Slapjanus op de sofa muziek

De sofa heeft in onze cultuur een ondubbelzinnige betekenis gekregen - hoe hard en ongemakkelijk het stoeltje bij de psychiater ook mag zijn. Daarom verwacht je bij een voorstelling die De sofa heet een duik in het onderbewuste. Helemaal als de tegenspeler van de sofa een stoel blijkt te zijn die Chair Psychology heet.

Niets is minder waar. In De sofa, een muziektheatervoorstelling van componist Theo Abazis en regisseur/ librettist Philip Curtis, is de therapeute geen begrijpende ziel maar een ietwat sadistische bitch die met leedvermaak toeziet hoe de bedrogen echtgenoot Pete - gevangen ‘in’ een sofa - door het stof gaat.
Music Theatre Group Amsterdam, dat de Engelstalige voorstelling De sofa afgelopen weekend in theater Cosmic presenteerde, schotelt het publiek een modern huwelijk voor. Met alle bijbehorende problemen en dilemma’s. Anna is een ambitieuze jonge vrouw die in haar nieuwe baan alles op alles wil zetten. Pete heeft net auditie gedaan als operazanger, maar hem ontbreekt het aan doorzettingsvermogen. Hij ziet als een berg op tegen een telefoontje met zijn agent en het liefst zit hij met een pilsje voor de buis. Deze a-synchroniteit wordt snel groter. Pete valt op de sofa in slaap terwijl hij een diner voor Anna en haar nieuwe baas moet bereiden, tot grote woede van Anna. Pete kan zijn jaloezie niet verbergen. De sleur en verwijdering tussen de twee wordt op een grappige manier verbeeld in een zich almaar herhalend ochtendritueel. Anna klikt op haar hakjes binnen, neemt een slok jus, Pete reikt haar een kop koffie en na een omhelzing haast ze zich naar haar werk. De liefdevolle afscheidszoen moet het ontgelden. Na verloop van tijd blijven er slechts een paar lege ongeïnspireerde woorden over.
De rollen van Anna en Pete worden met verve gespeeld door Tinuke Olafimihan en Wils Morgan. In zwaar aangezet Engels vertolken ze de dialogen die bewegen tussen een soap en een komedie. Hilarisch hoogtepunt is het moment dat Pete, languit op de bank, langzaam maar zeker door de kussens wordt verzwolgen. Hij verandert in een sofa en ook al schreeuwt hij zich de longen uit het lijf, Anna hoort hem niet. Op dit punt neemt het stuk een absurdistische wending: De stoel (een meesterlijke rol van Charlotte Riedijk) vindt hem een slapjanus en wil hem beproeven. Op de sofa, dus boven op Pete, zullen Anna en haar nieuwe chef de liefde bedrijven.
Tot zover een charmante klucht. Niet hemelbestormend, wel onderhoudend. Maar waar blijft de muziek? Het aandeel van Theo Abazis, een Grieks-Nederlandse componist, blijft ver onder de maat. Abazis slaagt er niet in enig tegenwicht tegen het theatrale drama te bieden. Nu en dan illustreert de muziek de handeling (de violiste die de telefoon over doet gaan) of de sfeer (een horrible dream wordt voorzien van zware dissonanten) of geeft ze zomaar wat kriebeltjes op plekken waar gaten vallen. Het ontbreekt ten enenmale aan een muzikale visie, commentaar of diepgang. Maar ook de muziek die wel klinkt is zo nietszeggend. Een tango zonder vuur, een liefdeslied zonder vonk. Op z'n best hebben de noten een tekenfilmachtige kracht in de vorm van snelle loopjes of sprongetjes. Te mager om de kwalificatie muziektheater te verdienen.

  • De tango vormt de rode draad in een multimediale terugblik op het beruchte Junta-tijdperk in Argentinië. Een groot aantal organisaties werkt mee aan een avond vol muziek, dans, literatuur en video waarbij muziek van Piazzola, Juan José Mosalini en hedendaagse componisten wordt uitgevoerd. Concertgebouw te Amsterdam, 29 september.
  • In de ogen van de oude generatie kunnen de huidige conservatorium-jazz-musici nauwelijks goed doen. Desondanks hebben Misha Mengelberg (authentieke bopper) en Yuri Honing (neo-bopper) de handen in elkaar geslagen. Op 25 september presenteren ze in het Bimhuis hun gezamenlijke cd Playing, duo-improvisaties voor piano en sax.