‘soap opera’s dringen het machismo terug’

Een gesprek met de schrijfster van Zeg me zijn naam en ik vermoord hem (vertaald uit het Portugees door Adri Boon), uitgeverij De Geus/Epo, 542 blz., f54,90.
Machismo is een levenshouding die zich weliswaar niet beperkt tot Latijns Amerika, maar wel zijn oorsprong vindt in dit werelddeel. In haar omvangrijke roman Zeg me zijn naam en ik vermoord hem probeert de Braziliaanse schrijfster Maria Alice Barroso de wortels van het machismo bloot te leggen. Ze doet dat in de vorm van een portret van Oceano Moura de Alves, grootgrondbezitter en burgemeester van het stadje Parada de Deus, een man die zo ziekelijk jaloers is op zijn vrouw dat hij verscheidene van haar vrienden en kennissen - in zijn ogen haar minnaars - laat vermoorden. Door de geschiedenis van het stadje, haar bewoners en de voorvaderen van Oceano Moura de Alves te vertellen laat Barroso zien dat de jaloezie van de burgemeester geenszins een uitzonderlijk en zelfs een geaccepteerd verschijnsel is in de Braziliaanse samenleving.

‘Parada de Deus is in werkelijkheid Miracema, het stadje ten noorden van Rio de Janeiro waar ik ben geboren’, zegt de 68-jarige schrijfster. 'Ook het verhaal van Oceano is waar gebeurd. In mijn roman sluit de burgemeester zijn echtgenote op en heeft hij steeds meer moeite uit handen te blijven van de politie. Die wil hem arresteren voor de moord op een bankier van wie Oceano dacht dat hij iets met zijn vrouw had. In werkelijkheid had hij er in het geheel geen moeite mee zijn onschuld te bewijzen, zowel wat betreft de dood van de bankier als die van zijn vrouw. Zij was gevonden met twee kogels in haar rug en had volgens de burgemeester zelfmoord gepleegd. De politie accepteerde dit klakkeloos. Toen mijn roman in 1967 uitkwam - ik had er vijf jaar aan gewerkt en kreeg er direct een literaire prijs voor - was hij razend. Hij dreigde me te vermoorden, wat hij, zoals u ziet, niet heeft gedaan. Hij heeft echter wel zelf een boek geschreven waarin hij mijn versie van het verhaal volledig ontkent. Ik ben het op hem gebaseerde personage Oceano trouwens blijven gebruiken in mijn latere werk. In mijn nieuwste roman is hij oud en dik en overlijdt hij aan een hartaanval.’
Uw boek omspant een periode van meer dan honderd jaar en de levens van vier generaties. U springt voortdurend van het heden naar het verleden en laat de personages zelf het verhaal vertellen.
Barroso: 'Ik beschouw het lineair vertelde verhaal als een gedateerde vorm. Het leek mij veel interessanter, ook voor de lezer, een soort mozaiek samen te stellen. Ik geef stukjes informatie, over het heden en het verleden, en de lezer kan er zijn eigen verhaal mee construeren. Ik heb dat geleerd van William Faulkner, de Amerikaanse auteur door wie overigens ook Gabriel Garcia Marquez zeer beinvloed is.’
Oceano’s vrouw, Maria Corina, is een zeer levenslustig, maar ook onschuldig meisje. Ze denkt er in de verste verte niet aan haar man te bedriegen, maar haar gedrag geeft hem voortdurend aanleiding dit te vermoeden. Een vriendin waarschuwt Maria Corina dan ook dat het er voor een vrouw niet zozeer om gaat fatsoenlijk te zijn maar om het te lijken.
'De macho wil vooral iets bezitten - of dat nu een stuk land, een ezel of een vrouw is, doet er niet toe. Bovendien wil hij iets exclusief bezitten. Zodra het ook maar even lijkt dat een ander er ook aanspraak op heeft, is het bezit ervan waardeloos geworden. Daarom is Oceano zo verschrikkelijk jaloers, een jaloezie waarin hij niet voor die van Othello uit Shakespaere’s toneelstuk onderdoet. Hij leeft in een voortdurende angst zijn kostbaarste bezit, Maria Corina, te verliezen. Die angst is zo diepgeworteld dat ze al snel plaatsmaakt voor de overtuiging dat hij haar aan een andere man kwijt zal raken. Daarom fluistert hij haar al tijdens de huwelijksnacht toe: “Zeg me zijn naam en ik vermoord hem.” Maria Corina weet niet waarover hij het heeft. Oceano is haar eerste en enige geliefde. Ook daarna heeft ze nog niet door hoe ziekelijk jaloers hij is en geeft ze met haar vrije, maar onschuldige gedrag voortdurend voeding aan zijn jaloezie. Ook de overige inwoners nemen echter aanstoot aan haar en beginnen te roddelen. Die roddels bereiken Oceano en vervolgens voelt hij zich de bedrogen, in zijn eer aangetaste echtgenoot. Op dat moment doet het er inderdaad niet meer toe of Maria Corina overspel heeft gepleegd of niet. Ze heeft de schijn tegen zich en in het machismo vallen schijn en werkelijkheid vaak samen.’
Oceano kan in zekere zin niet anders handelen: de gemeenschap dwingt hem zijn eer en zijn autoriteit te beschermen. Als hij in de liefde met zich laat sollen, kunnen de arbeiders op zijn landerijen en zijn politieke tegenstanders dat ook proberen. Is machismo een sociaal verschijnsel?
'Ja. Machismo is tegen vrouwen gericht, maar het veronderstelt wel dat vrouwen tot op zekere hoogte meewerken door de houding van de macho te respecteren. Tenslotte zijn het de andere vrouwen in Parada de Deus die over Maria Corina roddelen en insinueren dat ze vreemdgaat. Oceano’s moeder en zusters halen haar over met haar man naar een afgelegen hoeve te vertrekken, terwijl ze weten dat ze daar zal worden opgesloten. Maria Corina wordt gestraft omdat ze de regels van het machismo niet erkent en als enkeling is ze niet sterk genoeg om dat systeem te veranderen. Net zomin als Oceano’s grootvader, Ze Inacio, die droomt van een ander soort mannelijkheid, maar er niet in slaagt een andere houding aan te nemen omdat zijn omgeving hem dwingt de bullebak uit te hangen. Hij vlucht dan maar in de drank en de literatuur en laat het beheer van zijn landerijen over aan zijn bastaardzoon Heleno, de vader van Oceano.’
Uw roman speelt zich grotendeels af in 1935. Toch onderscheidt het Parada de Deus van de jaren dertig zich slechts in de aanwezigheid van auto’s en grammofoonplaten van dat van honderd jaar daarvoor.
'Er veranderde ook maar weinig in Brazilie. De slavernij werd bijvoorbeeld in de jaren tachtig van de negentiende eeuw afgeschaft, maar de positie van de zwarten bleef dezelfde en deze is tot op heden zeer slecht gebleven. Er begon pas iets te veranderen in de late jaren dertig, onder het bewind van president Vargas, over wie ik trouwens onlangs een roman heb geschreven. Vargas regeerde weliswaar als een dictator, maar hij heeft veel goede dingen tot stand gebracht, zoals een minimumloon voor de arbeiders. Ik ben ervan overtuigd dat hij op die manier heeft voorkomen dat Brazilie een communistische revolutie heeft doorgemaakt. Jammer genoeg draaide men na de oorlog weer veel van zijn hervormingen terug.’
In sociaal opzicht is er wat veranderd, maar geldt dat ook voor het machismo?
'Het machismo is sterk teruggedrongen door de komst van de televisie en vooral door de vele soap opera’s die daarop worden uitgezonden. De makers van die series nemen vaak een zeer progressief standpunt in. Er wordt bijvoorbeeld beweerd dat het helemaal geen ramp is wanneer een meisje geen maagd meer is wanneer ze gaat trouwen en dat het geen schande is als een man af en toe zijn gevoelens toont. De populariteit en de invloed van die series is enorm, zowel in de steden, waar zo'n beetje iedereen een tv heeft, als op het platteland, waar er altijd wel een buurman is bij wie je kunt gaan kijken. Ik geloof dat het niet overdreven is te stellen dat de tv een ware culturele revolutie heeft veroorzaakt.
Vreemd genoeg word ik tegenwoordig als vrouw vooral in het buitenland nogal eens geconfronteerd met machismo. Kort na het verschijnen van Zeg me zijn naam en ik vermoord hem werd er een Duitse vertaling van de roman vervaardigd. Het duurde echter tot 1989 eer ik een uitgever vond die hem accepteerde, en dan nog wel een Zwitserse, die er prompt twintigduizend exemplaren van verkocht. De Duitse uitgevers gaven me al die jaren te verstaan dat ze geen behoefte hadden aan een boek waarin het machismo, een verschijnsel dat volgens hen diep in de Latijnsamerikaanse cultuur was geworteld, werd bekritiseerd. Achteraf bleek dat ze zich niet zelden hadden laten adviseren door manlijke collega-auteurs uit Brazilie die mij mijn succes in eigen land niet gunden, laat staan in het buitenland. Dat heeft me te denken gegeven. De grootste vijanden van derde-wereldliteratuur zijn niet zelden andere auteurs uit de derde wereld, en dat heeft volgens mij alles met machismo te maken.’