TELEVISIE

Snackbar in Fez

Tante in Marokko

Door zomergast Paulien Cornelisse werd weer duidelijk hoe vormend kindertelevisie is. Haar kijk op de wereld zou, opgegroeid met Swiebertje en Pipo, toch anders zijn dan nu ze gevormd is door Theo en Thea en Rembo & Rembo. Rembo zou tegenwoordig nooit meer gemaakt kunnen worden, zei Maxime Hartman laatst, Rembo zelf: door de samenwerking tussen omroepen onder kinderkoepel Z@pp is alles braver geworden. Ik vroeg me af of hij wel eens naar VPRO’s The Popgroep had gekeken, want ook dat heeft een hoge weerbarstigheidsgraad, maar hij heeft gelijk. Zelf vervult hij tegenwoordig een andere rol: in Tante in Marokko voert hij vrolijke gesprekjes met medelanders die hun roots daar hebben en er nu met vakantie of naar onderweg zijn.
Tante heeft de kracht van de eenvoud. Je hoeft de reiziger of toerist maar aan te spreken en de verhalen komen. Natuurlijk is dat schijn en zal veel weggegooid worden, maar wat overblijft is meestal zo leuk, typerend of juist verrassend dat inmiddels het vierde seizoen ingaat. Lamia Abbassi, de andere presentator, had als seizoensopening een prachtgesprek bij een bestelbusje. Pontificaal zat een bijdehante Surinaamse buurvrouw op de Marokkaanse laadvloer, aankondigend dat ze ging janken als de buren wegreden. Dat leek een van de vele liefdevolle grappen met en over haar Marokkaanse vriendin, maar bij wegrijden kwamen ze echt, de waterlanders. Waarom pa niet bij het inpakken was, had Lamia nog gevraagd. Eendrachtig verklaarden de buurvrouwen dat je een man niet eens in de buurt moet laten: die knalt de spullen erin en verklaart de auto voor vol als er nog van alles bij kan. Nog net voor vertrek kreeg de Surinaamse een zak Marokkaans eten - zoals ze altijd eten van buurvrouw kreeg. Daarom alleen ben ik aardig tegen haar, zei ze en ze zoenden nog eens.
Misschien niks op papier, maar het is als een toevallig, vrolijk gesprek met een vreemde in tram of trein dat je humeur, mede bepaald door alle sores in krant en op tv, net iets beter maakt. Sowieso weinig ellende in Tante: het is vakantie en de naam Wilders is nog niet gevallen. Met de El Amrani’s praat Maxim over traditie en moderniteit: hij is voor vooruitgang, flatgebouwen, snelwegen, zij houdt van de oude dorpjes. Is het niet jammer dat er overal fastfood opduikt? Ach, bij oma en opa eet hij nog wel tajine, maar geef hem maar de Amerikaanse ketens, ‘dan weet je tenminste wat je eet’. Toch komt er behoorlijk wat aan de orde. Sirin kwam als meisje uit Holland bij oma in Tanger wonen. Cultuurshock. De wortel voor Sint die verschrompelde en niks opleverde; juffen die mepten. Waarop oma, die meppen toch gewend moet zijn geweest, naar school toog en dreigde met het Nederlands consulaat als kleindochter een haar gekrenkt werd. Het hielp. Sirin is het strengst gekleed van de vele meiden die aan bod komen, maar juist zij wil nooit meer daar wonen: geef haar Alkmaar en haar opleiding tot lerares Frans. En Chaïmae, die voor haar studie pedagogiek een maand observeert in een weeshuis in Casablanca, vindt Marokko een mooi land maar de mentaliteit 'shocking’. Beetje shocking ook als voormalig Hollands bankbediende en nu projectontwikkelaar Rachid, gevraagd naar het uurloon van de bouwvakkers in zijn prachtig appartementencomplex, dat bedrag niet zo gauw kan uitrekenen. Is ook lastig bij een dagloon van vijftien tot twintig euro. Overigens wilden sommige modieuze meiden wel degelijk ooit in Marokko gaan wonen, zij het niet met een Marokkaans-Marokkaanse man. Hoe ziet dat er economisch uit? Kledingwinkel of snackbar in Fez, want frites mét, dat hebben ze daar nog niet. Niks mooier dan multiculti.

Tante in Marokko. rvu, woensdags 20.50 uur, Nederland 2