Snel en doortastend

In de Nederlandse parlementaire geschiedenis moet je terug naar 1986 om een kabinetsformatie te vinden die sneller ging dan die van Rutte II. Daarbij is dan zelfs nog gerekend vanaf de dag van de verkiezingen tot de dag van de beëdiging door de koningin. Omdat demissionair minister-president Rutte komende week voor een reeds voorgenomen bezoek naar Turkije moet, vindt de beëdiging van zijn tweede kabinet mogelijk pas donderdag plaats. Mocht de beëdiging maandagochtend plaatsvinden, dan evenaart het nieuwe kabinet het record.

Medium commentaar snel en doortastend 1

In deze tijd van economische crisis en na tien jaar van moeizaam tot stand gekomen kabinetten die bovendien steeds weer vielen, is deze formatie een verademing en mogelijk een voorbode van de door velen gewenste politieke stabiliteit. Tot op de verkiezingsdag had niemand voorzien dat het zo zou kunnen lopen. Gevreesd werd dat de uitslag opnieuw een versnipperd politiek landschap te zien zou geven, waarin polarisatie hoogtij zou vieren. Dat bij deze formatie dan ook nog eens de koningin voor het eerst geen rol zou spelen, zou de politieke chaos compleet maken.

Maar door het stemgedrag van de kiezer liep het anders. Al dan niet opgezweept door de tweestrijd tussen vvd-leider Mark Rutte en zijn pvda-collega Diederik Samsom maakten de kiezers beide partijen groot, zo groot dat ze samen een meerderheid hebben in het parlement. Hoewel elkaars rivalen zagen beide partijleiders direct in dat ze samen moesten werken. Wie blijft denken dat er andere coalities mogelijk waren, respecteert de stem van de kiezer en ook het wezen van een meerpartijenstelsel niet.

Niet alleen de voortvarendheid waarmee Rutte en Samsom de coalitiebesprekingen hebben aangepakt was een welkome verrassing. Ook de uitkomst ervan. Niet dat er geen ingrijpende en pijnlijke maatregelen in het nieuwe regeerakkoord zitten, maar het geheel straalt uit dat het nieuwe kabinet een einde wil maken aan zich maar voortslepende maatschappelijke problemen die dringend om een oplossing vragen: de woningmarkt, de zorg en de arbeidsmarkt.

De twee partijleiders laten zien dat een compromis meer kan zijn dan zoveel water in de wijn doen dat er kraak noch smaak meer aan is: een compromis kan een maatschappelijk probleem ook aanpakken. Bovendien is nu eens niet vastgelegd wat er allemaal niet mag worden besloten in de komende jaren, een van de oorzaken van de impasse op veel terreinen.

Dat dit resultaat in stilte tot stand is gekomen, heeft mede bijgedragen aan de snelheid en de doortastendheid. Niemand kon met halve besluiten alvast moord en brand gaan schreeuwen en achterbannen mobiliseren.

Hopelijk is het niet de bedoeling dat de fracties van vvd en pvda zich door dit akkoord vervolgens compleet zullen laten gaan knechten. Het zou niet alleen slecht zijn voor het dualisme in de politiek, maar ook het motto van het kabinet – Bruggen slaan – ongeloofwaardig maken. Voor een kabinet dat taboes wil doorbreken, mag er ook geen taboe rusten op blijven nadenken. Maar dat is iets anders dan toch telkens weer proberen het eigen verkiezingsprogramma te realiseren.

Veel burgers willen in deze tijden van crisis actie, geen stilstand. Aan vvd en pvda nu de taak niet terug te schrikken van de reactie van de burgers nu ze zien dat die gewenste actie hen in de portemonnee zal raken.