Sluit het dorp!

ZOU U HET leuk vinden om voortaan naar Gelderland of Zeeland te moeten afreizen zodra u trek begint te krijgen in een Gelderse worst of een Zeeuws meisje? Toch is dit ongeveer wat mij dit weekeinde overkwam. Om de vier uur durende film Amsterdam Global Village te kunnen zien moest ik verplicht naar Amsterdam en dus mijn geliefde Erasmusbrug verlaten.

De andere Nederlandse dorpen, op Utrecht en Breda na, voelen er kennelijk niet voor om de zevenenveertigste film van Amsterdammer Johan van der Keuken in hun zaaltjes te draaien. Misschien dat ze elders in Nederland denken dat dit hoofdstedelijke gedoe niets voor de eigen dorpelingen is.
Het moet, dacht ik aanvankelijk, om een vulgair geval van kinnesinne gaan, anders was het ‘epos’ van Van der Keuken meteen in 120 bioscopen te zien geweest. Het klinkt overbekend: de jaloerse 'boeren’ die de rest van Nederland bevolken, zijn alleen in Amsterdam geïnteresseerd wanneer ze horen dat in de Arena de grassprietjes alweer een stukje zijn gekrompen of dat Het Parool op sterven na dood ligt. Want afgaande op de enthousiaste recensies die inmiddels in de kwalilteitskranten zijn verschenen, kan men moeilijk stellen dat het gebrek aan belangstelling dat Amsterdam Global Village deze dagen treft door zijn belabberde kwaliteit komt. Maar feit is, en dat is een verbijsterende constatering, dat een film die de pretentie heeft ons te laten zien 'hoe de multiculturele structuur van de hoofdstad deze met min of meer de hele wereld verbindt’, niet verder rijkt dan de Amsterdamse ring.
Met zijn rijkdom aan 'wereldburgers’, die je in de film in alle geuren en kleuren tegenkomt, vormt Amsterdam in de ogen van cameraman-regisseur Van der Keuken het centrum van een web van vertakkingen naar de vreemdste uithoeken van de planeet. Van der Keuken heeft zich kosten noch moeite bespaard om zijn, naar later blijkt, schaarse publiek naar verre dorpen en steden mee te nemen, naar de plekken waar de kleurrijke Amsterdammers uit de film vandaan komen. Zo vliegen wij bijvoorbeeld van het Andesgebergte naar het verwoeste Grozny. En als we weer in Amsterdam zijn geland, moeten we bij een brommerkoerier van Marokkaanse origine achterop gaan zitten, zodat wij ook vanuit dat perspectief het multiraciale karakter van de stad kunnen bezichtigen.
Waarom Amsterdam Global Village niet op de ontvangst is getrakteerd waarop deze film had kunnen rekenen, werd me duidelijk bij het betreden van de enige zaal in de hoofdstad waar AGV draait. Een piepklein Alfa 4 met een scherm dat je met een vergrootglas moest zoeken. Het betreft hier dus toch geen kwestie van afgunst van de rest van Nederland jegens de hoofdstad, want zelfs in Amsterdam is de belangstelling voor het thema 'ons dorp als venster op de wereld’ tanende.
Nee, het gaat hier om een eenvoudige verschuiving van buiten naar binnen. De Nederlanders die ooit bekend stonden voor hun bijna uit de hand gelopen internationalisme, hebben zich teruggetrokken achter hun dijken, die ze het liefst even hoog zouden willen optrekken als de Rotterdamse wolkenkrabbers, om juist de internationalisering van hun samenleving een halt toe te roepen. Nieuwkomers uit verre landen, migranten, asielzoekers hebben de laatste jaren niet alleen directe verbindin gen gelegd tussen de Nederlandse steden en de wereld daarbuiten, maar hun aanwezigheid heeft de Nederlanders ook een gevoel van verzadiging gegeven. Het straatbeeld is vanzelfsprekend geleidelijk aan veranderd. Het exotisme ligt tegenwoordig overal voor het oprapen. Ook in de schappen van een nieuwe generatie groenteboeren, die met hun vreemd accent onmogelijke kruiden en rare vruchten verkopen.
EEN FILM ALS die van Johan van der Keuken lijkt in het snel veranderende tijdsbeeld te zijn verzand. De jaren zestig en zeventig liggen ver achter ons en de nieuwsgierigheid van de autochtonen kent nu nieuwe prioriteiten. In de jaren negentig heeft men vooral behoefte aan nieuws van zeer nabij dat het verwaterde wij-gevoel enigszins kan verdikken en een nieuwe consistentie geven. SBS, een Scandinavische tv-zender notabene, maakt sinds kort furore met zijn 'informatie’-rubriek Hart van Nederland. De naam zegt het al. Het hartje van SBS loopt over van nietige nieuwtjes van eigen bodem, zwaailichten van brandweerwagens die een vuurtje in een vuilniscontainer in Muiderberg komen blussen en weggelopen katten en honden uit Winschoten en Vlaardingen. Zelfs hoger opgeleide kijkers lopen fluitend weg van Nova en haar loodzware voorbeschouwingen over de volgende buitenlandse verkiezing om bij SBS, AT5 of Stads-TV het laatste interview van hun rebelse buurvrouw niet te hoeven missen.
Natuurlijk zitten in Amsterdam Global Village ook heel wat elementen uit de nabijheid die de toeschouwer kan herkennen en die hem kunnen helpen een weg te vinden naar de immense en onbekende ruimte verderop. Door kleine verhalen - geplukt uit onze eigen omgeving, uit de huizen en straten van een stad die wij min of meer kennen - aan grote mondiale thema’s te verbinden, heeft Van der Keuken bijna onbevattelijke problemen enigszins tastbaar willen maken. De vraag is of de kloof nog kan worden overbrugd, met of zonder Marokkaanse brommerkoerier met Amsterdamse tongval als bindende factor. Willen de Nederlanders van de jaren negentig met hun aspiraties tot rust en veiligheid, met hun groeiende desinteresse voor de universele ellende die SBS in zijn Hart iedere avond zorgvuldig vermijdt, werkelijk weten wat voor schokkende verhalen achter de Iraanse buurman schuil gaan? Er zijn hier toch al zoveel asielzoekers die zich bij de geringste tegenslag door het raam werpen of in brand steken en die je ook nog met je eigen ambulances, gevolgd door een meute van videocorrespondenten, naar het ziekenhuis moet vervoeren. Eind jaren tachtig zei de toenmalige Franse premier Michel Rocard het al: 'Wij kunnen jammer genoeg niet het leed van de gehele wereld hier opvangen.’ Volgens deze dodelijke logica kun je misschien ook beter niet op de hoogte zijn van alles, nietwaar?
De wreedste illustratie hiervan in de film van Van der Keuken ging over de Tsjetsjeen Borz Ali. Zolang hij in zijn Amsterdamse woning, spelend met de afstandsbediening van zijn tv-toestel, ons over de politieke situatie in zijn land bijpraatte, ging het goed. Maar dan krijgt Van der Keuken het eigenaardige idee om met Borz Ali naar het kapotgeschoten Grozny te reizen. Puin, tanks en lijken met weggeschoten gezichten. De kijker verlangt terug naar SBS waar ondraaglijke gruwelijkheden altijd buiten beeld blijven. En moet dat nou, die lange shots van een dood kindje in de armen van zijn schreeuwende moeder? Of al die vrouwen die als ratten uit hun holen springen om, met de dood op hun netvliezen gebrand, hun angst en woede uit te schreeuwen? Opeens weet je het bijna zeker: Borz Ali is een Tsjetsjeen en wordt nooit een Amsterdammer. Sluit het dorp!
Of neem Roberto de Boliviaan die iedere dag bij het ochtendgloren de vloer bij Albert Heijn schrobt en boent. Hij lijkt keurig geïntegreerd, praat Nederlands en is getrouwd met de blonde Aletta. Maar Van der Keuken moet weer het feestje verpesten door met Roberto naar zijn kale dorp tussen de even kale Boliviaanse bergen af te reizen. Ellende natuurlijk. Moeder heeft sinds een eeuwigheid geen schoenen meer gezien en bakt broodjes van papier maché om de honger van haar acht kinderen te stillen. Moeten de kijkers dit cliché soms met krokodillentranen besprenkelen?
Amsterdam Global Village geeft van ons tijdperk een vertekend beeld vol VPRO-camerabewegingen en irritante motorgeluiden. Nederlanders zijn natuurlijk politiek correcte wezens, die het liefst in de jaren zestig blijven wonen, en misschien is Johan van der Keuken hun cinematografische profeet. De bedoeling is natuurlijk hardstikke goed en daarom gaat het publiek iedere zondag met z'n 48.000 liever naar de Arena dan naar Alfa 4. Daar zie je toch ook allochtone stadsgenoten? En je kan ze tenminste onbeperkt op oerwoudgeluiden trakteren of met bananenworpen belonen.
Trouwens: tussen het kluitje blanke Nederlanders dat naar AGV kwam kijken zag ik uiteraard geen Marokkaanse, Turkse of Boliviaanse brommerkoeriers. Die geloven allang niet meer in fabeltjes, ondanks het feit dat de film nadrukkelijk opent met de zeer originele beelden van Sinterklaas op zijn bootje. Na het daverende succes van AGV valt hopelijk een stevig antwoord uit de Maasstad te verwachten. En waarom niet een eigen Rotterdam Global Village met, bijvoorbeeld, Martijn Freling van CP'86 achter de camera en ikzelf in de rol van de Franse narco-toerist die door buurtbewoners met honkbalknuppels wordt begroet?