Sf-braderie beeldende kunst

Het is een raar allegaartje in zeven kleine zalen. Van quasi-kritische kunst tot propagandafoto’s van NASA en ESA, prothesen en foto’s van prothesedragers, een slordig compendium van sf-cartoons en een Oostblokachtige presentatie van nu al stoffige, maar ooit revolutionaire polscomputers en vr-helmen.

Wat de plexiglazen box met gekleurde zachte ballen voor de Ikea is, moet deze tentoonstelling voor het Stedelijk Museum zijn, lijkt het wel. Papa en mama kunnen ongestoord hun rondgang maken langs de kunst, terwijl de kinderen zich stierlijk vervelen in deze zalen die naar avontuur hadden moeten ruiken, maar slechts de geur van onbetrokkenheid en een wat plichtmatig gebaar naar de Nieuwe Tijd ademen.
Iedere whizzkid van zeven-plus weet wel beter.
Niet dat het onderwerp oninterressant is. Integendeel. Cybernetica heeft ons leven en zelfbeeld ingrijpend veranderd en zal dat alleen maar meer gaan doen. De ‘man van zes miljoen’ is allang geen science-fiction meer, maar is in de vorm van de kunstheup, kunstnier, kunsthart en kunstarm dragende bejaarde in miljoenvoud onder ons.
De expositie, als die omschrijving op deze moderne braderie van toepassing is, valt vooral tegen omdat de geïnteresseerde leek via het geëigende medium 'cyberspace’ uit een veel rijker en realistischer menu van onderwerpen en benaderingswijzen kan kiezen. Typ in een zoekmachine op Internet het woord 'cyborg’, of variaties en samenvoegingen daarvan in, en je krijgt een hoeveelheid links waarmee je je vrije tijd tot diep in het volgende millennium kunt vullen. Soft Machine daarentegen lijkt nog het meest op een moderne prothese voor het in versukkeling geraakte lichaam van het museum van de twintigste-eeuwse kunst. Men wil graag meedoen met de moderne tijd, of voelt zich daartoe in ieder geval verplicht, maar het wil niet lukken.
De overtuiging, de betrokkenheid en de visie ontbreken. Wanneer men de kwestie echt ernstig had genomen, waar alle reden toe is, was het niet afgedaan in zeven lullige zaaltjes, waarin zeven even lullige en lege gebaren worden gepresenteerd. Het enige wat beklijft zijn de foto’s van de Engelse fotografe Alexa Wright, die een mooie reportage maakte over mensen die een arm of een been verloren. De waardige houdingen waarin ze met hun handicap en hun prothese poseren is aangrijpend. Maar hoewel dit het sterkste deel van de tentoonstelling is, schiet het inhoudelijk aan het onderwerp voorbij. Deze prothesedragers dragen hun hulpstukken bij gebrek aan het origineel, terwijl de essentie van de cyborg is dat een reeds bestaande functie wordt versterkt, of dat een geheel nieuwe functie aan het lichaam wordt toegevoegd. Dat is de essentie van de Zachte Machine: niet zo goed mogelijk repareren of imiteren wat beschadigd is of verloren is gegaan, maar het uitbouwen van de mogelijkheden. En dat is ook waar de ethische en filosofische discussies over gaan. Het daaraan gekoppelde mogelijke verlies of beschadiging van persoonlijke identiteit.
Dat contextuele kader ontbreekt grotendeels op deze tentoonstelling, zoals ook de te verwachten bijdrage van een museum voor moderne kunst (de interpretatie van de kunstenaar) nogal mager uitpakt. Wie context wil moet een paar zalen verderop naar de Psychopathologische tekeningen van Karel Appel gaan kijken. Appel maakte deze tekeningen tussen 1948 en 1950 naar aanleiding van een tentoonstelling in Parijs van tekeningen van geesteszieken op zoek naar of in gevecht met hun identiteit. Onbeholpen tekeningen vaak die in retrospectief verrassend veel lijken op tekeningen zoals die heden ten dage door gemoduleerde computers worden gemaakt. De kracht van dit vroege werk van Appel, die vooral toch een groot tekenaar blijkt te zijn, is in vergelijking met Soft Machine veelzeggend. Zo kan het dus ook. Zo simpel, zo direct en bovenal zo eerlijk.
Misschien moet het Stedelijk Museum zich maar concentreren op zaken waar ze verstand van hebben en de toekomst van de kunst aan anderen overlaten. Kunnen ze direct die website van ze opdoeken.
Het museum van de 21ste eeuw is al gebouwd. Het is alleen nog even wachten op het definitieve faillissement van de huidige huurder, het wetenschapsmuseum newMetropolis.