Stilzwijgen in kabinetsformatie doorbroken 

Slijpen en draaien

Eind deze week verwacht: een ontwerpregeerakkoord. Welke ontvangst zal dat ten deel vallen? Veel zal afhangen van het motto van het nieuwe kabinet.

Eind deze week weten we meer. En als we niet meer weten, weten we genoeg. Dat is tien weken na de landelijke verkiezingen de stand van zaken bij de kabinetsformatie. Het klinkt als geheimtaal, maar de zin is voor de gelegenheid aangepast aan het omfloerste taalgebruik van informateur Herman Wijffels en de zes onderhandelaars van cda, pvda en ChristenUnie. Óf de drie komen met een regeerakkoord en wij weten na deze wel zeer stille kabinetsformatie wat ons stemgedrag van 22 november voor beleid gaat opleveren. Óf de voormannen van die drie partijen, Jan Peter Balkenende, Wouter Bos en André Rouvoet, en hun secondanten komen niet met een akkoord, maar dan weten we in ieder geval dat er hommeles is aan de onderhandelingstafel. Daar zag het overigens aan het begin van deze week niet naar uit. Het waren de onderhandelaars zelf die zich eind vorige week onder deze tijdsdruk zetten. Na hun overleg in het Catshuis lieten ze in een communiqué weten dat het ‘de bedoeling is dat tegen het einde van volgende week een ontwerpcoalitieakkoord op hoofdlijnen aan de fracties van cda, pvda en cu wordt voorgelegd’. Formeel niet aan de buitenwereld, maar om lekken, halve waarheden en schoten voor de boeg van de oppositie te voorkomen zou het van wijsheid getuigen ook voor derden het stilzwijgen te doorbreken.

Geheel uit eigen wil is die tijdslimiet er overigens niet gekomen. De onderhandelaars kunnen zich langer stilzwijgen domweg niet veroorloven. De geheimhouding die ze kort na de jaarwisseling met elkaar hebben afgesproken, lijkt tot nu toe weliswaar bevorderlijk voor het proces van geven en nemen, wat een Nederlandse formatie altijd is. Tenslotte lekt zo niet elk win- of verliespuntje naar buiten, wat tot gekrakeel kan leiden bij de achterban en verlies aan vertrouwen tussen de onderhandelaars.

Maar zo’n lange radiostilte waar ook de eigen fracties naar moeten luisteren, leidt intern tot gemor. Kamerleden vragen zich bezorgd af of ze op hun deelterrein niet worden opgezadeld met kabinetsbeleid dat ze moeten gaan verdedigen maar liever niet voor hun rekening zouden nemen. Ze voelen zich buitengesloten en willen nu wel eens weten waar ze aan toe zijn. Daarmee lijkt de les uit deze geheime formatie dat stil hand in hand moet gaan met snel.

Voor het dualisme en de roep om meer politiek debat zou deze stille formatie bevorderlijk kunnen zijn. Of eigenlijk, hebben kunnen zijn. Omdat de fracties wekenlang toch niet geraadpleegd zijn, zou het dualisme ten top zijn als de onderhandelaars nu niet met een ontwerpakkoord naar de fracties gaan, maar pas verantwoording afleggen over het échte akkoord, dat dan in de Tweede Kamer verdedigd wordt door alle onderhandelaars die vervolgens allen een ministerspost of staatssecretariaat zouden moeten krijgen. Tenslotte hebben zij het regeerakkoord opgesteld en zich eraan gecommitteerd, laat ze het dan ook maar uitvoeren.

Het zou in dit stadium de oplossing zijn voor het dilemma waar pvda-leider Bos en cu-voorman Rouvoet voor staan: wel of niet het kabinet in gaan. Maar als vooraf van dit scenario was uitgegaan, dan was het niet de oplossing geweest, maar slechts het naar voren halen van dit dilemma. De twee hadden dan vóór de onderhandelingen de knoop moeten doorhakken. En een partijleider die de coalitieonderhandelingen uit handen geeft?

Rouvoet staat voor de keuze, omdat zijn partij het standpunt huldigt dat de partijleider het kabinet vanuit de kamerbankjes controleert. Sneu voor hem, want wanneer krijgt hij nóg een kans om vice-premier en minister te worden? Binnenkort weten we wat voor hem het zwaarst weegt: principe of persoonlijke voorkeur.

Bos heeft voor de verkiezingen gezegd niet onder Balkenende vice-premier te willen zijn. Besluit hij toch in het kabinet te gaan zitten, dan is de eerste honende opmerking voor de oppositie een makkie: draaikont.

De christen-democraten zullen het woord overigens niet meer in de mond nemen, zeker niet als Bos vice-premier wordt. Dat scheelt hun een invloedrijke tegenspeler in de Tweede Kamer, ook al zou het van een coalitiepartij zijn. Maar de sp, de grootste oppositiepartij ter linkerzijde, is het woord ‘draaikont’ wellicht al aan het oefenen. Als in het nieuwe regeerakkoord de aow-premie ongewijzigd blijft en de rijkere gepensioneerden niet hoeven mee te betalen aan de oplopende kosten van de vergrijzing, zal de sp triomfantelijk uithalen. Andersom zal het cda door de vvd op de korrel worden genomen als de pvda op dit dossier zijn zin krijgt en het cda naar zijn achterban moet met de mededeling dat de vergrijzing toch om een offer vraagt van de gepensioneerden. Eén van de twee zal op dit punt immers moeten draaien en dus het risico lopen voor draaikont te worden uitgemaakt.

De andere achilleshiel voor het cda is de hypotheekrenteaftrek. De christen-democraten hebben beloofd dat er niet aan zal worden getornd. Samen met de aow waren dit in de verkiezingsstrijd de symboolonderwerpen bij uitstek; nu zal de kritiek zich erop samenballen. De christen-democraten hebben ook bij de hypotheekrenteaftrek het meest te vrezen van de grootste oppositiepartij ter rechterzijde: de vvd. Partijleider Mark Rutte bezigde zondag in het televisieprogramma Buitenhof al twee keer het woord ‘kiezersbedrog’. Daar had hij duidelijk op geoefend. Het klonk nu al sleets.

Toch maken de coalitiepartners zich zorgen over de ontvangst van het regeerakkoord bij de buitenwereld. Alles zal afhangen van de eerste indrukken. Hoe gaan de spindoctors ervoor zorgen dat dit eerste beeld zo pregnant is dat het als positief blijft hangen? Dat is de vraag die deze week op tafel ligt. Het zal interessant zijn om te zien welke _soundbite_s worden ingezet om compromissen uit te leggen, doelstellingen naar voren te halen of niet nagekomen beloftes te verdonkeremanen.

Want wat na 22 november de situatie in het parlement bijzonder maakt, is dat zowel links als rechts van de nieuwe coalitie grote oppositiefracties klaar zitten om aan te vallen. De 25 sp’ers slijpen de messen om zowel de pvda als het cda eens flink onder handen te nemen. De eerste omdat die vóór de verkiezingen geen lijstverbinding met hen wilde aangaan, de tweede omdat het cda ná de verkiezingen met hen geen coalitie wilde vormen. Ook de 22 liberalen, die het oppositievoeren na een kleine dertien jaar regeren weliswaar ontwend zijn en die zeggen zich constructief te willen opstellen, gaan echt niet vier jaar lang zitten applaudisseren in hun kamerbankjes. Al is het maar om de Partij voor de Vrijheid van Geert Wilders niet te veel speelruimte te geven op de rechterflank.

Bos moet maar weer eens naar zijn café in het Haagse Laakkwartier, zoals hij als oppositieleider deed bij het aantreden van het kabinet-Balkenende II in 2003. Bij het debat over de toenmalige regeringsverklaring vertelde hij de stamgasten het regeringsbeleid niet uitgelegd te krijgen. Hij zou nu in Laak kunnen gaan oefenen. Lukt het daar, dan maakt hij grote kans het beleid elders ook te kunnen verdedigen.

Veel zal afhangen van het motto en de achterliggende missie van het nieuwe kabinet. Zal het inspirerend zijn? De aspiraties goed weergeven? Vier jaar geleden was het motto: ‘Meedoen, meer werk, minder regels’. Nu zijn er vijf aandachtsgebieden die om voorrang strijden.

Onderwijs zal zeker in het nieuwe motto herkenbaar zijn. Er mag dan inmiddels weer volop werk zijn, er is onvoldoende geschoold personeel om dat werk te verrichten. Bovendien verandert de inhoud van het werk zo snel dat een mens zijn leven lang moet blijven leren. Komt nog bij dat de bevolking steeds meer vergrijst, waardoor ouderen langer nodig zijn op de arbeidsmarkt. Dit gecompliceerde vraagstuk staat al jaren hoog op de agenda van werkgevers- en werknemersorganisaties.

Ook de probleemwijken in de steden zullen op enigerlei wijze in het motto aan bod komen. Hele groepen mensen in die wijken dreigen de aansluiting met de samenleving te verliezen. Minister Winsemius (vvd) van Volkshuisvesting vroeg daar recent indringend aandacht voor, maar het is niet daarom dat het nu in de coalitiebesprekingen hoog op de agenda staat. Het is andersom: Winsemius hield zijn pleidooi omdat zijn ministerie in samenwerking met gemeenten en andere ministeries met dit onderwerp al tijden aan het worstelen is. Dat woningbouwcorporaties onlangs aanboden ruim twee miljard in dit soort wijken te willen investeren, is mede een gevolg van die reeds lopende bemoeienis van de rijksoverheid. Die bemoeienis gaat zelfs terug tot de vorige coalitie van cda en pvda, in 1989. Toen heette het beleid dat daarop werd gezet sociale vernieuwing. Daar zal nu dus iets nieuws voor moeten worden verzonnen.

Meer aandacht voor de jeugd en het gezin is een derde hoofdonderwerp. Hier doet zich de cynische situatie voor dat de dood van een aantal pupillen van Jeugdzorg als het ware het lobbyinstrument was om aandacht te krijgen voor de werkdruk in de jeugdzorg en de gebrekkige samenwerking tussen de vele instellingen die zich met kinderen bezighouden.

Ook het milieu wordt een speerpunt. Voor de leek waarneembare klimaatswijzigingen, zoals hetere zomers, smeltende ijskappen, vaker voorkomende stormen en wegschuivende dijken hebben hier het meeste lobbywerk gedaan. Daarbij een handje geholpen door voormalig vice-president Al Gore van de Verenigde Staten en zijn film An Inconvenient Truth. Het af en toe dichtdraaien van pijpleidingen door Rusland heeft druk gezet achter het alerter zoeken naar schone energiebronnen.

Als vijfde zal de zorg en met name de ouderenzorg een prominente plaats krijgen. Alarmerende berichten over onvoldoende kwaliteit in verpleeghuizen, voorspellingen over te weinig handen aan het bed van vergrijzend Nederland en de pijnlijke vergelijking met de agrarische sector door de sp hebben ook dit thema hoog op de agenda gezet.

Voor alle vijf geldt: welke coalitie er ook was gekomen, dit zouden de hoofdonderwerpen zijn geweest. Daarom is het vooral interessant wát de drie partijen erover hebben afgesproken.

Dit zijn echter allemaal binnenlandse en sociaal-economische onderwerpen. Niet onbelangrijk, maar niet het hele verhaal. Misschien wel interessanter is wat cda, pvda en ChristenUnie met de rest van de wereld willen. Hoe denken ze verder te gaan met de Europese Unie, met de door de Nederlanders afgewezen grondwet en de uitbreiding? Wat willen ze de komende vier jaar met Afghanistan, het uitzenden van troepen, de strijd tegen het terrorisme, het evenwicht tussen defensie en ontwikkelingssamenwerking? Kortom de onderwerpen waar ook tijdens de verkiezingscampagne niet of nauwelijks over werd gesproken. Jammer dat ook de grote oppositiepartijen zich bij hun eerste aanvallen op het nieuwe beleid hier niet op zullen richten. Ook zij mijden die onderwerpen liever.