Skopje als standbeeldhoofdstad van Europa

Skopje – Een Duitse toerist zit op z’n knieën, midden op het centrale plein in Skopje. Hij beweegt zijn camera en roept aanwijzingen naar zijn vriendin.

Mopperend staat hij op, het lukt hem niet om zowel haar als het standbeeld van Alexander de Grote goed in beeld te krijgen. Niet zo vreemd: de ruiter te paard is 22 meter hoog en stijgt boven alle omringende gebouwen uit. Net als de vriendin het wil proberen, begint de fontein eromheen te spuiten op de maat van een wals van Johann Strauss. ‘Dit is echt te veel’, zegt de Duitser, en hij weigert de fotosessie voort te zetten. ‘Het lijkt hier wel Noord-Korea.’

‘Welcome to Macedonia, the cradle of civilization’, schrijft het Macedonische toerisme­bureau in een sms naar iedere buitenlander die het land binnenkomt, gevolgd door een lijst musea en monumenten die bezocht zouden moeten worden. Lange tijd stond Skopje bekend als een grauwe, grijze hoofdstad vol communistische gebouwen die na de allesvernietigende aard­beving van 1963 uit de grond zijn gestampt. Niet echt de moeite waard om te bezoeken.

Met het project Skopje 2014 hoopt de Macedonische regering dat imago op te vijzelen. Al jaren staat zowat de hele binnenstad in de steigers, en wordt het ene na het andere standbeeld onthuld. Niet alleen van krijgers, geleerden en heiligen, maar ook van schoenpoetsers, bedelaars en zelfs een meisje dat mobiel staat te bellen. ‘Ze willen de hele geschiedenis van Macedonië vertellen op één vierkante kilometer’, zegt Atanasko, een jonge IT’er die zijn stad in hoog tempo ziet veranderen in ‘een soort Disneyland’. ‘Wij willen dit helemaal niet. Laat de regering investeren in het onderwijs, of in onze economie.’ Op de kosten van het megalomane project – schattingen variëren van tachtig tot vijfhonderd miljoen euro – is veel kritiek. Op de invulling ook: volgens critici in binnen- en buitenland herschrijft Macedonië met de keuzes voor monumenten en historische figuren de geschiedenis.

In Skopje’s stadsmuseum, gevestigd in een half ingestort treinstation, is van deze verhitte discussie weinig te merken. De toerist kan aan de hand van aardewerken potten en wat klederdracht een idee krijgen van het verleden. Als hij de Cyrillische bijschriften kan lezen, tenminste. De enige aanwezige, een portier annex suppoost, hijst zich uit zijn stoel als de onverwachte bezoeker ook nog interesse blijkt te hebben in de tentoonstelling op de eerste verdieping. Eerst draait hij de ingang van het museum op slot. ‘Anders ben ik het overzicht kwijt’, verklaart hij. Skopje 2014 is hier nog ver te zoeken.