergei 4
Tomás Cao als Sergio, Cuba. © Movies That Matter

De zwakte van Sergio & Sergej is dat Daranas voor deze ironische komedie misschien wel erg veel overhoop heeft gehaald. Bovendien lijdt de film aan hetzelfde euvel als veel sovjetspeelfilms in de jaren tachtig: om politieke gevoeligheden, of wellicht zelfs gewoon de censor, te ontzien is veel van wat slechts kan worden aangeduid niet gezegd. Dat leidt soms tot merkwaardige lacunes in de verhaallijn. Films uit de sovjetsfeer waren – en in het Cubaanse geval: zijn – sterk afhankelijk van de goede verstaander.

Wat veel goedmaakt is het beeld dat de film geeft van de toestand in de Cubaanse hoofdstad Havanna. Wie daar in 1991 niet bezig is om een bootje in elkaar te flansen om te pogen de kust van de Amerikaanse staat Florida te bereiken, ziet zich veroordeeld tot een bestaan van schijnactiviteit, waarin veel tijd heengaat met politieke vergaderingen waar niemand meer in gelooft maar die er toch bij horen. Een permanente bron van zorg zijn de helikopters die voortdurend over de stad vliegen om te kijken of de bevolking zich op het dak niet met stoute dingen onledig houdt, materiaal verzamelen voor het bouwen van een boot bijvoorbeeld, of het houden van verdacht veel antennes.

En dan is er de politie van de wijk, bestaande uit een overijverige, fanatieke agent en een rijzige dame die het uniform uitstekend staat. De mannelijke agent zou Sergio liefst onmiddellijk arresteren, omdat hij heimelijk radiocontact onderhoudt met de klassenvijand – heeft Rusland immers niet zojuist het socialisme afgezworen? Zijn vrouwelijke meerdere is wijzer: als elk verbod gehandhaafd wordt, gebeurt er niets meer waar de politie haar bestaansrecht aan kan ontlenen.

Dat wordt straks nog een hele schok voor de Cubanen als er op een dag een einde komt aan de Cubaanse variant van het sovjetsocialisme. Vraag het de Russen maar, die nog nauwelijks van hun verbazing bekomen zijn. Maar één troost: een kwart eeuw later zullen ook de Cubanen terugkijken op die goede ouwe tijd, toen Cuba nog wat voorstelde in de wereld. Stichting De 4Daagse – ken uw taak!


Meer informatie: moviesthatmatter.nl