OPHEFFER

Slechte film

Wat je ziet is het volgende: Ayaan Hirsi Ali maakt de film Submission. Die film roept weerstanden op. Wat ik, nadat de film was vertoond in het televisieprogramma Zomergasten, onmiddellijk hoorde, was: ‘Wat een slechte film.’ Ik vond dat ook – en heb dat ook tegen de regisseur gezegd – maar wat me trof, was dat sommigen als het ware de kwaliteit van de film verantwoordelijk hielden voor het effect ervan, namelijk dat moslims diep beledigd waren.
Dat zag ik daarna vaker.
De Deense cartoons: ‘Natuurlijk moeten die cartoons kunnen worden gemaakt, maar echt leuk of spits waren ze niet.’
De foto’s van Sooneh Hera: ‘Uiteraard moeten die foto’s tentoongesteld kunnen worden, maar heel bijzonder zijn ze niet. Het zijn matige foto’s.’
De film van Geert Wilders: ‘Het is een heel slechte film geworden, maar ja, als Wilders zo’n film wil maken, moet dat kunnen.’
Wat men vermoedelijk wilde beweren, was: de subtekst van deze films, foto’s en cartoons ontbreekt, en dus ontbreekt iedere nuance en daarom is het niet zo’n goed artistiek product. We delen wel het principe van de vrijheid van meningsuiting, maar doen dat niet met ons hele hart; we begrijpen dat mensen het een walgelijk product vinden. Eigenlijk vinden we dat zelf ook.
Daarmee kregen de kunstenaars en hun producten enige schuld in de schoenen geschoven voor de maatschappelijke ontwrichting die ontstond (moord op Theo) of zou kunnen ontstaan.
Onlangs werd Hero Brinkman geïnterviewd door Matthijs van Nieuwkerk. Het was op de dag dat onze terroristenbestrijder Tjibbe Joustra in de krant had laten zetten dat de terroristendreiging weer was toegenomen, onder meer door de film Fitna. Van Nieuwkerk vroeg of Brinkman zich ook niet een heel klein beetje verantwoordelijk voelde voor de toename van die dreiging; de schuld werd immers door Joustra zelf bij Fitna gelegd.
Brinkman ontkende – terecht. Maar eigenlijk was het leed al geschied. Door de vraagstelling en door Joustra was het al duidelijk geworden: doordat de film Fitna gemaakt is, is Nederland nu zeer onveilig. Dus: had die film maar niet gemaakt, dan konden we nu iets rustiger ademhalen.
Als je het zo leest, merk je dat er iets vreemds is gebeurd. Niet de terroristen krijgen de schuld – nee, Geert Wilders, Ayaan Hirsi Ali, Sooneh Hera, de Deense cartoonisten zijn de schuldigen. Die zouden beter moeten weten. Zij brengen ons land in gevaar. Als wij zwijgen, slaan die terroristen ons misschien wel over. Het is een redenering die minister van Justitie Hirsch Ballin ook volgde en op grond waarvan hij artikel 137 over de vrijheid van meningsuiting heeft aangescherpt. Als we nu maar bij wet verbieden dat je God of Allah mag beledigen, halen we de dreiging uit de lucht en is rust en vrede dichterbij, en juist dat rechtvaardigt dat we die wet aanscherpen, want wie wil nu geen vrede.
Deze week laat Ehsan Jami zijn film over Allah aan Joustra zien. Ik denk dat ik al weet wat Joustra zal zeggen: ‘Breng die film niet uit. Dan hebben we drie anti-islamfilms en dat kunnen de moslimbroeders niet op zich laten zitten. Je brengt ons land in gevaar, Jami.’
Maar Jami brengt het land niet in gevaar. Dat zijn toch echt de terroristen.
Over die film zal men ook zeggen: ‘Hij valt tegen. Het is niet zo’n goede film.’ Omdat hij dan een slechte film heeft gemaakt, die dus eigenlijk het zien niet waard is, blijft er alleen over dat hij wil ‘schokken’. En dus brengt hij dan ‘moedwillig’ ons land in gevaar.
Ik vind dat een gevaarlijke suggestie.