Soap-eiland

Stefan Themerson, Hobsons Eiland. Uitg. De Bezige Bij, 226 blz., 316,90, bij Modern Antikwariaat Van Gennep.
Al jaren had ik een dun boekje in de kast staan, ooit gekregen op een verjaardag, dat me bij het doorbladeren afstootte door al te grote eruditie en nadrukkelijke speelsigheid. Het boekje deed denken aan de kaskraker Gödel, Escher, Bach: Een Eeuwige Gouden Band.

Dat was ook zo nadrukkelijk een poging om literatuur van wetenschap te maken, of andersom. Het dunne boekje had net zo'n nadrukkelijk originele titel: De hoofdinspecteur en de ultra-intelligente machine. De auteur was Stefan Themerson, in 1988 overleden. De man had een reputatie in kringen van de betere lezer, begreep ik. Het lag absoluut aan mij, besloot ik, dat ik dat dunne boekje na doorbladeren weer teruglegde.
Hobsons Eiland is een roman van Stefan Themerson, en kwam uit in het jaar dat hij stierf. Nadat de eerste druk nu negen jaar op boekwinkelplanken heeft liggen verstoffen, is het insiderige sfeertje er vanaf. Je kunt het gewoon lezen. Wat blijkt? Hartstikke leuk boek.
Het verhaal wordt vanuit zeer uiteenlopende invalshoeken verteld, die onverwacht aan elkaar gelast worden, waardoor onverwachte wendingen ontstaan en waarbij achteraf aan de functionaliteit van sommige delen (zoals een uitvoerige geschiedenis met een Afrikaanse president die in het begin van het boek ontsnapt aan ophanging - wat achteraf in scène gezet blijkt te zijn) getwijfeld kan worden. Fascinerend is vooral het eilandje zelf, onooglijk en precies even ver van Ierland als van Engeland. Een familie houdt daar de wacht. Er is een huis gebouwd door de miljonair Hobson. Er lijkt lange tijd niks te gebeuren.
De miljonair overlijdt. Het zit heel raar met de rechten op het eiland. Er komen Zwitserse bankiers aan te pas en uiteindelijk blijken er geheime plannen van grootmachten, waardoor oorlog en totale uitroeiing onvermijdelijk zijn geworden. Dat klinkt gruwelijk, maar zo wordt het niet verteld.
Op de achterflap wordt Themerson beschreven als de schepper van een eeuwigdurende televisieserie, en inderdaad, de veelheid aan personages, het terugpakken, loslaten, invoegen, klaarblijkelijk vergeten van loshangende vertellingen, zij het als dusdanig door de lezer nog niet getraceerd - dat heeft tezamen iets van een soap-structuur. En dat houdt de spanning erin. Of, nou ja, spanning… De lol. Want een boek met zoveel luchtige dialogen met leuke grapjes erin en ook markante wetenswaardigheden van zeer uiteenlopende aard, naast amusante afdwalingen, dat maakt je nauwelijks nog benieuwd naar hoe het afloopt. Dat er uiteindelijk zomaar een nogal pathetisch einde uitfloept, is niet alleen vreemd, maar ook een beetje onbevredigend.