Sneeuwstorm

New York - Er zijn wetenschappers die ontkennen dat het klimaat verandert door menselijk handelen, oftewel klimaatsceptici, en die niet ontkennen dat hun wetenschappelijk onderzoek gefinancierd wordt door energiebedrijven. Voorbeeld is de Atlas Economic Research Foundation in Washington DC. Deze Amerikaanse denktank verkondigt trots op zijn website dat men geen geld aanneemt van de overheid, maar zich alleen laat ondersteunen door de generositeit van ‘individuen, stichtingen en bedrijven die dezelfde filosofie van vrijheid zijn toegedaan’. Oliemaatschappij Exxon Mobile is zo'n zielsverwant.
In de Verenigde Staten is het ook onder Republikeinse politici bon ton om zich sceptisch over klimaatverandering uit te laten. Dat komt deze bewindslieden regelmatig te staan op beschuldigingen dat ze niet hun kiezers vertegenwoordigen, maar de belangen van de grote energiebedrijven. Zo kreeg senator Jim DeMint, lid van de Senaatscommissie die over energiezaken gaat, van onder meer Greenpeace en het Clean Energy Action Fund voor de kiezen dat hij 'voor Big Oil werkt, en niet voor de inwoners van South Carolina’. DeMint weerspreekt dit door erop te wijzen dat van alle sectoren die zijn verkiezingscampagnes financieren de olie- en gasindustrie slechts nummer tien is.
Hoe dan ook, de recente sneeuwval aan de Amerikaanse Oostkust was voor enkele Republikeinen aanleiding om de discussie over klimaatverandering weer eens op te pakken. Vooral het ongekende pak sneeuw in Washington DC, dat op ongeveer dezelfde breedtegraad ligt als de Spaanse stad Malaga, bleek voor sommige politici een onweerstaanbare gelegenheid. Volgens DeMint, daar is-ie weer, vormde de sneeuwstorm het bewijs dat de 'waarschuwingen tegen door mensenhanden aangewakkerde klimaatverandering met scepsis moeten worden bezien’. Op Twitter drukte hij zich minder omslachtig uit: 'Het zal blijven sneeuwen in DC, totdat Al Gore cries uncle (de vooral door kinderen gebruikte uitdrukking voor 'ik geef me over’ - mvg).’
DeMint was niet de enige Republikein die de sneeuwstorm gebruikte om een politiek punt te maken. Het Huis van Afgevaardigden sloot twee dagen lang de deuren vanwege de sneeuwoverlast, waardoor dus ook niet gestemd kon worden. Volgens Lynn Jenkins, Afgevaardigde uit Kansas, was de sneeuwstorm dan ook een 'zegen voor de Amerikaanse belastingbetaler’.